Volgens nieuwe en voorlopige berekeningen van onze overheidsdiensten zal België tussen 2028 en 2058 een bedrag van 17,4 miljard euro moeten betalen aan het Europese herstelfonds voor het coronavirus. Over de inkomsten bestaat nog geen duidelijkheid, buiten het feit dat België minstens 5,106 miljard ontvangt.
...

Volgens nieuwe en voorlopige berekeningen van onze overheidsdiensten zal België tussen 2028 en 2058 een bedrag van 17,4 miljard euro moeten betalen aan het Europese herstelfonds voor het coronavirus. Over de inkomsten bestaat nog geen duidelijkheid, buiten het feit dat België minstens 5,106 miljard ontvangt. Waarover gaat het? De Europese Commissie stelde eind vorige maand een alomvattend herstelfonds voor om de Europese economie een nieuwe impuls te geven na het coronavirus. Met het voorstel - er ligt nog niets vast - wil de Commissie 750 miljard euro lenen op de kapitaalmarkten. Het bedrag bestaat uit 500 miljard aan subsidies en 250 miljard aan leningen. Dat geld moet vervolgens via subsidies en leningen onder voorwaarden aan de lidstaten te verstrekken. Bedoeling is vooral om de landen die het zwaarst getroffen werden op economisch vlak én die over minder financiële middelen beschikken een duw in de rug te geven. Het herstelfonds komt bovenop het commissievoorstel over de Europese meerjarenbegroting ter waarde van 1,1 biljoen euro. De Commissie stelt voor om het volledige bedrag van het herstelfonds tussen 2028 en 2058 terug te betalen zodat de budgettaire impact van het fonds op de nationale begrotingen wordt gespreid doorheen de tijd. Von der Leyen heeft daarbij ook de piste aangeboden om de Commissie nieuwe eigen inkomsten te geven. Een handigheidje waarmee de lidstaten de terugbetaling niet enkel voor eigen rekening moeten nemen én de Commissie (tijdelijk) meer bevoegdheden verwerft. Momenteel woedt een hevige discussie binnen en tussen lidstaten over het volledige pakket. Onder meer Nederland en Oostenrijk tonen nog heel wat verzet. Aanstaande vrijdag vergaderen de Europese staats- en regeringsleiders over de kwestie, een doorbraak wordt nog niet verwacht. De Belgische diensten hebben intussen een eerste raming gemaakt van het bedrag dat ons land zou moeten bijdragen aan het herstelfonds. Daarbij werd geen rekening gehouden met de piste dat de Commissie eigen inkomsten zou krijgen. Het gaat met andere woorden nog steeds om een inschatting die de komende maanden - afhankelijk van wat de lidstaten en het Europees Parlement overeenkomen - kan veranderen. Bovendien is momenteel nog niet geweten welk percentage van het bruto nationaal inkomen de lidstaten aan de toekomstige meerjarenbegrotingen vanaf 2028 zullen moeten betalen. Momenteel is de Belgische bijdrage ongeveer goed voor 3,34 procent van de totale Europese begroting. Dat aandeel zou tussen 2021 en 2027 naar 3,48 procent stijgen, goed voor een bijkomende som van 1,5 miljard euro (in prijzen van 2018, niet gecorrigeerd voor inflatie) gespreid over de zeven jaar. Wetende dat België geen budgettaire impact zal ondervinden van de leningen ter waarde van 250 miljard, gaat de inschatting enkel over de 500 miljard subsidies. De overheidsdiensten hebben het percentage van 3,48 procent van de meerjarenbegroting genomen en dat toegepast op het bedrag van 500 miljard. Zo komen ze aan het bedrag van 17,4 miljard euro dat België zal moeten bijdragen gespreid over de periode van dertig jaar. Natuurlijk zou België ook geld ontvangen uit de pot. Daarover hebben de diensten nog geen specifiek zicht. Wel is geweten dat België minstens 5,106 miljard euro uit het Europees herstelfonds zou ontvangen. Dat bedrag zal nog hoger uitvallen, aangezien dat bedrag uit twee delen van het herstelfonds komt die samen goed zijn voor een som van slechts 310 (van de 750) miljard euro. Binnen regeringskringen valt te horen dat het rekenwerk over de bijdragen zo goed als afgerond is. 'Het is mogelijk dat de cijfers na de komma uiteindelijk nog een beetje veranderen', klinkt het.