Waalse regering

Elio Di Rupo (PS), minister-president

Di Rupo wordt op 18 juli 1951 geboren in Morlanwelz. Hij is de jongste in een Italiaans migrantengezin met zeven kinderen. Wanneer Elio een jaar oud is, sterft zijn vader - een mijnwerker - bij een fietsongeval.

Op zijn twintigste wordt Elio Di Rupo technicus chemische nijverheid, maar hij besluit hoger te mikken. Via de middenjury werd hij toegelaten tot de universiteit van Bergen, waar hij een licentiaatsdiploma in de scheikunde haalde. Aan dezelfde instelling - en aan de University of Leeds - behaalde hij de doctorstitel in de wetenschappen.

Tijdens zijn periode aan de universiteit werd hij opgemerkt door Robert Urbain, minister en sterke man van de PS in de Borinage. Urbain, zelf zoon van een mijnwerker, zal Di Rupo overhalen om in de politiek te stappen.

Begin jaren 80 ging Di Rupo aan de slag op de kabinetten van Waalse PS-ministers Jean-Maurice Dehousse en Philippe Busquin. In zijn thuisstad Bergen wordt Di Rupo in 1982 voor het eerst verkozen in de gemeenteraad, waar hij in 1986 schepen wordt. Burgemeester wordt Di Rupo pas in 2000, maar hij zal de sjerp achttien jaar lang dragen.

Di Rupo's nationale politieke carrière start in 1987, wanneer hij voor het eerst tot Kamerlid wordt verkozen. Twee jaar later stapt de man met de eeuwige vlinderdas over naar het Europees parlement. Bij de verkiezingen van november '91 wordt hij voor de Senaat verkozen.

Begin 1992 wordt Di Rupo voor het eerst minister. Hij krijgt de portefeuille onderwijs in de Franse gemeenschapsregering. In mei 1993 kwam daar de bevoegdheid over de audiovisuele sector bij.

Begin 1994 dwingt de Agusta-affaire, de corruptiezaak rond de aankoop van legerhelikopters, de PS om een generatiewissel door te voeren. Drie PS-ministers, de drie Guy's Coëme, Mathot en Spitaels, worden gedwongen ontslag te nemen omdat het gerecht hun onschendbaarheid wil opheffen. Di Rupo volgt Guy Coëme op en legt op 23 januari de eed af als vicepremier en minister van verkeer. In de regering Dehaene II blijft Di Rupo vicepremier, maar wordt hij bevoegd voor economische zaken en telecommunicatie en later ook buitenlandse handel. Als vakminister krijgt hij onder meer de gedeeltelijke privatisering van Belgacom en de verkoop van Sabena aan het Zwitserse Swissair op zijn bord. Als PS-vicepremier moet hij meewerken aan de uitvoering van het Globaal Plan, het saneringsplan waartegen de vakbonden storm lopen.

In 1996, in volle Dutroux-crisis, gaat Di Rupo door een moeilijke periode, nadat de fantast Olivier Trusgnach hem beschuldigt van pedofilie - valselijk, zo blijkt na een gerechtelijk onderzoek.

Na de verkiezingen van 1999 is Di Rupo één van de belangrijkste onderhandelaars bij de vorming van de paarsgroene regering. Hijzelf wordt minister-president van de Waalse gewestregering.

In oktober 1999 wordt Di Rupo partijvoorzitter met 71 procent van de stemmen, tijdens de eerste voorzittersverkiezingen bij de PS waar alle leden hun stem mochten uitbrengen.

Als PS-voorzitter werkt Di Rupo aan een grondige vernieuwing van de partij. Hij wil af van het imago van een door schandalen getekende machtspartij. Via zijn "ateliers du progrès" werkt hij aan een nieuw project voor de PS, dat ook meer vrouwen en jongeren binnenhaalt.

De vernieuwing werpt vruchten af. Bij de federale verkiezingen van 18 mei 2003 gaan de Franstalige socialisten sterk vooruit en verstevigen zo hun positie als grootste Franstalige partij van België. Di Rupo wordt informateur en zat mee rond de tafel bij de vorming van de paarse regering Verhofstadt II.

Di Rupo wordt in september 2003 herkozen als voorzitter met 94 procent van de stemmen. Hij stoomt de partij klaar voor de regionale en Europese verkiezingen van 13 juni 2004. Bij die verkiezingen is de PS de grootste partij in Wallonië en Brussel. De PS laat de liberalen - met onder meer de jonge Charles Michel als Waals minister - vallen en kiest in Wallonië en in de Franse gemeenschap voor een coalitie met de christendemocraten van CDH. In Brussel gaat de PS in zee met CDH en Ecolo.

