Laat u hen weer hartverscheurend schreeuwen?

SARAH VANHEE: Neen, maar de film is wel een gevolg van I screamed, I screamed and I screamed. Tijdens die performance, in het kader van de videokunstbiënnale Contour 2013 in Mechelen, maakte ik met Mechelse gevangenen een schreeuwkoor. Ik schreeuwde van buiten de gevangenismuren, zij tierden vanuit hun cel. Nadien wilde ik meer doen met hen, hun verhalen én het feit dat mijn beeld over 'de gevangene' was bijgesteld. Van zodra iemand in de gevangenis belandt, dehumaniseren we hem of haar. Waarom? Waarom luisteren we, terecht, naar het verhaal van het slachtoffer maar willen we het verhaal van de dader niet horen? In mijn film zegt een van de gedetineerden: 'De tranen van de moeder van een dader z...

SARAH VANHEE: Neen, maar de film is wel een gevolg van I screamed, I screamed and I screamed. Tijdens die performance, in het kader van de videokunstbiënnale Contour 2013 in Mechelen, maakte ik met Mechelse gevangenen een schreeuwkoor. Ik schreeuwde van buiten de gevangenismuren, zij tierden vanuit hun cel. Nadien wilde ik meer doen met hen, hun verhalen én het feit dat mijn beeld over 'de gevangene' was bijgesteld. Van zodra iemand in de gevangenis belandt, dehumaniseren we hem of haar. Waarom? Waarom luisteren we, terecht, naar het verhaal van het slachtoffer maar willen we het verhaal van de dader niet horen? In mijn film zegt een van de gedetineerden: 'De tranen van de moeder van een dader zijn even bitter als de tranen van de moeder van een slachtoffer.' VANHEE: Nooit. Ik werkte met zeven bewoners van de gevangenis van Leuven. Dat is een van de weinige gevangenissen waar zulke initiatieven nog kunnen én waar mensen een langere tijd vastzitten omdat ze zware feiten pleegden. Twee maanden lang spraken we elkaar wekelijks in een zaaltje. Ik hoefde niet te weten wat ze mispeuterd hadden, zij waren mijn experten. Dat zei ik hen ook. Wie kan beter advies geven bij het maken van een misdaadscenario dan een ex-misdadiger? Dit project gaf hen ook de kans om hun verbeelding te gebruiken. Ik geloof in fictie als een vrijplaats. De gedetineerden moesten niet alweer 'hun versie van de feiten' geven. Ze konden een verhaal verzinnen of hun eigen verhaal vanuit een ander perspectief bekijken. Per gesprek ontwikkelden we de plot. VANHEE: Als kijker ben je getuige van gesprekken waarin zich een moordplot ontwikkelt. Je maakt ook je eigen verhaal over die zeven mannen. Omdat ze niet herkenbaar gefilmd mochten worden, zijn alle beelden wazig. Je kijkt naar een landschap van vlekken. Je ziet hen niet scherp en je kunt hen ook niet scherp veroordelen. Net dat doen we in ons land te snel. Onze cultuur is - zeker in deze tijden van verrechtsing - gericht op straf en wraak, en amper op herstelrecht. Op 13 juli 2017 kreeg België opnieuw kritiek van Europa op zijn gevangenisbeleid. Er zijn nochtans betere opties om met gedetineerden om te gaan. Kijk hoe Scandinavië inzet op herstelrecht. In Zweden werden onlangs zelfs gevangenissen gesloten. VANHEE: Helemaal niet. In mijn werk kaart ik telkens een blinde vlek aan. Zo werkte ik in de performance Oblivion (2015) met mijn vuilnis. Dat ik nu deze film maak heeft een praktische reden, in de gevangenis speel je niet zomaar een performance, én een inhoudelijke reden: met mijn 'wazige' film ga ik in tegen de clichébevestigende misdaadfilms. Tijdens de researchfase bekeek ik klassiekers als The Godfather en Scarface, maar ook Raymond Depardons 10e chambre, instants d'audiences, een docu waarin beschuldigden zich verdedigen voor de rechter. Ik zoom in op de scheefgegroeide verhouding tussen gerechtigheid en rechtvaardigheid. 'Gerechtigheid gaat over regels, rechtvaardigheid over menselijkheid', zegt iemand in mijn film. Dat weet ik al sinds mijn kindertijd. Mijn moeder begeleidde kinderen van gedetineerden, die later vaak ook zelf achter de tralies belandden. Ik kan de vicieuze cirkel niet doorbreken, maar ik wil het publiek wel laten nadenken over dit probleem en onze verantwoordelijkheid daarin.