'Ik vind dat veertien dagen in quarantaine te lang is.' Het is niet de eerste keer dat minister van Welzijn Wouter Beke (CD&V) zich ergert aan de criteria voor het contactonderzoek. Woensdag zette hij in het Vlaams Parlement zijn pleidooi voor een halvering van de thuisisolatie nog een keer kracht bij.
...

'Ik vind dat veertien dagen in quarantaine te lang is.' Het is niet de eerste keer dat minister van Welzijn Wouter Beke (CD&V) zich ergert aan de criteria voor het contactonderzoek. Woensdag zette hij in het Vlaams Parlement zijn pleidooi voor een halvering van de thuisisolatie nog een keer kracht bij. Beke haalt daarvoor inspiratie bij Emmanuel André (KU Leuven). André staat aan het hoofd van het interfederaal comité testing en contactopvolging en vraagt al langer een aanpassing. Op dit moment krijgen mensen die een hoog risico lopen om besmet te zijn via een callcenter de vraag om zich veertien dagen te isoleren. Zo wordt de mogelijke verspreiding ingedijkt. Het manuele contactonderzoek wordt daarom als essentieel bestempeld in de exitstrategie.Volgens het kabinet-Beke is die termijn van veertien dagen zelfisolatie echter een van de redenen waarom (mogelijke) patiënten weigerachtig staan tegenover het delen van contactgegevens met de 'coronaspeurders'. Zo veroordeelt men immers vrienden of kennissen tot twee weken thuisblijven. 'Voor wie kan telewerken is dat geen ramp, maar voor anderen kan dat zware sociale of financiële gevolgen hebben', klinkt het.Op aangeven van André en Beke zou er binnenkort een test volgen na één week isolatie. Is die negatief, dan kan de persoon terug aanvangen met het normale leven. Wie positief test, blijft thuis. Niet alleen praktisch is die strategie nuttig. Ook op economisch vlak zijn er voordelen. Een broeihaard in een school of bedrijf zal op die manier niet per definitie leiden tot een stopzetting van alle activiteiten voor de periode van twee weken. Bovendien laat de huidige testcapaciteit die extra testing toe. De laatste dagen worden er minder dan tienduizend tests per dag afgenomen, terwijl de capaciteit een veelvoud daarvan is. InfocampagneDe kwestie wordt vrijdag besproken op de interministeriële conferentie, waarop alle bevoegde gezondheidsministers bijeenkomen. Verschillende bronnen op Vlaams en federaal niveau geven aan dat de neuzen in dezelfde richting staan. De verwachting is dat vrijdag het licht op groen wordt gezet om alvast dit luik van het contactonderzoek bij te spijkeren. Enkel een negatieve advies van de Risk Assessment Group (RAG) of de Risk Management Group (RMG) zou nog roet in het eten kunnen gooien.In het Vlaams Parlement gaf minister Beke aan ook een informatiecampagne op poten te zetten. Daarmee moet het contactonderzoek nog breder bekend worden en, vooral, meer vertrouwen inboezemen bij de bevolking. 'Het is belangrijk dat iedereen weet dat de privacy gerespecteerd zal worden', aldus Beke. Onder meer GEES-voorzitter Erika Vlieghe (UZA) is al langer vragende partij voor zo'n initiatief. Het contactonderzoek wordt sinds zijn begindagen geplaagd door kinderziektes. Over zowat alle aspecten stromen klachten binnen. Zo zouden de 'coronaspeurders' te weinig werk om handen hebben. Gecontacteerde personen geven dan weer te weinig telefoonnummers door. Huisartsen vinden op hun beurt dat de resultaten van de testen te lang op zich laten wachten. Bovendien zit het wettelijk kader van de door de coronaspeurders gebruikte databank met haken en ogen aaneen. Woensdag luidde Kati Verstrepen, voorzitter van de Liga voor Mensenrechten, opnieuw de alarmbel. 'Maak van dit monster genaamd corona-databank een helder en transparant instrument', aldus de Liga.