Het geld klotst vandaag tegen de plinten. Aan miljarden lijkt plots geen gebrek om een economische depressie te vermijden. Zo wil de Knokse burgemeester Leopold Lippens 200 euro uitdelen aan de eigenaars van een tweede verblijf in zijn gemeente. Als ze er niet gedomicilieerd zijn, mogen ze er nu even niet naartoe. Om dat wat te compenseren krijgen ze een waardebon die ze binnen een bepaalde periode moeten uitgeven bij middenstanders in Knokke. De eigenaars van een tweede verblijf betalen dit jaar een heffing van 760 euro en krijgen daarvan dus 200 euro terug.
...

Het geld klotst vandaag tegen de plinten. Aan miljarden lijkt plots geen gebrek om een economische depressie te vermijden. Zo wil de Knokse burgemeester Leopold Lippens 200 euro uitdelen aan de eigenaars van een tweede verblijf in zijn gemeente. Als ze er niet gedomicilieerd zijn, mogen ze er nu even niet naartoe. Om dat wat te compenseren krijgen ze een waardebon die ze binnen een bepaalde periode moeten uitgeven bij middenstanders in Knokke. De eigenaars van een tweede verblijf betalen dit jaar een heffing van 760 euro en krijgen daarvan dus 200 euro terug. Nu is 200 euro niet veel, zeker niet voor iemand die zich iets in Knokke-Heist kan veroorloven. Men kan zich afvragen of het wel fair is dat juist zij een extraatje krijgen. Het zal burgemeester Lippens worst wezen. Want zijn initiatief betekent ook dat de Knokse middenstand, allemaal potentiële kiezers, 3 tot 4 miljoen extra omzet zal kunnen boeken en dat zal welkom zijn, nadat het kusttoerisme weken heeft platgelegen. De zet van burgemeester Lippens wordt weleens helikoptergeld genoemd, maar dat klopt niet helemaal. Het was de Amerikaanse econoom Milton Friedman die in 1969 als eerste deze term gebruikte en hij bedoelde ermee dat de centrale bank (de 'helikopter') geld bijdrukt en aan iedereen uitdeelt. De overheid is daar niet rechtstreeks bij betrokken. In Knokke is dat wel het geval: er wordt geen nieuw geld gecreëerd, het belastinggeld uit de gemeentekas wordt herverdeeld. De voorzitter van de Hoge Raad van Financiën, Herman Matthijs (VUB en UGent), formuleerde op de site van Knack onlangs wél een helikoptergeldvoorstel: de Europese Centrale Bank (ECB) zou aan de 315 miljoen mensen met een euronationaliteit een cheque van 3000 euro geven. Totale kostprijs: 945 miljard. Elk land kan op de cheque de belasting heffen die het wil. Stel dat België 33 procent zou heffen, dan krijgt de overheid 1000 euro per burger en houdt elke landgenoot 2000 euro over. Dat zou de overheid meer dan 11 miljard opleveren, de Belgische bevolking meer dan 22 miljard. 'Dat zou een directe én immense push geven aan de consumptie en de heropleving van de economie', aldus Matthijs. Of er een of andere vorm van helikoptergeld zal komen? Misschien. Peter Praet liet in 2016, toen hij nog hoofdeconoom van de ECB was, uitschijnen dat het een mogelijkheid was en toen was er van een coronacrisis nog geen sprake. Vooralsnog beperkt de ECB zich tot het opkopen van schulden, obligaties van bedrijven en staten, waarvoor ze tot eind dit jaar 750 miljard uittrekt. Op die manier houdt de ECB de rente laag en kan iedereen goedkoop lenen. En met dat geld kan dan geconsumeerd en geïnvesteerd worden, wat de economie moet stimuleren. Heel veel is daar niet van te merken, maar het verweer van de ECB is dan steeds: hadden we het niet gedaan, het zou nog véél erger zijn. Ondertussen woedt er ook de discussie over het lanceren van euro-obligaties, waarbij de landen niet meer apart, maar gezamenlijk leningen afsluiten. Financieel zwakke landen, zoals Italië, zouden dan goedkoper kunnen lenen dankzij de financiële gezonde landen als Duitsland en Nederland, die meer rente moeten betalen dan als ze op hun eentje zouden gaan lenen. Daarom zijn deze rijke landen ook