'Mensen in Finland, Frankrijk en andere landen zijn jaloers omdat het Verenigd Koninkrijk de brexit heeft geregeld en zijn onafhankelijkheid heeft hersteld. Vrijheid en soevereiniteit zijn populair', schreef Nigel Farage zondagavond op zijn Twitteraccount. Maar klopt dat wel? Volgens de meest recente Eurobarometer, een peiling uitgevoerd door de Europese Commissie, is de tevredenheid over de Europese Unie sinds de brexit net gestegen.
...

'Mensen in Finland, Frankrijk en andere landen zijn jaloers omdat het Verenigd Koninkrijk de brexit heeft geregeld en zijn onafhankelijkheid heeft hersteld. Vrijheid en soevereiniteit zijn populair', schreef Nigel Farage zondagavond op zijn Twitteraccount. Maar klopt dat wel? Volgens de meest recente Eurobarometer, een peiling uitgevoerd door de Europese Commissie, is de tevredenheid over de Europese Unie sinds de brexit net gestegen.Professor Catherine De Vries, hoogleraar politicologie aan Bocconi University in Milaan en verbonden aan de Vrije Universiteit Amsterdam, voert al jarenlang onderzoek naar euroscepticisme. De Britse zakenkrant Financial Times zette haar laatste werk Euroscepticisme en de Toekomst van Europa vorig jaar in het rijtje van de vijf beste boeken over de Europese Unie.De Vries bevestigt de resultaten van de Eurobarometer: 'De steun voor Europese integratie is opvallend toegenomen sinds het brexitreferendum, waardoor de extreme eurokritische partijen zoals het Vlaams Belang, de Nederlandse PVV of de Italiaanse Lega hun standpunten hebben afgezwakt. Maar ik denk dat die aanpassing puur strategisch is: als blijkt dat het Verenigd Koninkrijk wel vaart bij de brexit, dan zullen harde eurosceptici hun kritiek opnieuw aanscherpen.'Catherine De Vries: Het is vooral een erg divers fenomeen met verschillende achtergronden. Een hele kleine groep - vooral in het Verenigd Koninkrijk - is tegen de Europese Unie als entiteit én is ontevreden over het beleid dat er wordt gemaakt. Een veel grotere groep is ambivalent: ofwel zijn ze misnoegd over de resultaten, ofwel zijn ze dat over de manier waarop de Europese Unie werkt. De Vries: Uit onderzoek weten we dat mensen voor brexit hebben gestemd omwille van twee redenen. De eerste is de toename van Oost-Europese arbeidsmigranten in het Verenigd Koninkrijk na de uitbreiding van de Europese Unie in 2004. Oostenrijk en Duitsland namen destijds een hoop maatregelen om die migratie te beperken, terwijl toenmalig premier Tony Blair de goedkope arbeidskrachten als een economische opportuniteit beschouwde. De tweede reden is de besparingspolitiek na de financieel-economische crisis van 2008. Maar ook daarvoor ligt de verantwoordelijkheid voornamelijk bij de nationale politiek. De Vries: Precies. Euroscepticisme is een relatief fenomeen: mensen kijken naar de nationale situatie en vergelijken dat met wat er rondom hen gebeurt. Tijdens de financiële crisis viel de aversie van de Grieken tegenover de Europese Unie al bij al mee, net omdat het er in eigen land zo slecht aan toe ging. Bij het Verenigd Koninkrijk zagen we het omgekeerde: naar aanloop van het brexitreferendum verkeerde de eurozone al een tijdlang in crisis, terwijl de Britten het met de eigen munt relatief goed bleven doen. Ze hadden daardoor het gevoel dat ze beter op eigen benen konden staan. Bovendien is er doorgaans maar weinig kennis over de Europese Unie. De positieve effecten worden vaak aan het nationale niveau toegeschreven, terwijl negatieve gebeurtenissen al snel in de schoenen van Brussel worden geschoven. De Vries: Brussel is te vaak aan het navelstaren. Misschien zorgt meer kennis wel voor meer tegenstand: de steun voor de Unie zou niet toenemen als burgers uit Noord- en West-Europa beseffen dat ze financieel bijdragen aan Zuid- en Oost-Europese lidstaten. De Europese Unie moet een verhaal ontwikkelen dat de positieve effecten op nationaal vlak benadrukt zonder het minder fraaie onder de mat te schuiven. De Vries: Inderdaad. Onder het voorzitterschap van José Manuel Barroso beweerde de Europese Commissie vrijwel altijd dat het een apolitiek orgaan is. Die technocratische aanpak verhult echter dat de Commissie wel degelijk politieke keuzes maakt. Een foute aanpak, want over die keuzes moet je kunnen discussiëren. Daarom vind ik die populistische revolte helemaal niet zo slecht. Voor een heleboel politici is het een broodnodige wake-upcall. De Vries: Veel politici vergeten uit te leggen waarom ze meer of minder Europa willen. En hoe ze dat willen bereiken. Frans Timmermans (de recent aangestelde Europese Commissaris van Klimaat, nvdr.) voerde in dat opzicht een geslaagde Europese campagne. Hij was eerlijk over zowel de kosten als de baten. Hij was niet te beroerd om aan te geven dat het op sommige vlakken ook met minder Europa kan. Ook de Franse president Emmanuel Macron gaat die richting uit. Dat wekt vertrouwen, in tegenstelling tot de goednieuwsshow die soms wordt verkocht. De Vries: Op lange termijn is alles nog mogelijk. Er bestaat niet zoiets als een principiële loyaliteit aan de Europese Unie. Mensen maken simpelweg een kosten-batenanalyse. Als het Verenigd Koninkrijk van de brexit een succesverhaal kan maken, zal dat niet onopgemerkt blijven. Natuurlijk is het voor kleine stichtende landen zoals België veel moeilijker om uit de Europese Unie te stappen, maar uitsluiten doe ik het niet. De Vries: In Italië heerst er inderdaad heel wat onvrede over de Europese aanpak van beide crisissen. Maar in eigen land gaat het niet goed genoeg om de Unie te verlaten. Ik kan me bovendien niet voorstellen dat de Italianen plots terug met de lire gaan betalen. Salvini is veeleer van plan om het Europese project van binnenuit naar zijn hand te zetten. De Vries: Het plan van Salvini. Als die het tot eerste minister schopt en een verbond smeedt met andere harde anti-Europese leiders, dan kunnen ze samen de broodnodige hervormingen gemakkelijk blokkeren in de Europese Raad en de Raad van de Europese Unie.