Nu de coronamaatregelen lichter worden en het land begint te herademen, worden wij geconfronteerd met een groep mensen die nog geen veranderingen ten goede merkt.

Ons vrijwilligersteam staat bijna dagelijks aan het aanmeldcentrum 'Klein Kasteeltje', waar mensen op de vlucht internationale bescherming (asiel) aanvragen. Iedere dag staan daar tientallen asielzoekers die niet begrijpen hoe ze nu internationale bescherming kunnen aanvragen of die niet vlot online kunnen registreren (gebrek aan informatie, digitaal ongeletterd, geen smartphone, onvoldoende talenkennis,...). Velen onder hen overleven weken op straat, ondanks het feit dat ze een asielaanvraag hebben ingediend of te kennen hebben gegeven dat ze dat willen (wat betekent dat ze bij wet recht hebben op opvang). Dit mag niet langer gebeuren.

Op 17 maart sloot de Dienst Vreemdelingenzaken (DVZ) het aanmeldcentrum naar aanleiding van de wereldwijde uitbraak van het nieuwe coronavirus. Drie weken lang konden mensen die asiel wilden aanvragen nergens terecht. Op 3 april ging het aanmeldcentrum dan terug 'open', maar dan anders: je moet je nu eerst online aanmelden waarna je een afspraak krijgt op een latere datum, zodat het aanmeldcentrum alle gezondheidsregels kan respecteren. Mensen met een kwetsbaar profiel -zoals gezinnen met kinderen en zwangere vrouwen- zouden voorrang krijgen.

Klinkt goed in theorie. Nu de praktijk.

'Waar blijft de exitstrategie voor het online aanmelden voor asielzoekers?'

Gisteren stond er aan de poort van het aanmeldcentrum een Afghaanse familie: drie kinderen, papa en mama die zwanger is. Zij weten niet af van het online registreren en hebben dus geen afspraak. Na een korte conversatie aan de deur worden ze direct naar ons doorverwezen. We worden blijkbaar gezien als een deel van het (falende) systeem. We vullen samen het registratieformulier in. Dan vragen we of ze iemand kennen in België die onderdak kan bieden. Gelukkig kennen ze iemand. We bellen die vriend op en leggen het nieuwe systeem uit dat deze familie voorlopig in de kou laat staan. Die man wil hen wel opvangen maar twijfelt omdat hij denkt last te krijgen met de autoriteiten, gezien deze familie geen geldige papieren op zak heeft. We bellen rond naar daklozencentra. Bij Samu Social mag de familie om 16 uur terugbellen voor een eventuele slaapplaats. Deze familie is ons dankbaar. Maar ik voel me beschaamd. Hebben ze een bed gevonden en voor hoe lang? Ik hoop het uit de grond van mijn hart.

Fati uit Guinee is 19 jaar. Ze komt in België aan net voor de lockdown. Ze vindt mensen uit haar thuisgemeenschap bereid om haar op te vangen. Maar wanneer die opvang financieel te zwaar wordt voor het gezin staat ze op straat. Ze belandt aan het aanmeldcentrum op 29 april, zonder online te registreren. De poort blijft gesloten. Onze vrijwilligers leggen haar het systeem uit en we helpen op straat met de online registratie. Tijdens het gesprek vernemen we dat ze vermoedt dat ze zwanger is. We schrijven dit in het registratieformulier bij 'kwetsbaarheden' in de hoop dat ze snel een afspraak krijgt, medische zorg en opvang. We sturen ze alvast naar de dokter in de humanitaire hub van andere NGO's. En die dag hebben we geluk en vinden een slaapplaats. De plaatsen in daklozencentra zijn immers beperkt door de coronacrisis. Fati krijgt uiteindelijk een afspraak bij de DVZ op... 20 mei.

Ook mensen die hun asielaanvraag bij de DVZ al deden voor de coronacrisis en die nood hebben aan opvang hebben sinds half maart geen toegang meer tot het aanmeldcentrum en het opvangnetwerk van Fedasil. Asielzoekers kunnen tijdens de asielprocedure de keuze maken om geen gebruik te maken van de opvang maar kunnen er altijd beroep op doen wanneer dat nodig is (bijvoorbeeld omdat ze zelf of de mensen die hen opvangen het financieel niet meer aankunnen). Woon je in een opvangcentrum, mag je -met respect van een aantal regels- enkele dagen elders op bezoek gaan. Khaled, asielzoeker uit Syrië, verliet zijn opvangcentrum zo voor de lock down begon en mocht er niet meer binnen. Sindsdien leeft hij op straat. We hebben hem al een paar keer gezien aan het aanmeldcentrum. Hij heeft psychische problemen en ziet er iedere keer hopelozer uit. We maken ons zorgen over hem. Hij heeft hier niemand. We vinden voor hem geen slaapplaats. We vertellen hem waar hij gratis maaltijden kan krijgen. Maar hij heeft veel meer nodig dan dat. Zijn situatie schreeuwt om recht op opvang, op medische en sociale begeleiding. En niemand van wie het moet horen, hoort dat. De straat is leeg.

