Politici zeggen wat ze na de verkiezingen willen doen, en onafhankelijke experts rekenen uit wat die voorstellen gaan kosten: het is een goed, simpel en helder idee, en toch kreeg het de laatste dagen veel kritiek. Het Planbureau stelde afgelopen vrijdag zijn 'doorrekening' van een rist voorstellen van de politieke partijen voor, van een lagere personenbelasting over goedkopere geneesmiddelen of het openhouden van twee gigawatt aan kerncentrales tot een verhoging van het leefloon.
...

Politici zeggen wat ze na de verkiezingen willen doen, en onafhankelijke experts rekenen uit wat die voorstellen gaan kosten: het is een goed, simpel en helder idee, en toch kreeg het de laatste dagen veel kritiek. Het Planbureau stelde afgelopen vrijdag zijn 'doorrekening' van een rist voorstellen van de politieke partijen voor, van een lagere personenbelasting over goedkopere geneesmiddelen of het openhouden van twee gigawatt aan kerncentrales tot een verhoging van het leefloon. De belangrijkste kritiek was terecht. Partijen konden 'à la carte' de maatregelen kiezen die ze wilden laten becijferen. Ze lieten dus ook belangrijke maatregelen níét narekenen als die op een of andere manier geen reclame voor de eigen winkel zijn, bijvoorbeeld als ze bleek afsteken tegenover voorstellen van concurrenten of als de plannen belachelijk duur zijn. Niet iedereen hield rekening met dat laatste. De directeur van het Planbureau had het bij de lancering van het rapport over een partij - die hij niet wilde noemen - die een belastingmaatregel had voorgesteld die 30 miljard zou kosten. De directeur bleef beleefd: 'Daarvoor hebben wij gepast.' Wat hij bedoelde was: dat is te zot voor woorden. Andere voorstellen vinden partijen zelf dan weer echt noodzakelijk, terwijl ze er liever toch niet te veel woorden aan vuil maken. Bijvoorbeeld omdat ze de bevolking pijn zullen doen. In deze onvoorspelbare verkiezingscampagne durft geen enkele partij dat aan. Zelfs de politici die van 'parler vrai' hun handelsmerk hebben gemaakt, brengen vandaag liever geen moeilijke boodschappen. Waar zitten de politici met lef? Of zeggen we alleen maar de harde waarheid als die over migranten en werklozen gaat - en niet over de portemonnee van de middenklasse? Om goed te zijn zouden de resultaten onderling vergelijkbaar moeten zijn. Nu kan de lezer van de excelletjes van het Planbureau al eens duizelig worden als hij probeert uit te zoeken wie er het beste rapport kreeg. Dat mistgordijn was de bedoeling. De spelregels van de cijferoefening - de eerste doorrekening van verkiezingsvoorstellen door het Planbureau ooit - zijn een politiek compromis. Hier mocht geen duidelijke 'winnaar' uitkomen. De volgende keer moet de doorrekening completer zijn. En vooral: de volgende keer moet het allemaal minimaal realistisch blijven. Met het aanzienlijke begrotingstekort dat we nu al hebben, vallen eigenlijk alleen maar min of meer budgetneutrale totaalplannen serieus te nemen. Alleen de N-VA, Groen en de SP.A hebben die voorgelegd. Of zoals het Planbureau het zegt: 'De partijen die de grootste stijgingen laten optekenen op het gebied van economische groei, reëel beschikbaar inkomen van de particulieren en jobcreatie' - de partijen met de mooiste cadeaus, dus - zijn ook de partijen die zich schuldig maken aan de 'grootste verslechtering van het financieringssaldo en de grootste toename van de schuldgraad'. Samengevat: de bomen groeien niet tot in de hemel. Of in het schoon Vlaams: een beetje serieus blijven, alstublieft. Toch was de oefening zonder meer boeiend. De kiezer kwam bijvoorbeeld te weten dat het Planbureau de sluiting van de kerncentrales tegen 2025 níét compleet onrealistisch vindt - tegen alle bangmakerij in. Werklozen zullen het bijna zeker moeilijker krijgen: zelfs de SP.A focust volop op de hardwerkende Vlaming, en veel minder op de onderklasse. Groen, dat nochtans een rijker electoraat wordt toegedicht, neemt koopkracht weg bij de topverdieners om de allerarmsten beter te verzorgen. En het Planbureau vindt het geen uitgemaakte zaak dat de beperking van de werkloosheidsuitkering in de tijd veel meer mensen aan het werk zal helpen. Het valt te vrezen dat de regering-Michel vooral herinnerd zal worden vanwege haar profileringsdrang, de oorlogjes op sociale media en de kloof tussen wat ze zei en wat ze deed. De laatste maanden zijn dan ook ironisch. De Twitter-regering die constant in campagnemodus was, eindigt in een kiesstrijd waarin vooral met degelijke rapporten, rationele argumenten en veel cijfers wordt gediscussieerd. De uitgebreide rapportage van het Planbureau mag dan op bepaalde vlakken onvolkomen zijn, ze stelt een aantal keuzes op scherp. Open VLD heeft naar aanleiding van de doorrekening zelfs haar verlaging van de personenbelasting aangepast, omdat die de rijkste dertig procent Belgen wel érg veel voordelen gaf. De kwaliteit van het debat lag de laatste weken gemiddeld hoger dan de kleine vijf jaar ervoor. Dat zegt iets over de waarde van het rapport van het Planbureau. Het zegt helaas ook iets over de regering-Michel.