Zijn schrijvers niet per definitie oplichters? Charlatans die goedgelovige lezers op sleeptouw nemen door een sprookjesland vol avontuur en fantastische verhalen? Het is een bedenking die me halverwege Het mirakel van België overvalt. Maarten Inghels' roman over meesteroplichter Piet Van Haut leest als een pageturner. Bij elke pagina snak je naar een nog straffere anekdote, naar nog een stunt van Van Haut. Maar gaandeweg sluipt de twijfel binnen. Heeft Inghels de fraudeur wel echt ontmoet? Gingen ze daadwerkelijk samen de hort op om argeloze slachtoffers geld af te troggelen? Kortom: wie wordt hier eigenlijk bedot?
...

Zijn schrijvers niet per definitie oplichters? Charlatans die goedgelovige lezers op sleeptouw nemen door een sprookjesland vol avontuur en fantastische verhalen? Het is een bedenking die me halverwege Het mirakel van België overvalt. Maarten Inghels' roman over meesteroplichter Piet Van Haut leest als een pageturner. Bij elke pagina snak je naar een nog straffere anekdote, naar nog een stunt van Van Haut. Maar gaandeweg sluipt de twijfel binnen. Heeft Inghels de fraudeur wel echt ontmoet? Gingen ze daadwerkelijk samen de hort op om argeloze slachtoffers geld af te troggelen? Kortom: wie wordt hier eigenlijk bedot? Van Haut bestaat wel degelijk. Hij is een aandachtsgeile fantast die weduwen en banken oplicht en zich voordoet als procureur-generaal, diplomaat, directeur van de Belgische Spoorwegen en ceo van farmagigant Johnson & Johnson. In die hoedanigheden plundert hij spaarrekeningen en is hij het gerechtelijke apparaat meermaals te slim af. Ooit pleitte Van Haut zichzelf vrij. Een andere keer kon hij rekenen op de steun van topadvocaat Jef Vermassen, die zijn cliënt 'een deugniet' noemde. Ondertussen pronkt hij op het internet met 'zijn' Lamborghini's en dates met luxe-escorts. Niet meteen een man die je in je leven wilt. Maar dat is buiten Inghels gerekend. Hoewel de schrijver, die door Van Haut tot biograaf werd gebombardeerd, hem meermaals duidelijk probeert te maken dat hij alleen een roman wil schrijven, snapt de beroepsleugenaar dat ironisch genoeg niet. 'Hoezo is mijn leven fictie? Alles is waargebeurd. Of toch bijna.' Voelt u zich nog wel goed in die opgelegde rol, nu Het mirakel van België in de winkels ligt? Maarten Inghels: Het is de neerslag van een paar dolle jaren. Eerst waren mijn contacten met Van Haut schaars. Ik hoorde hem soms maanden niet. Maar nu hij het eerste exemplaar heeft ontvangen, belt hij me meerdere keren per dag op. En hij maakt meteen misbruik van zijn nieuwe status van beroemde oplichter over wie een biografie is geschreven. Zo belde hij naar mijn vorige uitgever, De Bezige Bij, om tienduizend euro voorschot los te weken, geld waarop hij natuurlijk geen recht heeft. Hij hing ook al aan de lijn met mijn huidige uitgever. Of we niet dringend een tweede deel moeten publiceren, want hij heeft nog wel wat andere verhalen in zijn mouw zitten. Op YouTube komt hij over als een knullige man. Een stotteraar in een slecht zittend pak die megalomane onzin uitkraamt. Niet meteen de gladjanus die je verwacht. Wie vertrouwt nu zo iemand? Inghels: Hij wil dat je hem onderschat. Als hij eenmaal op dreef is, is hij zeer rad van tong. Hij vertelt vlotter verhalen dan ik, en ik lééf van verzinsels. Ik heb hem horen bellen met bankdirecteurs en advocaten. Zonder een krimp te geven dist hij hen ongelofelijke verhalen op over miljoenen euro's die op een geblokkeerde offshoreaccount