Oh ja, vandaag stonden er weer drie gezinnen die geen opvang kregen. Wanneer gaat dit stoppen?

Terwijl zowat alle sectoren van de samenleving heropstarten beweegt er helemaal niets aan het Klein Kasteeltje. Behalve dan de mensen die daar iedere ochtend aan de poort staan met vele vragen. Mensen die lijden. Deze mensen begrijpen evenmin als wij waarom er nog geen maatregelen genomen worden om de normale werking herop te starten. Als andere openbare diensten weer functioneren met inachtneming van de nodige gezondheidsvoorschriften moet dit toch ook mogelijk zijn voor asielaanvragen?

De precaire situatie van deze asielzoekers zonder opvang verhoogt bovendien het risico op covid-19-besmettingen. Leidt deze situatie niet meer naar coronaverspreiding dan coronabestrijding?

De arbeidsrechtbank van Brussel heeft zich net uitgesproken over de zaak van een vluchteling die na twee weken in het park slapen nog geen afspraak heeft gekregen bij de DVZ. Fedasil moet hem nu direct opvang bieden. De arbeidsrechtbank vond deze tussenkomst noodzakelijk om de fysieke integriteit van deze vluchteling én de volksgezondheid te beschermen.

Maar waar blijft de exitstrategie van het aanmeldcentrum? Wanneer kunnen verzoekers internationale bescherming weer op een directe manier hun aanvraag doen? Zodat ze niet langer zonder papieren of zonder onderdak ronddolen. Zodat ze vanaf de dag waarop ze hun verzoek tot internationale bescherming kenbaar maken met onmiddellijke ingang recht hebben op opvang, op medische zorg, op bescherming. Want zo zou het moeten werken.

Wanneer komt de regering mee op voor de rechten van deze groep van mensen in onze samenleving die het vandaag extra moeilijk heeft?

Geert Bossaerts is medewerkster bij Vluchtelingenwerk Vlaanderen waar ze een team vrijwilligers coördineert dat mensen met een verzoek voor internationale bescherming in België informeert aan het aanmeldcentrum in Brussel.