Lees verder onder de foto's

Elio Di Rupo (PS) op 9 juli 2019. © Alexandre Marchi / Maxppp

Di Rupo en de PS lijken almachtig, tot het schandaal rond de sociale huisvestingsmaatschappij "La Carolorégienne" losbarst. Onder andere de sterke man van Charleroi, minister-president Van Cauwenberghe, moet de handdoek in de ring gooien. Di Rupo nam daarop zelf het roer van de Waalse regering in handen.

Bij de federale verkiezingen van 10 juni 2007 betaalt de PS het gelag voor de "schandalen" en moeten de Franstalige socialisten de titel van grootste Franstalige partij aan de MR laten. Hij beslist vervroegde voorzittersverkiezingen uit te schrijven - die hij met bijna 90 procent van de stemmen wint - en laat het minister-presidentschap aan Rudy Demotte.

Na de stembusslag proberen liberalen en christendemocraten een regering op de been te brengen. De onderhandelingen monden uit in een institutionele crisis en de PS wordt uiteindelijk bij de gesprekken betrokken. Twee jaar later neemt de PS opnieuw de fakkel over als grootste partij bij de regionale verkiezingen. Na de val van de regering-Leterme over BHV wint de PS de vervroegde verkiezingen en rijft de partij 26 Kamerzetels binnen. Enkel N-VA is groter, met een zitje meer.

Maar PS en N-VA raken uiteindelijk niet samen in een regering. Meer dan 530 dagen na de verkiezingen sluiten PS, CD&V, MR, Open VLD, SP.A en CDH samen een regeerakkoord. Met steun van de groene partijen werken deze partijen ook de zesde staatshervorming uit.

Op 6 december 2011 legt Elio Di Rupo de eed af als premier. Hij is de eerste Franstalige premier in meer dan dertig jaar.

Na de verkiezingen van 2014 belandt de PS na een kwarteeuw regeringsdeelname in de oppositie. De coalitie had nochtans winst geboekt bij de stembusgang, maar CD&V, MR en Open VLD kozen ervoor om met de N-VA een socio-economische herstelregering te vormen onder leiding van Charles Michel. N-VA belooft daarbij om het communautaire vijf jaar in de koelkast te stoppen.

In de deelstaten blijft de PS wel aan zet, samen met het CDH en in Brussel met DéFI. Na nieuwe affaires in Luik (Publifin) en Brussel (Samusocial) blaast het CDH de Waalse regering op en ruilt de PS in voor de MR.

Di Rupo blijft al die tijd voorzitter van de PS, maar zijn positie staat meermaals ter discussie. Di Rupo moet zelf toegeven dat zijn partij onder zijn premierschap te vaak compromissen heeft moeten sluiten. Opgejaagd door de opmars van de extreem-linkse PVDA roepen de socialistische vakbond en het ziekenfonds Di Rupo op om een stap opzij te zetten om de verkiezingen in 2019 niet te verliezen.

Uiteindelijk komt er een duidelijke rolverdeling uit de bus: Di Rupo blijft de kandidaat-premier van de PS terwijl kroonprins Paul Magnette de campagnewoordvoerder wordt. Bij de verkiezingen blijft de PS de grootste Frantalige partij, maar ze boekt wel het slechtste resultaat ooit.

Christie Morreale, de rijzende ster van de Luikse PS wordt minister van Werk

Morreale is nauwelijks afgestudeerd als criminologe wanneer ze aan de slag kan op het kabinet van Laurette Onkelinx, eerst op werk en later op justitie. Ze werkt er vooral rond gelijke kansen voor vrouwen. Zelf had ze moeten vechten voor haar plaats tussen de macho's van de Luikse PS-federatie. Later werkt ze ook op Waalse PS-kabinetten.

PS-voorzitter Elio Di Rupo merkt Morreale al snel op. In 2003 wordt ze één van de ondervoorzitters van de partij. Voor het grote publiek is ze dan nog een nobele onbekende. In 2011 komt ze voor het eerst in de Senaat.

In 2014 wordt Morreale voor het eerst rechtstreeks verkozen voor het Waals Parlement en het parlement van de Franse Gemeenschap. Ze specialiseert zich daar in onderwijs.

Bij de jongste verkiezingen trok ze samen met Jean-Claude Marcourt de lijst in Luik. Ze haalde een goede score, wat haar interne positie nog versterkte.

Regionalist Pierre-Yves Dermagne (PS) wordt terug minister

Pierre-Yves Dermagne © BELGAIMAGE

Pierre-Yves Dermagne is pas 38 jaar en was al eens enkele maanden minister in de Waalse regering. Net als toen wordt Dermagne bevoegd voor het toezicht op de gemeenten en de intercommunales en wordt hij minister van Huisvesting.

