In 1993 betrad de briljante jonge astro- en geofysicus Véronique Dehant voor het eerst de imposante gebouwen van de Koninklijke Sterrenwacht van België (KSB) in Ukkel. Vijfentwintig jaar later leidt ze er de dienst Referentiesystemen en Planetologie en geniet ze wereldwijde autoriteit in de studie van de rotatie van de aarde. Aan de UCL doceert ze astronomie en geofysica en leidt ze het Center for Space Radiations. Op zaterdag 5 mei woonde ze op de Vandenberg Air Force Base in Californië de vlekkeloze lancering bij van de NASA-ruimtesonde InSight - een letterwoord dat staat voor Interior Exploration using Seismic Investigations, Geodesy and Heat Transport. Als alles goed gaat, zal die op 26 november op Mars landen. Twee jaar lang zal hij de rode planeet inwendig onderzoeken. De KSB zal de gegevens van de sonde helpen verwerken en interpreteren.
...

In 1993 betrad de briljante jonge astro- en geofysicus Véronique Dehant voor het eerst de imposante gebouwen van de Koninklijke Sterrenwacht van België (KSB) in Ukkel. Vijfentwintig jaar later leidt ze er de dienst Referentiesystemen en Planetologie en geniet ze wereldwijde autoriteit in de studie van de rotatie van de aarde. Aan de UCL doceert ze astronomie en geofysica en leidt ze het Center for Space Radiations. Op zaterdag 5 mei woonde ze op de Vandenberg Air Force Base in Californië de vlekkeloze lancering bij van de NASA-ruimtesonde InSight - een letterwoord dat staat voor Interior Exploration using Seismic Investigations, Geodesy and Heat Transport. Als alles goed gaat, zal die op 26 november op Mars landen. Twee jaar lang zal hij de rode planeet inwendig onderzoeken. De KSB zal de gegevens van de sonde helpen verwerken en interpreteren. Hoe bent u bij het Mars-onderzoek betrokken geraakt? Véronique Dehant: Door mijn specialisatie: ik bestudeer de rotatie van de aarde. Als u ooit al eens een rauw en een gekookt ei rondjes hebt laten draaien op een tafel, hebt u gezien dat ze op een verschillende manier roteren. De rotatie vertelt ons of de kern van een ei vast of vloeibaar is. Hetzelfde geldt voor planeten: hun rotatie geeft veel informatie over hun diepste kern - is die vast of vloeibaar? Ik droomde al lang van een missie als deze. Samen met de European Space Agency (ESA) hadden we daar een tijd geleden ook plannen voor. Maar het binnenste van Mars was toen nog niet 'sexy' genoeg: eerst wilden ze het oppervlak bestuderen. We raakten niet aan fondsen, en daarom zochten we contact met de collega's van de NASA. Zij hebben het hele InSight- project wél rondgekregen. Wetenschappelijk ruimteonderzoek moet dus sexy zijn, als je het wilt financieren? Dehant: Het helpt als er ruimere belangstelling is. Een paar jaar geleden was het wereldnieuws toen de NASA sporen van vloeibaar water op Mars gevonden dacht te hebben: het grote publiek wilde dat zó graag. Later bleek het om droog zand te gaan - een lelijke tegenvaller. Het motto van het Mars Exploration Program van de NASA, begin deze eeuw, was: ' Follow the Water'. Want water op het oppervlak zou bijna automatisch betekenen: leven. Van dat leven ontbreekt nog elk spoor. Integendeel: het besef groeit dat Mars zo dood als een pier is.Daarmee zijn we bij de kernvraag van uw missie beland: waarom is er geen leven meer op Mars? Dehant: Precies. Ooit waren de drie voorwaarden voor leven er vervuld: behalve over vloeibaar water moet je beschikken over energie en voedingsstoffen. Tussen 4,6 miljard en 3,5 miljard jaar geleden, na het ontstaan van het zonnestelsel, búlkte Mars