Vlinks

‘Waarom we als Vlamingen moeten toejuichen wat in Catalonië gebeurt’

Vlinks Vlinks streeft naar een sociaal, rechtvaardig en inclusief Vlaanderen met maximale autonomie.

‘Al wie in Vlaanderen begaan is met democratie, met een duurzame economie, met een rechtvaardige maatschappij, met het binnenloodsen van Europa in de 21ste eeuw, kan niet anders dan toejuichen wat er gebeurt daar in Catalonië’, schrijft Kevin De Laet van Vlinks.

Elf september. Terwijl de wereld voor de vijftiende keer “9/11” herdenkt, komen in Catalonië voor de vijfde keer honderdduizenden mensen op straat om onafhankelijkheid te eisen tijdens de “Diada Nacional de Catalunya”, de Catalaanse nationale feestdag. Sinds 2012 doen ze dat op diverse inventieve manieren – onder andere met een mensenketting, met anderhalf miljoen een van de drukste straten van Barcelona bezetten, of een grote “V” vormen (van “Votar”, stemmen).

‘Waarom we als Vlamingen moeten toejuichen wat in Catalonië gebeurt’

Wat bezielt die Catalanen eigenlijk? Waarom willen zij per sé weg van Spanje, en van Barcelona de hoofdstad van hun eigen nieuwe landje te maken? En moeten wij daar van wakker liggen? Toch wel een beetje. Want die Catalanen kunnen volgend jaar een politieke aardbeving veroorzaken in de rest van Europa.

Natuurlijk moet een en ander genuanceerd worden, want in Catalonië zijn de meningen ook verdeeld. Alleen in Noord Korea is 120% van de bevolking het eens met de regering. Feit is wel dat er een grote meerderheid voor “meer Catalonië en minder Spanje” is, alleen over hoeveel meer en wat voor Catalonië verschilt men nogal van mening. Feit is ook dat de huidige Catalaanse regering een stappenplan naar onafhankelijkheid heeft opgesteld en van plan is dat ook uit te voeren tegen eind volgend jaar.

We zijn, met andere woorden, maar een jaar verwijderd van de mogelijke geboorte van een nieuw land, in de schoot van de EU. Of uit de schoot, want de voorbije jaren werd er al eens mee gedreigd dat zo’n nieuwe staat juist uit die unie zou vallen (sinds de Brexit heeft dat dreigement wel veel van z’n kracht verloren). Het is dan de allereerste keer dat een bestaande EU-lidstaat (in dit geval Spanje) uit elkaar valt. Hoe gaat de rest van Europa daar mee om? Kan de rest van Europa daar wel mee om? Moeten wij dat aanvaarden, zo’n nieuwe Catalaanse staat?

Zelfbeschikkingsrecht

Hier raken we natuurlijk het fundamentele recht op zelfbeschikking aan. Hebben Catalanen of Schotten het recht om zelf te beslissen over hun relatie met de (Spaanse of Britse) staat en bij uitbreiding met Europa? Volgens Madrid hebben ze dat recht niet en elke poging om er over te praten of om een referendum te organiseren werd tot nu toe afgeblokt. Voor Vlinks is dat zelfbeschikkingsrecht wel een vanzelfsprekendheid, voor elk volk in de wereld trouwens. Het is niet de bedoeling van deze opiniebijdrage om dat zelfbeschikkingsrecht zelf te verdedigen. Er kan ongetwijfeld eindeloos gediscussieerd worden wat precies een volk is en wat zelfbeschikkingsrecht inhoudt en wie dat kan opeisen.

‘Ondertussen dendert de trein van de onafhankelijkheid voort en ijveren zowel de Catalaanse als de Schotse regering ervoor.’

Voor ons is het zelfbeschikkingsrecht een principieel onderdeel van de democratie en we stellen vast dat er onder de Catalaanse bevolking en groot en groeiend sentiment is voor verregaande autonomie of onafhankelijkheid. Dat zelfbeschikkingsrecht moet volgens Vlinks dus principieel gerespecteerd worden.

