Om ervoor te zorgen dat de Vlaamse overheid een afspiegeling is van de samenleving legde de regering in het verleden streefcijfers op voor drie kansengroepen. Tegen 2020 moest 10 procent van de Vlaamse personeelsleden een migratie-achtergrond hebben, 3 procent werknemers met een handicap of een chronische ziekte en moesten er 40 procent vrouwen zitten in managementsfuncties. Maar volgens Vlaams parlementslid Kurt De Loor (SP.A) halen de Vlaamse ministers die cijfers niet op hun eigen kabinetten. 'Slechts 6 procent van de kabinetsmedewerkers heeft een migratie-achtergrond, slechts 0,3 procent heeft een handicap of chronische ziekte en slechts 11 vrouwen bekleden een topfunctie op de kabinetten', aldus De Loor. Hij noemt de cijfers 'ronduit beschamend'.

'De ministers zouden op hun kabinetten een voorbeeldrol moeten opnemen om hun eigen streefcijfers te behalen', zegt de SP.A'er.

1 op 283

Uit de gegevens die De Loor heeft opgevraagd blijkt ook dat er enkel op het kabinet van Vlaams minister Benjamin Dalle evenveel vrouwen als mannen werken. Op de kabinetten van N-VA-ministers Matthias Diependaele en Zuhal Demir werken het minste aantal vrouwen (6). Wat medewerkers met een migratie-achtergrond betreft, valt volgens De Loor op dat minister van Welzijn Wouter Beke (CD&V) geen enkele medewerker heeft uit die doelgroep. En van alle 283 kabinetsmedewerkes is er ook maar 1 (een medewerker op het kabinet-Demir) met een handicap of chronische ziekte.

Volgens De Loor blijkt uit de cijfers dat het diversiteitsbeleid van de Vlaamse regering 'blijft steken bij holle woorden'. 'Hoe kan je verwachten dat iemand het gelijkekansen- en diversiteitsbeleid van de Vlaamse overheid au sérieux neemt als de ministers op hun eigen kabinetten weigeren het goede voorbeeld te geven en de streefcijfers bijlange niet halen?', besluit hij.

Om ervoor te zorgen dat de Vlaamse overheid een afspiegeling is van de samenleving legde de regering in het verleden streefcijfers op voor drie kansengroepen. Tegen 2020 moest 10 procent van de Vlaamse personeelsleden een migratie-achtergrond hebben, 3 procent werknemers met een handicap of een chronische ziekte en moesten er 40 procent vrouwen zitten in managementsfuncties. Maar volgens Vlaams parlementslid Kurt De Loor (SP.A) halen de Vlaamse ministers die cijfers niet op hun eigen kabinetten. 'Slechts 6 procent van de kabinetsmedewerkers heeft een migratie-achtergrond, slechts 0,3 procent heeft een handicap of chronische ziekte en slechts 11 vrouwen bekleden een topfunctie op de kabinetten', aldus De Loor. Hij noemt de cijfers 'ronduit beschamend'.'De ministers zouden op hun kabinetten een voorbeeldrol moeten opnemen om hun eigen streefcijfers te behalen', zegt de SP.A'er. Uit de gegevens die De Loor heeft opgevraagd blijkt ook dat er enkel op het kabinet van Vlaams minister Benjamin Dalle evenveel vrouwen als mannen werken. Op de kabinetten van N-VA-ministers Matthias Diependaele en Zuhal Demir werken het minste aantal vrouwen (6). Wat medewerkers met een migratie-achtergrond betreft, valt volgens De Loor op dat minister van Welzijn Wouter Beke (CD&V) geen enkele medewerker heeft uit die doelgroep. En van alle 283 kabinetsmedewerkes is er ook maar 1 (een medewerker op het kabinet-Demir) met een handicap of chronische ziekte. Volgens De Loor blijkt uit de cijfers dat het diversiteitsbeleid van de Vlaamse regering 'blijft steken bij holle woorden'. 'Hoe kan je verwachten dat iemand het gelijkekansen- en diversiteitsbeleid van de Vlaamse overheid au sérieux neemt als de ministers op hun eigen kabinetten weigeren het goede voorbeeld te geven en de streefcijfers bijlange niet halen?', besluit hij.