zelfs van het water. Op foto's die vanuit andere ruimtetuigen gemaakt zijn, kun je duidelijk de sporen zien die stromend water er heeft achtergelaten, met uitgedroogde rivierbeddingen en -delta's. Alles wat aan de oppervlakte van een planeet gebeurt, is verbonden met wat er zich binnenin afspeelt. Planeten die een vloeibare, stromende kern hebben, zoals de aarde, hebben bijvoorbeeld ook een magnetisch veld. Dat beschermt die planeten tegen zonnewinden, die hun atmosfeer oplossen. Om te begrijpen waarom Mars van levend naar dood geëvolueerd is, zoeken we met de InSight het antwoord op vragen als: hoe kan een atmosfeer rond een planeet ontstaan en weer verdwijnen? Aan de hand van Mars hoopt u, met andere woorden, inzicht te krijgen in de evolutie van alle aardachtige planeten, zoals ook Venus en Mercurius, en de aarde zelf? Dehant: Ja. De aardkorst bestaat uit grote tektonische platen. Vlak onder die korst ligt de aardmantel. De platen en het oceaanwater bewegen in en over de mantel, oefenen zo rechtstreeks invloed uit op de werking van vulkanen, en veroorzaken ook aardbevingen. Welnu, die platentektoniek heb je niet op Mars: de korst van die planeet bestaat uit een gigantische 'monoplaat'. Maar net daardoor kun je van Mars bij wijze van spreken de hele geschiedenis van ons zonnestelsel aflezen. De InSight wil onder andere Mars-bevingen registreren. Zijn die wel mogelijk als er geen platentektoniek is? Dehant: Ook dat willen we nagaan. De InSight heeft een seismometer die alle mogelijke bevingen zal vastleggen - van één ding zijn we al zeker: sommige worden veroorzaakt door meteorietinslagen. De resultaten zullen ons meer leren over de verhouding tussen de mantel en de korst van de planeet. De sonde heeft nog twee andere meetinstrumenten aan boord: een boor en een radiozender en -ontvanger. Via boringen in het Mars-oppervlak meten we de temperatuur tot vijf meter diep: zo brengen we de warmteoverdracht van de kern naar de oppervlakte in kaart. Vanaf de aarde zullen we ondertussen radiosignalen naar Mars sturen. De twee antennes op de InSight zullen die opvangen en meteen terugsturen. Zo meten we het dopplereffect. Dat kan ons iets leren over de beweging van Mars, net zoals het de politie bij radarcontroles iets leert over de snelheid van voorbijrijdende auto's. Hoelang zal de missie duren? Dehant: Minstens één Marsjaar, wat overeenkomt met twee aardjaren: de aarde draait in één jaar rond de zon, Mars doet daar dubbel zo lang over. Over twee jaar zal een volgende missie, ExoMars van de ESA, een rover naar Mars sturen om naar fossielen te zoeken, via boringen in het oppervlak. Ook daarbij zal de KSB betrokken zijn. Samen met het ruimtebedrijf Antwerp Space bouwen we nu Lander Radioscience of LaRa, een zender en ontvanger waarmee we vanaf 2020 de rotatie van Mars zullen bestuderen. We hebben daar pas alle officiële documenten voor in orde gemaakt, samen met onze partners van het Russische ruimtevaartagentschap Roscosmos. Mag ik daaruit afleiden dat in het ruimteonderzoek de Koude Oorlog definitief voorbij is? Van sancties tegen het beleid van Vladimir Poetin is in uw vakgebied geen sprake? Dehant: De Russische wetenschappers met wie ik contact heb, zijn aardige mensen. Over politiek praten we niet: ze willen alleen maar met hun wetenschap bezig zijn. Maar met hen samenwerken is niet altijd even gemakkelijk. De ESA is voorzichtig en test op voorhand alles goed uit; Russische wetenschappers hebben een andere mentaliteit: they just go for it. Vaak halen ze hun deadlines