Gaan we uit van dit principiële zelfbeschikkingsrecht dan stelt zich de vraag hoe dat precies te rijmen valt met de huidige politieke orde in Europa. De Europese Unie lijkt, zoals ze vandaag bestaat, niet in staat er mee om te gaan. Tot twee jaar geleden werden de Schotse en Catalaanse independisten nog afgedreigd met uit de EU gezet te worden. Niettegenstaande alle grootspraak over democratie, waar de Europese Unie graag mee te koop loopt in de rest van de wereld, was het simpelweg ondenkbaar dat er aan de vastgeroeste structuur van de Europese Unie met haar bestaande lidstaten zou gemorreld worden. Hel en verdoemenis werd uitgesproken over de balorige separatisten die in 2014 nog dreigden met referenda hun zaak er door te kunnen duwen. De Europese politieke elite kon met dat afdreigen, de kwestie nog wat uitstellen. Maar ondertussen dendert de trein van de onafhankelijkheid voort en ijveren zowel de Catalaanse als de Schotse regering ervoor.

Balkanisering?

De EU is in de eerste plaats een unie van de lidstaten en dus van de politieke elites die er regeren. De deur openzetten voor nieuwe, afgescheurde staten geeft een vrijgeleide voor heel wat andere separatistische bewegingen in Europa die hun kans willen wagen. Sommigen waarschuwen al voor een “balkanisering” van Europa, het uiteenvallen van de landen door etnische en culturele verschillen. Een “terugkeer naar de Middeleeuwen”. Allemaal nogal vage waarschuwingen die eigenlijk weinig betekenen.

Om te beginnen is het aantal echt daadkrachtige onafhankelijkheidsbewegingen in Europa eerder beperkt. Buiten Schotland en Catalonië zijn er maar weinig regio’s die zo ver geëvolueerd zijn dat ze het tot echte natiestaten kunnen schoppen. Baskenland eventueel, Vlaanderen misschien (of wie weet Wallonië nog eerst) en iets verder in de toekomst mogelijk nog een aantal. Maar zeker geen honderd. De meeste minderheden in Europa vragen niet meer dan culturele en taalkundige autonomie.

‘Zelfs wanneer het zelfbeschikkingsrecht als een formeel Europees principe wordt ingevoerd, is het dus weinig waarschijnlijk dat Europa plots in complete anarchie vervalt.’

De vergelijking met de Balkanoorlog is dan weer behoorlijk nogal cynisch. De Catalaanse beweging zweert heel principieel alle geweld af en wil democratisch te werk gaan, terwijl de EU net wel landen opneemt die voortkomen uit die oorlog in de Balkan. Bovendien gaat het hier ook om de schepping van nieuwe, moderne natiestaten. Staten met gelijkaardige democratische en politieke instituten als de bestaande staten, nieuwe landen die ook een functionerende rechtstaat zullen hebben, met algemeen enkelvoudig stemrecht, alleen dan mogelijk gemoderniseerd en veel efficiënter ingevuld.

Zelfs wanneer het zelfbeschikkingsrecht als een formeel Europees principe wordt ingevoerd, is het dus weinig waarschijnlijk dat Europa plots in complete anarchie vervalt. Integendeel, wellicht worden er nieuwe staatsstructuren uitgebouwd die veel beter aansluiten bij de noden en de wensen van de bevolking en dus veel meer op erkenning en legitimiteit kunnen rekenen (lees: stabieler zijn). De afkeer van de Europese politiek voor de onafhankelijkheidsdroom van Catalanen en Schotten moet dan ook elders gezocht worden, namelijk zoals vaak, heel simpel: bij de angst voor het verlies van macht.

Machtsbelangen

De machtsbasis bij uitstek van de politieke elites in Europa is immers nog steeds de bestaande natiestaat. Het is daar dat een uitgebreid staatsapparaat werd uitgebouwd dat controle en gezag uitoefent. En uiteraard postjes verdeelt. Een gebied dat zich afscheurt en een eigen staat gaat uitbouwen, betekent een verlies van controle en gezag en van postjes. Alsook van belastinginkomsten. En naast deze directe “materiële” belangen, is er uiteraard ook het verlies van moreel gezag wanneer een regerende partij of elite niet in staat blijkt te zijn het land bijeen te houden.

Achterpoortjes

Dat is de belangrijkste reden waarom de Europese regeringen zo weigerachtig zijn om zich rechtstreeks uit te spreken over de onafhankelijkheid van Schotland en Catalonië. Het toont meteen ook aan dat de “vooruitstrevende” Europese Unie eigenlijk een heel conservatieve bureaucratische moloch is geworden en nog altijd niet meer dan een vergadering van de lidstaten die er hun eigen belangen komen verdedigen.

Nu hebben die Europese politieke elites in het verleden wel al een sterk talent voor “loodgieterij” getoond, en het is dus niet onwaarschijnlijk dat wanneer Europa voor voldongen feiten staat er wel achterpoortjes gezocht kunnen worden om Catalonië als aparte staat toch bij de “Europese familie” te houden. Desnoods via de Europese Economische Ruimte, waar ook IJsland en Noorwegen bij zitten. “Europa” is immers meer dan enkel de EU, zeker nu de Brexit de Europese structuren zal hertekenen.