staan. Dan vraagt hij of ze hem even wat geld kunnen lenen om dat bedrag vrij te maken. Aan de andere kant van de lijn valt de hebzucht haast te horen, en daarvan maakt hij misbruik. Geef hem een vinger en hij slokt je helemaal op. Veel van zijn slachtoffers houdt hij zo jarenlang aan het lijntje. Toch lijkt het hem niet om het geld te doen. Hij schenkt soms grote bedragen weg. Hebt u kunnen achterhalen wat hem drijft? Inghels: Hij is dol op aandacht. Van zijn slachtoffers, van zijn advocates die hij bij bosjes liet opdraven in strakke spijkerbroeken. En vooral van de media. Hij belt redacties plat in de hoop de krant of de televisie te halen. Zelf wijt hij dat aan zijn gruwelijke jeugd. Au fond is hij een eenzame man - of beter: een kind dat een volwassen man speelt, want in de omgang is hij soms aandoenlijk. Dat maakt hem niet minder gevaarlijk. Op een bepaald moment beweerde hij dat hij zijn naam in Maarten Inghels had laten veranderen. Dan slaat de paranoia wel toe en denk je: wie weet wat hij in mijn naam uitspookt? In uw boek noemt u hem een symbool voor België. Hebben we een zwak voor oplichters? Inghels: Hij wurmt zich telkens in de actualiteit. Zijn naam duikt op bij de dossiers over Marc Dutroux, Lernout & Hauspie en de Roze Balletten. Telkens spuit hij mist en zet hij het gerecht voor schut. Narren die het overheidsgezag tarten en rijkaards uitbuiten wekken in Vlaanderen blijkbaar sympathie op. Hij past ook in de literaire traditie van schelmenromans zoals Pallieter en Van den vos Reynaerde én hij belichaamt ons eigen narcisme, onze hang naar roem, onze hunkering naar liefde en seks. Onze zelfpromotie op sociale media is daar maar een symptoom van. In een tijdperk waarin een narcistische clown als Donald Trump president van de VS kan worden, is de wereld voor Van Haut een speeltuin geworden. Op het einde van uw boek wordt de toon grimmiger. Hoe zult u die man uit uw leven krijgen? Inghels: Ook ik werd aan het lijntje gehouden, deels door mijn honger naar nog meer sterke verhalen, deels omdat ik er maar niet in slaagde de waarheid te achterhalen. Telkens weer gaf hij me stukjes van de puzzel, en met elk stukje werd het mysterie groter. In die zin lijkt een roman - voor alle duidelijkheid: het blijft fictie - op een complottheorie. Elk brokje informatie kan in een groter geheel passen. Het is aan de schrijver om ze allemaal aan elkaar te lijmen. In dit geval dreef het mij bijna tot waanzin. Daarom vertel ik ook over mijn vergaderingen met De Bezige Bij. Mijn toenmalige redactrice, Suzanne Holtzer, snapte niet waarom ik zo gefascineerd was door die bizarre man, ze zag er geen verhaal in. In mijn paranoia dacht ik dat Van Haut haar bestookt had met rare telefoontjes en dat ze daardoor afgeschrikt werd. Het toont aan hoe geïsoleerd ik was geraakt. Das Mag was heel enthousiast om de roman uit te geven. Dat heeft niets te maken met het feit dat Piet ons probeert wijs te maken dat we makkelijk honderdduizend exemplaren van Het mirakel van België zullen verkopen. Bij de lancering kocht hij prompt honderd exemplaren op om uit te delen aan zijn contacten, maar of dat voldoende zal zijn? Ik vrees dat hij teleurgesteld zal worden. Vooralsnog heeft hij meer slachtoffers gemaakt dan ik lezers heb. Hij is totaal onvoorspelbaar en ik denk dat ik hem beter te vriend houd. Want zodra je op zijn zwarte lijst staat, aarzelt hij niet om wraak te nemen. Waarschijnlijk zal hij voor altijd in mijn leven blijven spoken.