niet, wat wel eens frustrerend is. De laatste Russische missie naar Mars, de lancering van het ruimtetuig Phobos-Grunt in 2011, is op een mislukking uitgedraaid. Ik hoop dat de ESA een positieve invloed op de Russen heeft, maar zeker ben ik daar niet van. LaRa wordt geïnstalleerd op een Russisch platform, en daarom pendel ik nu tussen Brussel en Moskou. Mijn collega's bij Roscosmos staan te popelen om in actie te komen, maar moeten maanden wachten op beslissingen van hogerhand. Waarom alles zo moeizaam verloopt, daar praten ze niet graag over. Maar ze zitten er wel mee verveeld. Werkt u met de Amerikanen van de NASA vlotter samen? Dehant: Ja, dat gaat even vlot als samenwerken met de ESA. Die organisaties hebben solide procedures en werken grondig en secuur. België is klein en kan financieel geen complete missie aan; we opereren graag onder hun vleugels. Moet iemand in uw positie ook een goede lobbyist zijn? Dehant: Niet echt. Een uitstekende reputatie heb je wél nodig, anders kun je het wel schudden. De ESA heeft bijvoorbeeld via een strenge selectie beslist wie welk onderdeel van ExoMars mocht leiden. Ze hebben mijn cv grondig onder de loep genomen, net als onze plannen voor LaRa. InSight is goedgekeurd toen in Amerika Barack Obama nog aan de macht was. Het lijkt alsof de huidige president Donald Trump de erfenis van zijn voorganger zoveel mogelijk wil uitwissen. Merkt u iets van die nieuwe politieke toestand? Dehant: Helemaal niet. Ik hoor er ook geen verontrustende berichten over van NASA-collega's. Het ruimteonderzoek zal meer dooreengeschud worden door de komst van privé-investeerders. Omdat zij willen dat hun investeringen renderen? Dehant: Ja, en er speelt ook nog iets anders mee: zij dromen van kolonisatiereizen door het heelal. Ik hou daar niet van, het gaat regelrecht in tegen mijn wetenschappelijke inborst. Ik wil exploreren, niet veroveren. Kerels zoals Elon Musk moeten van mijn planeet afblijven. (lacht) Dat wil niet zeggen dat er in de verre toekomst nooit basissen gebouwd mogen worden waar wetenschappers onderzoek kunnen voeren - maar wij zijn altijd heel voorzichtig als we de ruimte ingaan. We letten er bijvoorbeeld op dat we nooit afval achterlaten. De Nederlandse stichting Mars One wil in 2026 vier mensen naar Mars sturen. Is dat een waanzinnig plan? Dehant: Weet u wat ik er waanzinnig aan vind? Dat het om een enkele reis gaat. Kijk, het is nu al perfect mogelijk om op Mars een basis te bouwen waar mensen kunnen overleven. En ik heb geen bezwaar tegen een bemande ruimtereis naar Mars, op voorwaarde dat we terugvluchten kunnen organiseren. Maar daar hebben we de technologie nog lang niet voor. De eerste stap zal zijn dat we bodemmonsters van daar naar hier brengen. De NASA en de ESA hebben onlangs een akkoord gesloten om daar hun krachten rond te bundelen. De volgende stap zal dan het transport van mensen zijn. Dat nú al doen, goed wetende dat de betrokkenen er na een paar jaar zullen sterven, is ethisch onverantwoord. Ook al is het hun eigen keuze. Ook als ze u als wetenschapper een reis naar Mars aanbieden, wijst u die vriendelijk af? Dehant: Zonder twijfel. We kunnen ons Mars-onderzoek door robots laten uitvoeren. Is er ergens anders in ons zonnestelsel nog leven mogelijk? Dehant: Ja, maar dat leven zou cellulair zijn: bacteriën die de kosmische straling kunnen doorstaan. Ik denk dan aan wezens zoals onze beerdiertjes. Die zijn amper 0,1 tot 0,5 millimeter groot en zijn bestand tegen langdurige koude, droogte en warmte. Het zijn de meest