Naast dit alles is er in het Schotse en nog sterker in het Catalaanse geval een ander aspect aan het licht gekomen: een publiek debat over een nieuwe staat doet ook de “goesting” naar een debat over heel wat andere kwesties groeien. In de aanloop van de twee referenda in 2014 werd er niet alleen over de zin en onzin van onafhankelijkheid zelf gediscussieerd, maar ook over hoe die moet ingevuld worden. Van de sociale zekerheid tot de vrijhandelsverdragen die momenteel onderhandeld worden: niets was taboe. En dat is wellicht een nog grotere nachtmerrie voor bepaalde belangengroepen dan institutionele hervormingen.

Nieuwe democratie

Progressieve bewegingen in Europa hebben zich de voorbije jaren nogal afzijdig gehouden bij de kwestie van onafhankelijkheid, ook degenen die kritisch staan tegenover de huidige (vaak en niet onterecht als “neoliberaal” omschreven) Europese Unie. Alvast in Vlaanderen zijn de linkse en de progressieve bewegingen nogal zwijgzaam en een breed debat over het al dan niet erkennen van een nieuwe staat in Europa is er niet, laat staan dat ze het steunen. Vanuit de traditionele partijen kan men dat nog verwachten, die maken immers deel uit van het raderwerk van de macht dat er alle belang bij heeft het status quo te behouden.

‘Het is ontegensprekelijk een feit dat er vandaag in Catalonië veel meer ruimte is om over de maatschappij van de toekomst te brainstormen dan in de meeste Europese landen het geval is.’

Maar dat de meer uitgesproken linkse bewegingen zo stil zijn over de kwestie is toch heel vreemd. Te meer daar zowel Catalonië als Schotland momenteel de feitelijke avant-garde vormen van vernieuwend sociaal beleid, van nadenken over democratie, van het uitbouwen van aan de 21ste eeuw aangepaste instellingen. Daar wordt luidop nagedacht over hoe die nieuwe landen ingevuld moeten worden. Daar wordt debat gevoerd over hernieuwbare energie, over vrijhandelsverdragen, over hoe met migratie om te gaan, over politieke rechten en vrijheden, over milieu en duurzame landbouw, over al de thema’s waar de linkse en sociale bewegingen normaal mee bezig zijn.

Het zou fout zijn van de Catalaanse onafhankelijkheidsbeweging als volledig zuiver in handel en gedachten te beschouwen – het gaat immers om een brede beweging met vele lagen, partijen, organisaties en mensen die elk hun eigen agenda hebben en doelen nastreven. Maar het is ontegensprekelijk een feit dat er vandaag in Catalonië veel meer ruimte is om over de maatschappij van de toekomst te brainstormen dan in de meeste Europese landen het geval is.

Uniek experiment

Voor Vlinks is de Catalaanse en de Schotse kwestie dus eigenlijk wel een belangrijke kwestie. Niet enkel omdat het zelfbeschikkingsrecht een democratisch beginsel hoort te zijn, maar vooral omdat het debat over een mogelijke nieuwe staat ook de weg vrij maakt om nodige debatten over heel wat andere kwesties aan te gaan. Een nieuwe staat oprichten betekent immers nadenken over de invulling daarvan. En hoewel het dan in de eerste plaats aan de Catalanen zelf is om die staat in te vullen, kunnen -nee moeten- wij mee het debat voeren, de ideeën en argumenten aanreiken en de creativiteit toejuichen die daar mee gepaard gaat.

Al wie in Vlaanderen begaan is met democratie, met een duurzame economie, met een rechtvaardige maatschappij, met het binnenloodsen van Europa in de 21ste eeuw, kan niet anders dan toejuichen wat er gebeurt daar in Catalonië. De Catalaanse onafhankelijkheidsbeweging hoopt zelf dat de manifestatie van dit jaar de laatste was en dat volgend jaar die Catalaanse staat er eindelijk zal zijn. Maar eigenlijk zouden we volgend jaar massaal kunnen meedoen, en in heel Europa een (Catalaans) feest organiseren. De geboorte van een nieuw land biedt immers enorm veel mogelijkheden, een uniek experiment waar Europa eigenlijk dringend nood aan heeft.

Kevin De Laet is kernlid van Vlinks.

Fout opgemerkt of meer nieuws? Meld het hier

Partner Content