Nu de coronamaatregelen lichter worden en het land begint te herademen, worden wij geconfronteerd met een groep mensen die nog geen veranderingen ten goede merkt. Ons vrijwilligersteam staat bijna dagelijks aan het aanmeldcentrum 'Klein Kasteeltje', waar mensen op de vlucht internationale bescherming (asiel) aanvragen. Iedere dag staan daar tientallen asielzoekers die niet begrijpen hoe ze nu internationale bescherming kunnen aanvragen of die niet vlot online kunnen registreren (gebrek aan informatie, digitaal ongeletterd, geen smartphone, onvoldoende talenkennis,...). Velen onder hen overleven weken op straat, ondanks het feit dat ze een asielaanvraag hebben ingediend of te kennen hebben gegeven dat ze dat willen (wat betekent dat ze bij wet recht hebben op opvang). Dit mag niet langer gebeuren. Op 17 maart sloot de Dienst Vreemdelingenzaken (DVZ) het aanmeldcentrum naar aanleiding van de wereldwijde uitbraak van het nieuwe coronavirus. Drie weken lang konden mensen die asiel wilden aanvragen nergens terecht. Op 3 april ging het aanmeldcentrum dan terug 'open', maar dan anders: je moet je nu eerst online aanmelden waarna je een afspraak krijgt op een latere datum, zodat het aanmeldcentrum alle gezondheidsregels kan respecteren. Mensen met een kwetsbaar profiel -zoals gezinnen met kinderen en zwangere vrouwen- zouden voorrang krijgen. Klinkt goed in theorie. Nu de praktijk.Gisteren stond er aan de poort van het aanmeldcentrum een Afghaanse familie: drie kinderen, papa en mama die zwanger is. Zij weten niet af van het online registreren en hebben dus geen afspraak. Na een korte conversatie aan de deur worden ze direct naar ons doorverwezen. We worden blijkbaar gezien als een deel van het (falende) systeem. We vullen samen het registratieformulier in. Dan vragen we of ze iemand kennen in België die onderdak kan bieden. Gelukkig kennen ze iemand. We bellen die vriend op en leggen het nieuwe systeem uit dat deze familie voorlopig in de kou laat staan. Die man wil hen wel opvangen maar twijfelt omdat hij denkt last te krijgen met de autoriteiten, gezien deze familie geen geldige papieren op zak heeft. We bellen rond naar daklozencentra. Bij Samu Social mag de familie om 16 uur terugbellen voor een eventuele slaapplaats. Deze familie is ons dankbaar. Maar ik voel me beschaamd. Hebben ze een bed gevonden en voor hoe lang? Ik hoop het uit de grond van mijn hart.Fati uit Guinee is 19 jaar. Ze komt in België aan net voor de lockdown. Ze vindt mensen uit haar thuisgemeenschap bereid om haar op te vangen. Maar wanneer die opvang financieel te zwaar wordt voor het gezin staat ze op straat. Ze belandt aan het aanmeldcentrum op 29 april, zonder online te registreren. De poort blijft gesloten. Onze vrijwilligers leggen haar het systeem uit en we helpen op straat met de online registratie. Tijdens het gesprek vernemen we dat ze vermoedt dat ze zwanger is. We schrijven dit in het registratieformulier bij 'kwetsbaarheden' in de hoop dat ze snel een afspraak krijgt, medische zorg en opvang. We sturen ze alvast naar de dokter in de humanitaire hub van andere NGO's. En die dag hebben we geluk en vinden een slaapplaats. De plaatsen in daklozencentra zijn immers beperkt door de coronacrisis. Fati krijgt uiteindelijk een afspraak bij de DVZ op... 20 mei. Ook mensen die hun asielaanvraag bij de DVZ al deden voor de coronacrisis en die nood hebben aan opvang hebben sinds half maart geen toegang meer tot het aanmeldcentrum en het opvangnetwerk van Fedasil. Asielzoekers kunnen tijdens de asielprocedure de keuze maken om geen gebruik te maken van de opvang maar kunnen er altijd beroep op doen wanneer dat nodig is (bijvoorbeeld omdat ze zelf of de mensen die hen opvangen het financieel niet meer aankunnen). Woon je in een opvangcentrum, mag je -met respect van een aantal regels- enkele dagen elders op bezoek gaan. Khaled, asielzoeker uit Syrië, verliet zijn opvangcentrum zo voor de lock down begon en mocht er niet meer binnen. Sindsdien leeft hij op straat. We hebben hem al een paar keer gezien aan het aanmeldcentrum. Hij heeft psychische problemen en ziet er iedere keer hopelozer uit. We maken ons zorgen over hem. Hij heeft hier niemand. We vinden voor hem geen slaapplaats. We vertellen hem waar hij gratis maaltijden kan krijgen. Maar hij heeft veel meer nodig dan dat. Zijn situatie schreeuwt om recht op opvang, op medische en sociale begeleiding. En niemand van wie het moet horen, hoort dat. De straat is leeg.Oh ja, vandaag stonden er weer drie gezinnen die geen opvang kregen. Wanneer gaat dit stoppen?Terwijl zowat alle sectoren van de samenleving heropstarten beweegt er helemaal niets aan het Klein Kasteeltje. Behalve dan de mensen die daar iedere ochtend aan de poort staan met vele vragen. Mensen die lijden. Deze mensen begrijpen evenmin als wij waarom er nog geen maatregelen genomen worden om de normale werking herop te starten. Als andere openbare diensten weer functioneren met inachtneming van de nodige gezondheidsvoorschriften moet dit toch ook mogelijk zijn voor asielaanvragen?De precaire situatie van deze asielzoekers zonder opvang verhoogt bovendien het risico op covid-19-besmettingen. Leidt deze situatie niet meer naar coronaverspreiding dan coronabestrijding?De arbeidsrechtbank van Brussel heeft zich net uitgesproken over de zaak van een vluchteling die na twee weken in het park slapen nog geen afspraak heeft gekregen bij de DVZ. Fedasil moet hem nu direct opvang bieden. De arbeidsrechtbank vond deze tussenkomst noodzakelijk om de fysieke integriteit van deze vluchteling én de volksgezondheid te beschermen. Maar waar blijft de exitstrategie van het aanmeldcentrum? Wanneer kunnen verzoekers internationale bescherming weer op een directe manier hun aanvraag doen? Zodat ze niet langer zonder papieren of zonder onderdak ronddolen. Zodat ze vanaf de dag waarop ze hun verzoek tot internationale bescherming kenbaar maken met onmiddellijke ingang recht hebben op opvang, op medische zorg, op bescherming. Want zo zou het moeten werken.Wanneer komt de regering mee op voor de rechten van deze groep van mensen in onze samenleving die het vandaag extra moeilijk heeft? Geert Bossaerts is medewerkster bij Vluchtelingenwerk Vlaanderen waar ze een team vrijwilligers coördineert dat mensen met een verzoek voor internationale bescherming in België informeert aan het aanmeldcentrum in Brussel.