Half april had het Grondwettelijk Hof in Warschau er schoon genoeg van. Ombudsman en mensenrechtencommissaris Adam Bodnar moest de laan uit. Al eind september 2020 liep zijn ambtstermijn officieel af. Het Hof, volgestouwd met getrouwen van de rechts-nationalistische regeringspartij Recht en Rechtvaardigheid, gaf Bodnar nog krap drie maanden extra. Een opvolger is niet in zicht. De rechtse regering en liberaal-linkse oppositie raken het niet eens. Verbazing wekt dat niet: in Polen raken die twee politieke kampen het haast nergens over eens.
...

Half april had het Grondwettelijk Hof in Warschau er schoon genoeg van. Ombudsman en mensenrechtencommissaris Adam Bodnar moest de laan uit. Al eind september 2020 liep zijn ambtstermijn officieel af. Het Hof, volgestouwd met getrouwen van de rechts-nationalistische regeringspartij Recht en Rechtvaardigheid, gaf Bodnar nog krap drie maanden extra. Een opvolger is niet in zicht. De rechtse regering en liberaal-linkse oppositie raken het niet eens. Verbazing wekt dat niet: in Polen raken die twee politieke kampen het haast nergens over eens. En zo blijft Bodnar dus nog enkele weken ombudsman. Samen met zijn medewerkers moet hij erop toezien dat de wetgeving geen inbreuk maakt op de rechtsstaat, de rechten van minderheden zoals lgbtq's, de vrije meningsuiting en dito pers. Bespeurt hij een mogelijke overtreding, dan kan Bodnar naar een rechtbank trekken om het beleid aan te vechten. In die zes jaar op de barricades van de rechtsstaat heeft hij de Poolse democratie steeds meer zien verkruimelen: 'Het was een dramatische periode in de Poolse geschiedenis. De regeringspartij rekt haar macht op veel domeinen stelselmatig op. Kijk naar de benoeming van bevriende rechters, onder meer in het Grondwettelijk Hof, en de onderwerping van openbare aanklagers aan het rechtstreekse gezag van minister van Justitie Zbigniew Ziobro (boegbeeld van de kleine, ultrarechtse coalitiepartner Polen Solidair, nvdr). Recht en Rechtvaardigheid wil niet enkel eigen beleidsaccenten leggen. De rechts-nationalisten zijn er werkelijk op uit om het hele politieke systeem van binnenuit te veranderen.' Adam Bodnar: Nog niet, nee. Alle democratische instellingen lijken naar behoren te werken. Maar kijk je van naderbij, dan zie je dat de regerende partij steevast een voordeel heeft tegenover de oppositie, omdat ze de instrumenten verwerft om die voorsprong uit te bouwen. In Polen zijn die instrumenten de totale onderwerping van de openbare media, het gebruik van staatsbedrijven om politieke ambities waar te maken, het schorsen van kritische rechters en het aanspannen van talrijke processen tegen opposanten om henzelf en hun aanhangers angst aan te jagen. Er zijn nog steeds rechters die mensen van dergelijke pesterijen vrijwaren, maar hoelang houden die het nog vol met al die aanvallen van de regeringspartij tegen het juridische apparaat? Ook ik heb zes jaar lang geprobeerd een dam op te werpen. Maar soms heb ik het idee dat ik louter symbolisch actie ondernam, zonder veel invloed in het ware leven. Bodnar: Ja, maar die unie tussen de kerk en de rechtse partijen bestaat al heel lang. Nu zie je dat bondgenootschap in de sympathie van de overheid voor mensen zoals Tadeusz Rydzyk (oprichter van de ultramontaanse zender Radio Maryja, nvdr) of rechtse organisaties zoals Ordo Iuris (die onder meer pleit voor een strenge abortuswet, nvdr). Tegelijk merk je dat de overheid niet warmloopt om de vele pedofilieschandalen met geestelijken uit te spitten. De juridische macht wordt niet tot snelle en harde actie aangezet. Dit is de koehandel tussen kerk en regering: bescherming voor kerkleiders in pedofilieschandalen in ruil voor politieke steun. Bodnar: Medewerkers bij het Poolse ministerie van Justitie zijn bijzonder bedreven in het vinden van landen waar deze of gene procedure lijkt op wat de Poolse regering doet of wil. Maar als Spanje, Frankrijk of België het 'voorbeeld' geeft, smelt dan de kritiek op de Poolse plannen, hoe funest die ook zijn? Nee toch? Sinds daar regeringsvriendelijke rechters zijn benoemd, wordt het Grondwettelijk Hof gebruikt in het politieke schaakspel. Twee voorbeelden: het was het Grondwettelijk Hof dat eind oktober de nieuwe, strenge abortuswet (waarbij een zware handicap van de foetus niet langer als reden voor abortus geldt, nvdr) schreef, en het was hetzelfde Hof dat half april mijn ontslag heeft bedisseld. Zo worden die hete aardappelen uit het politieke debat geëvacueerd. Maar dat is niet de taak van een Grondwettelijk Hof. Bodnar: De vrije media. De regering wil via het staatsoliebedrijf Orlen een omvangrijke portefeuille kopen van Polska Press, een netwerk van lokale kranten, radiozenders en magazines. Als dat lukt, zullen miljoenen Polen voor hun nieuws afhankelijk zijn van louter regeringsvriendelijke media. Daarom ben ik naar de rechtbank gestapt om de verkoop tegen te houden. Afwachten wat het verdict wordt. Er bestaan natuurlijk nog vrije, onafhankelijke media. Maar de ruimte voor kritische journalistiek wordt er niet groter op. Bodnar: Naar mijn smaak zou de Commissie van Ursula von der Leyen hardere strafmaatregelen moeten uitvaardigen tegen Polen. Bodnar: Ja, er is bitter weinig ruimte voor een open debat. Gelukkig zijn er enkele thema's waar de tegenstanders elkaar toch kunnen vinden: de zorg voor ouderen en gehandicapten wil iedereen uitgebreid zien, de ernst van het klimaatprobleem wordt van alle kanten erkend. Ook de covidpandemie lijkt verbindend te werken. Maar vooral in de geopolitiek staan de Poolse neuzen in dezelfde richting: iedereen is voor lidmaatschap van de NAVO en de Europese Unie, iedereen wantrouwt het Rusland van Poetin en iedereen steunt de oppositie tegen Loekasjenko in Wit-Rusland. Dat zijn toch enkele domeinen waarop Polen elkaar kunnen vinden.