Pierre-Yves Dermagne is een jurist die zijn politieke carrière begon als parlementair medewerker en later werkte op de kabinetten van de Waalse PS-ministers Philippe Courard en Eliane Tillieux. Zelf werd hij in 2012 gedeputeerde voor de provincie Namen en vanaf 2014 Waals Parlementslid. Sinds begin dit jaar is hij burgemeester van Rochefort.

Dermagne was al eens kort minister in de Waalse regering van Paul Magnette. Hij moest invallen voor Paul Furlan, de minister van Lokale Besturen die zelf in opspraak kwam in de Publifin-affaire. Maar enkele maanden later trok het CDH de stekker uit de coalitie met de PS en verhuisde Dermagne naar de oppositiebanken.

Pierre-Yves Dermagne uitte zich in het verleden als een regionalist. In 2015 hield hij samen met zijn partijgenoten Nicolas Martin en Christophe Collignon een opmerkelijk pleidooi voor de overdracht van bevoegdheden van de Franse Gemeenschap naar de gewesten.

Caroline Désir (PS) nieuwe Franstalige minister van leerplichtonderwijs

Caroline Desir © Belga Image

Caroline Désir (PS) wordt de nieuwe minister van leerplichtonderwijs in de Franse Gemeenschap. Désir (42) komt uit de Brusselse gemeente Elsene, waar ze schepen was. Als parlementslid was ze lange tijd een van de onderwijsspecialisten van haar partij.

Caroline Désir komt uit een politieke familie. Haar grootvader Georges Désir was een bekende presentator bij de RTBF die later een politieke carrière maakte bij het FDF. Hij werd burgemeester van Sint-Lambrechts-Woluwe en Brussels minister.

Caroline Désir studeerde rechten en ging werken bij Brussels minister-president Charles Picqué. In 2009 werd ze zelf verkozen voor het Brussels Parlement. Daardoor kwam ze ook in het parlement van de Franse Gemeenschap. Daar legde ze zich toe op onderwijs.

De ster van Désir binnen de Brusselse PS is al lang rijzende. Ze is acht jaar ondervoorzitter van de Brusselse PS-federatie en was lang schepen in Elsene. In het Brussels Parlement was ze tot aan de verkiezingen fractieleider. Na de jongste verkiezingen was ze verkozen voor de Kamer.

Met Frédéric is er een nieuwe minister Daerden (PS)

Frédéric Daerden (PS). © BelgaImage

Frédéric Daerden (49) wordt de nieuwe minister van Begroting en Ambtenarenzaken in de regering van de Franse Gemeenschap. Frédéric is de zoon van wijlen Michel Daerden, de kleurrijke Luikse PS-minister.

Wie Frédéric Daerden hoort praten, denkt aan zijn vader Michel, al praat de zoon minder traag. Zoon Daerden deelt ook de liefde voor cijfers met zijn vader, die als een rekenwonder geboekstaafd stond.

Frédéric Daerden neemt in 1999 het revisorenkantoor van zijn vader over. Later wordt hij op de vingers getikt wegens mogelijke belangenvermengingen. Het kantoor controleert immers de rekening van overheidsinstellingen waar zijn vader of hijzelf - als schepen of burgemeester - deel van uitmaakt. Daerden zal de revisorenbranche in 2011 vaarwel zeggen.

Maar Daerden trekt stemmen, zowel in zijn gemeente Herstal als in de bredere Luikse regio. Sinds 1999 werd hij verkozen in het Waals Parlement, later in het Europees Parlement. Vijf jaar geleden kwam hij voor het eerst in de Kamer, waar hij zich, als zoon van een gewezen minister van Pensioenen, hevig mengde in de debatten rond de pensioenhervorming.

Crucke blijft op post als cijferman van de Waalse regering

Jean-Luc Crucke (MR) blijft in de nieuwe Waalse regering minister van Financiën en Begroting en bevoegd voor regionale luchthavens. De bevoegdheid energie ruilt hij in voor die over sportinfrastructuur.

Crucke (57) is geboren in Ronse, op de taalgrens, en is perfect tweetalig. Hij is ondervoorzitter van de MR en profileert zich als iemand die economie en ecologie wil verzoenen.

Tijdens zijn studies rechten aan de universiteit van Luik kwam Crucke in contact met Jean Gol, één van toonaangevende historische figuren bij de Franstalige liberalen. Crucke wordt actief bij de jongerenafdeling van de PRL, waarvan hij in 1990 ook voorzitter wordt. Twee jaar voordien (1988) was Crucke al verkozen in de gemeenteraad van Frasnes-lez-Avaing (Henegouwen). Daar wordt hij in 1997 ook burgemeester. In 2004 komt hij voor het eerst in de Kamer en later dat jaar in het Waals Parlement en het parlement van de Franse Gemeenschap. Als energiek spreker ontpopt Crucke zich tussen 2009 en 2014 als één van de meest opvallende criticasters van de toenmalige Waalse regenboogcoalitie (PS, cdH, Ecolo).

