Terwijl de voorbije weken alle aandacht ging naar de losse eindjes in het Zomerakkoord van de regering-Michel, werd in alle stilte het samenwerkingsfederalisme ten grave gedragen: in de zes regeringen die ons land rijk is, zijn nu zes verschillende coalities aan de macht. U ontdekt ze op het schema hieronder. Dat is niet bevorderlijk voor de onderlinge samenwerking, integendeel.
...

Terwijl de voorbije weken alle aandacht ging naar de losse eindjes in het Zomerakkoord van de regering-Michel, werd in alle stilte het samenwerkingsfederalisme ten grave gedragen: in de zes regeringen die ons land rijk is, zijn nu zes verschillende coalities aan de macht. U ontdekt ze op het schema hieronder. Dat is niet bevorderlijk voor de onderlinge samenwerking, integendeel. Nu liep de samenwerking tussen de federale regering enerzijds en de Brusselse, Waalse en Franse regering anderzijds al voor geen meter: in die gemeenschapsregeringen voerden tot voor kort de PS met het CDH de plak, terwijl ze niet vertegenwoordigd zijn in de Zweedse coalitie geleid door Charles Michel (MR). De voorbije weken werd het nog nijpender. In de Franse Gemeenschap (omgedoopt tot de Federatie Wallonië-Brussel) blijft de PS samen met het CDH aan de macht, maar in de Waalse regering wisselde het CDH de Franstalige socialisten in voor de MR. Zelfs van een vlotte samenwerking tussen die beide regeringen is nu geen sprake meer. Dat is geen cadeau voor Wallonië. Het zal de heropleving van die regio nog vertragen. De Franstalige politieke hutsekluts is het gevolg van de halfmislukte coup van CDH-voorzitter Benoît Lutgen, kort voor de zomervakantie. Hij liet weten niet langer te willen regeren met de PS, die onder vuur lag na gegraai in de kas van daklozenorganisatie Samusocial. Twee maanden later blijkt dat hij de PS alleen in Wallonië aan de kant heeft kunnen schuiven. Waardoor het CDH in de Waalse regering nu de verandering predikt samen met de MR, terwijl de partij in de Franse Gemeenschap en Brussel gewoon het oude beleid voortzet met de PS. De Franstalige kiezers kunnen dat alles niet echt appreciëren. In de peilingen zakt de PS verder weg: in Wallonië zou ze nu nog maar 20 procent halen, tegenover 32 procent bij de verkiezingen van 2014. En het CDH haalt geen 9 procent meer - drie jaar geleden was dat nog 14 procent. De Franstalige liberalen komen wel versterkt uit de Waalse warwinkel. De MR zat tot voor kort geïsoleerd in de federale regering, maar levert nu met Willy Borsus, een vertrouweling van premier Michel, zelfs de minister-president van de Waalse regering. In de peilingen boekt de partij wel verlies (van bijna 26 procent in 2014 naar een goede 21 procent) maar neemt ze de koppositie van de Franstalige socialisten niettemin over. Het politieke kluwen aan de andere kant van de taalgrens is vooral een geschenk voor Bart De Wever en de N-VA. De Wever sprak binnen de regering-Michel een communautaire standstill tijdens de huidige regeerperiode af, en begin deze week liet hij verstaan dat hij van het communautaire thema ook voor de verkiezingen van 2019 geen prioriteit zal maken. Hoeft hij ook niet te doen. Er is nog altijd Olivier Maingain, die volgens de peilingen met zijn Défi (het vroegere FDF) als grote winnaar uit de Franstalige crisis komt. Hij zou nu meer dan 18 procent halen in Brussel, tegenover 11 procent bij de laatste verkiezingen. Als dat wordt bevestigd, zullen de anderen moeilijk om hem heen kunnen. En dan zal met Brussel het communautaire thema sowieso op tafel komen. Niet te vergeten, ten slotte: Brussel heeft altijd geld nodig, en ook Wallonië zal daarvoor komen aankloppen. Ondertussen wordt met de dag duidelijker dat de federale regering misschien wel werkt - getuige het Zomerakkoord - maar dat de onderlinge samenwerking tussen de regeringen almaar moeilijker wordt. Een treffend voorbeeld is het dossier van de luchthaven van Zaventem. Haar toekomst wordt bedreigd door de strenge geluidsnormen van de Brusselse regering. Samenwerkingsfederalisme wijkt voor vechtfederalisme. We rijden ons vast in onze eigen institutionele wanorde, gekenmerkt door geïmproviseerde financiële staatshervormingen zonder homogene bevoegdheidspakketten. Efficiënt bestuur: het wordt in België moeilijker en moeilijker, zo niet onmogelijk.