'Voor een relatief rijk land met een sterk uitgebouwde sociale zekerheid levert ons land in de aanpak van de kinderarmoede een middelmatige prestatie', stelt Frank Vandenbroucke, die zoals bekend de actieve politiek heeft geruild voor sociaal beleidsonderzoek aan de universiteiten van Leuven en Antwerpen. 'Dat is teleurstellend én zorgwekkend, want kinderarmoede kun je zien als een toonzettende factor voor sociale problemen in de toekomst.'

Een belangrijk instrument in de strijd tegen kinderarmoede zijn de schooltoelagen. Die houden rekening met het gezinsinkomen, zodat de kansen van kinderen in het onderwijs daarvan niet afhangen. En ze bereiken de meest bestaansonzekere gezinnen. 'Waarop wordt dan gewacht als men effectief iets wil doen tegen kinderarmoede en voor een betere inkomensherverdeling', vraagt Frank Vandenbroucke met aandrang.

Vandenbroucke baseert zich op gegevens van Europees inkomensonderzoek en op de jaarrapporten van Kind en Gezin. 'Als gekeken wordt naar gezinscriteria zoals inkomen, arbeid, huisvesting, gezondheid, het opleidingsniveau van de ouders en de ontwikkeling van de kinderen, is de situatie verontrustend. Zeker in grote steden zoals Antwerpen. Bovendien valt op hoe een laag opleidingsniveau jaar na jaar meer doorweegt. Dat is een paradoxale vaststelling voor een regio die de scholingsgraad in de voorbije twintig jaar heeft zien toenemen. Het wijst op een slecht verwerkte migratie van veel laaggeschoolden en op een falend leerplichtonderwijs, met veel te veel jongeren die zonder diploma de school verlaten. Dat voedt een vicieuze cirkel van lage scholing en kinderarmoede.'

Het volledige interview met Frank Vandenbroucke leest u deze week in Knack. Neem nu een supervoordelig abonnement op Knack.

'Voor een relatief rijk land met een sterk uitgebouwde sociale zekerheid levert ons land in de aanpak van de kinderarmoede een middelmatige prestatie', stelt Frank Vandenbroucke, die zoals bekend de actieve politiek heeft geruild voor sociaal beleidsonderzoek aan de universiteiten van Leuven en Antwerpen. 'Dat is teleurstellend én zorgwekkend, want kinderarmoede kun je zien als een toonzettende factor voor sociale problemen in de toekomst.'Een belangrijk instrument in de strijd tegen kinderarmoede zijn de schooltoelagen. Die houden rekening met het gezinsinkomen, zodat de kansen van kinderen in het onderwijs daarvan niet afhangen. En ze bereiken de meest bestaansonzekere gezinnen. 'Waarop wordt dan gewacht als men effectief iets wil doen tegen kinderarmoede en voor een betere inkomensherverdeling', vraagt Frank Vandenbroucke met aandrang. Vandenbroucke baseert zich op gegevens van Europees inkomensonderzoek en op de jaarrapporten van Kind en Gezin. 'Als gekeken wordt naar gezinscriteria zoals inkomen, arbeid, huisvesting, gezondheid, het opleidingsniveau van de ouders en de ontwikkeling van de kinderen, is de situatie verontrustend. Zeker in grote steden zoals Antwerpen. Bovendien valt op hoe een laag opleidingsniveau jaar na jaar meer doorweegt. Dat is een paradoxale vaststelling voor een regio die de scholingsgraad in de voorbije twintig jaar heeft zien toenemen. Het wijst op een slecht verwerkte migratie van veel laaggeschoolden en op een falend leerplichtonderwijs, met veel te veel jongeren die zonder diploma de school verlaten. Dat voedt een vicieuze cirkel van lage scholing en kinderarmoede.'