Na de verkiezingen van 2014 wordt hij al snel beschouwd als één van de kanshebbers op een ministerpost in de federale regering van Charles Michel. Hij moet echter nog drie jaar wachten tot de zomer van 2017, wanneer het cdH de Waalse regering opblaast en de PS inruilt voor de MR. Crucke wordt dan Waals minister van Financiën, Begroting, Energie en Luchthavens in de Waalse regering onder leiding van zijn partijgenoot Willy Borsus.

Jean-Luc Crucke (MR) op 24 juli 2019. © Belga

Tweede termijn als minister voor Valérie De Bue (MR)

Voor Valérie De Bue (MR) start een tweede termijn als minister in de Waalse regering. Ze krijgt een pak uiteenlopende bevoegdheden, zoals ambtenarenzaken, administratieve vereenvoudiging, toerisme, verkeersveiligheid en kinderbijslag.

De 53-jarige Valérie De Bue komt uit Nijvel in Waals-Brabant, waar ze twaalf jaar schepen is geweest. Haar eerste stappen in de politiek zette ze in 2000, wanneer ze deelneemt aan de gemeenteraadsverkiezingen. Ze raakte echter niet verkozen. De Bue, een economiste met een diploma ruimtelijke ordening en stedenbouw, werkt tien jaar voor een intercommunale wanneer ze in 2000 aan de slag gaat op het kabinet van Charles Michel, de toen piepjonge Waals minister van Binnenlands Bestuur. In 2003 wordt De Bue voor de MR verkozen in de Kamer. Ze zal er elf jaar zetelen en werkt er vooral rond Mobiliteit. Toen Jacqueline Galant in 2016 ontslag moest nemen, lijkt De Bue een van de kanshebbers om haar op te volgen, maar de keuze valt uiteindelijk op François Bellot. Minister wordt ze dan toch in 2017, wanneer het cdH de Waalse coalitie met de PS opblaast na de affaire rond de Luikse intercommunale Publifin. De MR wordt aan boord gehaald en De Bue mag als minister van Binnenlands Bestuur meteen het puin van Publifin ruimen door nieuwe regels rond goed bestuur uit te vaardigen. Recent nog vernietigde ze de omstreden benoeming van een halfbroer van ex-MR-voorzitter Olivier Chastel bij een intercommunale in Charleroi.

Franse Gemeenschap

Pierre-Yves Jeholet (MR) wordt minister-president Franse Gemeenschap

MR-politicus Pierre-Yves Jeholet wordt de nieuwe minister-president van de Franse Gemeenschap. Jeholet was de voorbije twee jaar minister in de Waalse regering. Hij wordt bevoegd voor intra-Belgische relaties, internationale en Europese relaties en ontwikkelingssamenwerking.

Valérie Glatigny (MR)

Nobele onbekende is Valérie Glatigny, een raadgeefster bij de voorzitter van het Europees Parlement die bij de jongste verkiezingen eerste opvolger was op de Europese lijst van de MR. Zij wordt nu minister van Hoger Onderwijs en wordt onder meer ook bevoegd voor wetenschappelijk onderzoek, jeugd en sport.

Bénédicte Linard (Ecolo), de juf Frans die minister werd

Ecolo stuurt Bénédicte Linard naar de regering van de Franse Gemeenschap. Ze wordt er bevoegd voor Cultuur, Media en kinderopvang.

De 43-jarige Bénédicte Linard werd geboren in het Waals-Brabantse Ottignies. Ze studeerde Romaanse filologie, was actief in de Franstalige studentenfederatie en gaf een tijdlang Frans op een middelbare school in Anderlecht. In 2009 gaat ze aan de slag op het kabinet van Jean-Marc Nollet, Ecolo-minister in de Waalse regering.

In haar thuisgemeente Edingen komt ze in 2012 voor het eerst op voor de gemeenteraadsverkiezingen. Ze wordt verkozen, maar mag meteen naar het Waals Parlement. Haar partijgenoot Olivier Saint-Amand wordt immers burgemeester en mag dat niet cumuleren met een zitje in het parlement. Linard stond op de opvolgerslijst en nam de zetel van haar burgemeester over.

In 2014 lijdt Ecolo een forse verkiezingsnederlaag en Linard wordt niet herverkozen. Ze wordt schepen in Edingen. Bij de jongste verkiezingen raakte Linard wel verkozen. Ze werd meteen fractieleider in het parlement van de Franse Gemeenschap en onderhandelde mee het regeerakkoord.