niet voor die euro-obligaties te vinden. In afwachting trekt Europa alvast een blik noodfondsen open. Zo is er het Europees Stabiliteitsmechanisme (ESM), een spaarpot met 410 miljard die tijdens de financiële crisis werd opgestart om leningen te verstrekken aan eurolanden met financiële problemen. Het geld komt via een financiële constructie van de eurolanden. Daarnaast heeft de Europese Commissie een Europees systeem van tijdelijke werkloosheid opgestart om massaontslagen te vermijden, loonverlies te beperken en de economie draaiende te houden. Aan dit SURE-project (Support to mitigate Unemployment Risks in an Emergency) wil ze 100 miljard besteden. Dat geld gaat ze lenen op de financiële markten en vervolgens doorlenen aan de landen die erom vragen. Alle 27 EU-lidstaten stellen zich daarbij garant voor 25 miljard, zodat het dus eigenlijk neerkomt op een vorm van euro-obligaties. Bij ons bestaat het systeem van tijdelijke werkloosheid al. Als gevolg van de coronacrisis zitten daar nu 1,25 miljoen mensen in. Zij krijgen van de Rijksdienst voor Arbeidsvoorziening 70 procent van hun loon. De kostprijs is afhankelijk van hoelang de tijdelijke werkloosheid zal aanhouden, maar voor één maand komt dat al snel uit op meer dan één miljard euro. Een derde van het geld komt van een specifieke werkgeversbijdrage voor tijdelijke werkloosheid, de rest via sociale bijdragen, gestort door werkgevers en werknemers, en van de overheid die het tekort bijpast. Daarvoor stort die om te beginnen een deel van de btw-ontvangsten en inkomsten uit de roerende voorheffing door, de zogenaamde 'alternatieve financiering'. Het gat dat er dan nog is, vult de regering met de 'evenwichtsdotatie'. Vorig jaar, dus zonder corona, bedroeg die 'evenwichtsdotatie' voor de sociale zekerheid al 1,5 miljard euro. Onze federale en regionale overheden lanceerden nog talrijke maatregelen als gevolg van corona. Vlaanderen kwam met een hinderpremie van 4000 euro voor elke onderneming die haar deuren moest sluiten en een compensatiepremie van 3000 euro voor elke onderneming die minstens 60 procent omzetverlies boekt. Dit alles zal grote gevolgen hebben voor de overheidsfinanciën. In normale tijden zouden we jarenlang een soberheidsbeleid moeten voeren om die tekorten weg te werken. Maar er is nog een andere mogelijkheid: de Europese Centrale Bank zou die schulden kunnen financieren of overnemen. Volgens het Verdrag van Maastricht mag de ECB geen overheden met geld bijspringen, maar om de financiële kraters veroorzaakt door corona te vullen zal out of the box worden gedacht. Natuurlijk zullen de overheden een weloverwogen begrotingsbeleid moeten voeren, waarbij wordt gekeken naar elke euro én tegelijkertijd de economie wordt gesteund. Om te voorkomen dat onze economie in een depressie belandt en jarenlang gebukt zou gaan onder een lagere productie en consumptie, zou de ECB geld kunnen bijdrukken en overmaken aan de landen. Sommigen waarschuwen dat dit de prijzen de hoogte zou injagen en zou leiden tot superinflatie, maar economen zijn nu eerder bang van deflatie: dat de prijzen zakken en mensen hun aankopen uitstellen, zodat de prijzen nóg zakken. Dan valt de economie helemaal stil en dat moet koste wat kost worden vermeden. De ECB bezit het alleenrecht om de geldpersen te doen draaien. 'Een centrale bank kan uit het niets oneindig veel geld creëren', zei professor Paul De Grauwe (London School of Economics) daarover in De Tijd. Waarom we dat dan nooit eerder hebben gedaan? Omdat de brandweer ook niet uitrukt als er rook uit een mesthoop komt. Uitzonderlijke omstandigheden vragen om uitzonderlijke maatregelen. En het zijn nu uitzonderlijke omstandigheden. 'Een centrale bank heeft altijd buskruit', weet De Grauwe. 'Ze kan op haar balans nulletjes toevoegen, er is geen limiet.'