veerkrachtige levende wezens op aarde. Het enige wat ze nodig hebben, is energie, vloeibaar water en voedingsstoffen. De maan Europa van de planeet Jupiter is een interessante kandidaat voor leven in de vorm van beerdiertjes. Die maan heeft een ijle atmosfeer met zuurstof, en onder de korst bevindt zich vermoedelijk een oceaan die misschien in contact staat met rotsgesteente. Als die hypothese klopt, zijn er automatisch voedingsstoffen voorhanden. En is het mogelijk dat er ergens in het heelal wezens leven die minstens evenveel verstand hebben als wij? Dehant: Dat kan. Sinds de jaren negentig ontdekken we met de hulp van sterke telescopen steeds meer exoplaneten. Dat zijn planeten die niet rond onze zon draaien, maar rond andere sterren. Een aantal bevinden zich tegenover hun ster op levensvatbare plekken. De kans bestaat, met andere woorden, dat er nog ergens een planeet zoals de aarde is. Maar ik focus me liever op ons zonnestelsel: die andere sterrenstelsels zullen buiten ons bereik blijven. De InSight-missie kost 828 miljoen dollar - een kleine 710 miljoen euro. Kunnen we het vele belastinggeld dat naar ruimteonderzoek gaat niet beter investeren in wetenschappelijk onderzoek op aarde? Dehant: Laat er geen misverstand over bestaan: we móéten investeren in onderzoek naar onze eigen planeet. Maar ruimteonderzoek is ook nodig, want dat levert ons heel wat op. Wij ontwikkelen technologie die later de basis voor aardse toepassingen kan zijn. Teflon is bijvoorbeeld een succesvolle spin-off van het Amerikaanse ruimtevaartprogramma. Is ruimtewetenschap een mannenwereld? Dehant: De ingenieurs zijn vooral mannen, maar onder de wetenschappers is de verhouding tussen mannen en vrouwen in evenwicht. Er zitten heel wat vrouwen in mijn team. Reizen naar Mars neemt veel tijd in beslag. U bent als wetenschapper gericht op de lange termijn? Dehant: Zeker, InSight en ExoMars kunnen me zelfs nog overleven. (lacht) Ik heb nog zeven jaar te gaan voor ik met pensioen moet. Gelukkig heb ik jonge collega's die uitstekend werk leveren. Soms is die lange termijn wel lastig. Toen ik LaRa voor het eerst voorstelde, was dat nog een abstract idee. Je moet dan een instrument verdedigen waarvan niets concreets voorhanden is. Gebeurt het wel eens dat zo'n abstract idee niet in de praktijk te brengen valt? Dehant: Dat risico is klein, omdat zowel de NASA als de ESA de theorie op voorhand sterk doorlichten en uittesten. Maar op het moment dat de InSight de lucht in ging, hadden wij als wetenschappers er wel al veel tijd en energie in geïnvesteerd. Als we in 2020 ExoMars de ruimte in sturen, zal de stress opnieuw door mijn lijf gieren. Eigenlijk is mislukken geen optie, want dan zou alles wat we ontwikkeld hebben voor niets geweest zijn. Maar de kans op mislukking bestaat? De InSight kan bij de landing in november crashen en de ExoMars kan bij de lancering in 2020 exploderen? Dehant: Daar moet ik rekening mee houden. De vorige ExoMars-missie dateert van mei 2016. De toen volledig nieuw ontwikkelde landingsmodule, Schiaparelli, crashte in oktober dat jaar bij de landing op Mars. De InSight kost 450.000 dollar en is goedkoper dan de Schiaparelli. Niet omdat de nieuwe sonde uit minderwaardige materialen gebouwd is, maar omdat ze een perfecte kopie is van de 'oude' Phoenix, de sonde die in 2008 probleemloos op Mars geland is. Ik heb er dus goede hoop op dat de landing straks ook zal lukken, en dat we champagne zullen kunnen drinken. En als het toch misgaat, zullen we óók het glas heffen. Als troost. (lacht)