Waarom Ruttens carrièreplannen Lydia Peeters opnieuw minister maken

Gwendolyn Rutten, Alexander De Croo en Maggie De Block © belga
Kamiel Vermeylen

Na lang aarzelen koos Open VLD voor Lydia Peeters als Vlaams minister voor Openbare Werken en Mobiliteit. De reden? De carrièreplannen van partijvoorzitter Gwendolyn Rutten.

Midden mei bombardeerde Gwendolyn Rutten zichzelf plots tot kandidaat-premier. Twee weken en een verkiezingsnederlaag later zag het er voor de burgemeester van Aarschot een stuk slechter uit. In de aanloop naar de voorzittersverkiezingen van maart 2020 zat ze niet langer stevig in het zadel als voorzitter van de Vlaamse liberalen. Kandidaat-voorzitter Francesco Vanderjeugd vindt het net als Bart Tommelein en Vincent Van Quickenborne hoog tijd dat Rutten de fakkel doorgeeft. ‘De partij is teveel naar links opgeschoven, en dat moet veranderen’, sneerde die laatste na de verkiezingsnederlaag.

Een ministerpost in de Vlaamse of de federale regering bood voor Rutten een elegante uitweg om prominent op het politieke toneel aanwezig te blijven. Probleem voor de liberale politica is dat de N-VA de door Rutten begeerde bevoegdheid van Onderwijs voor haar neus wegkaapte. De belangrijke liberale ministerpost van Inburgering en Binnenland gaat bovendien naar partijgenoot en voormalig Mechels burgemeester Bart Somers. Mobiliteit en Openbare Werken is weliswaar de derde grootste uitgavenpost en biedt een aanzienlijke inhoudelijke kluif, maar staat in de regering-Jambon minder centraal dan pakweg Inburgering of Onderwijs.

Volgens Rutten moest de Vlaamse vacature naar een vrouw gaan, wilde ze haar verkiezingsbelofte voor een genderevenwicht in de Vlaamse regering nakomen. Vanuit die optiek leek Lydia Peeters, die Bart Tommelein in de regering-Bourgeois verving als Vlaams minister van Financiën, Energie en Begroting, dinsdagavond de logische kandidaat. Maar plotsklaps vroeg Rutten aan federaal minister van Volksgezondheid Maggie De Block om Mobiliteit en Openbare Werken voor zich te nemen. De Block bedankte vriendelijk voor het voorstel van Rutten. Een gedurfde zet van De Block omdat Rutten als partijvoorzitter bepaalt wie de federale ministerposten toebedeeld krijgt.

Het manoeuvre van Rutten wijst erop dat ze niet bereid is om de tweede viool te spelen in de Vlaamse regering en dat ze een opening zoekt om haar schaapjes op het federale niveau op het droge te houden. Open VLD is meer dan de CD&V incontournable in zowel in een Paars-Groene als in een Paars-Gele federale constructie. Momenteel leveren de liberalen met Maggie De Block en Alexander De Croo twee ministers. Beiden willen momenteel echter niet van wijken weten. Open VLD zou dus al drie posities in de regering moeten verzilveren om dat personeelsprobleem op te lossen; al kan een staatssecretaris de pijn verzachten.

In de wandelgangen valt al langer te horen dat De Croo net als Rutten het premierschap ambieert. In een Paars-Groene constructie kan de zestien als lokaas gebruikt worden om de Open VLD ervan te overtuigen om in een linkse coalitie te stappen met een Vlaamse minderheid. Slaagt Rutten in haar opzet, dan zou ze meteen de eerste vrouwelijke premier van het land worden.

Maar indien de Vlaamse liberalen in de nieuwe regering slechts twee posities kunnen bemachtigen, mag Rutten zich aan heel wat intern weerwerk verwachten indien ze de De Croo of De Block voor haar eigen politieke carrière zou kapitelen. Als Rutten De Croo laat vallen, verdwijnt meteen de populairste liberale politicus van het federale toneel. Bovendien zijn De Block en Rutten beiden afkomstig uit Vlaams-Brabant. Anderzijds is ook de door Rutten volprezen Maggie een populaire politica die ze niet zomaar zal opofferen. Of hoe Ruttens keuze om geen Vlaams minister te worden nog verreikende gevolgen voor de Open VLD zal hebben.

Fout opgemerkt of meer nieuws? Meld het hier

Partner Content