'Naast me op het strand, op ongeveer 50 meter afstand, zat een gezin met twee meisjes van ongeveer vijf jaar en een jongetje van een jaar of drie, vier. Vader en moeder op twee stoeltjes, bolderkar mee, emmertjes en schepjes eromheen. Ineens zag ik dat het jongetje een tuigje om kreeg. Hij werd aan een lijn vastgemaakt. Er werd een paal in de grond geslagen en het tuigje zat vast aan een soort hondenlijn die een bepaalde actieradius toeliet.' De Nederlandse columniste Annelies Dronkert schreef deze zomer een verontwaardigd stuk op de website Vrouw.nl, over kinderen die in de openbare ruimte verschijnen aan zogenaamde 'tuigjes'. En ze werd op diezelfde website van antwoord gediend door de Vlaamse Miet, auteur van de blog Drie broertjes. Haar negenjarige zoon met een beperking draagt ook een tuigje wanneer ze op stap gaan, 'voor zijn eigen veiligheid, om hem de rust...

'Naast me op het strand, op ongeveer 50 meter afstand, zat een gezin met twee meisjes van ongeveer vijf jaar en een jongetje van een jaar of drie, vier. Vader en moeder op twee stoeltjes, bolderkar mee, emmertjes en schepjes eromheen. Ineens zag ik dat het jongetje een tuigje om kreeg. Hij werd aan een lijn vastgemaakt. Er werd een paal in de grond geslagen en het tuigje zat vast aan een soort hondenlijn die een bepaalde actieradius toeliet.' De Nederlandse columniste Annelies Dronkert schreef deze zomer een verontwaardigd stuk op de website Vrouw.nl, over kinderen die in de openbare ruimte verschijnen aan zogenaamde 'tuigjes'. En ze werd op diezelfde website van antwoord gediend door de Vlaamse Miet, auteur van de blog Drie broertjes. Haar negenjarige zoon met een beperking draagt ook een tuigje wanneer ze op stap gaan, 'voor zijn eigen veiligheid, om hem de rust te gunnen die hij nodig heeft'. Daar hebben omstanders niet altijd begrip voor, schrijft ze. 'We zien verontwaardigde blikken en horen kwetsende opmerkingen. Gisteren kreeg mijn zoon, na een dag vol gestaar, opmerkingen en gelach, een zware crisis in een attractiepark. Een groepje pubers deed hem na, lachte om hem en ons.' Of je je kind nu wel of niet zo'n 'tuigje' kunt aandoen, is al langer voer voor discussie. Bij ons zie je ze niet zo vaak meer, maar onder meer in Nederland en de Verenigde Staten komen ze geregeld voor. En heus niet alleen voor kinderen met een beperking. Heel wat ouders hebben te kampen met 'weglopertjes'. Dankzij zo'n tuigje weten ze tenminste dat hun kind niet onder een auto belandt. Of dat het niet om de haverklap door de intercom van de supermarkt wordt afgeroepen ('De kleine Ella wacht op haar ouders aan het onthaal.') Onze noorderburen hebben zelfs een gespecialiseerde website: kindertuigjes.nl. Met een heel assortiment, van zogenaamde 'polstuigjes' (u en uw kind dragen een polsbandje dat verbonden is met een snoer, van 1,5 tot 2,5 meter lang) tot 'knuffeltuigjes': aaibare rugzakjes in de vorm van een olifant of aap, waaraan een 'looplijn' verbonden is. Die vrolijke variant verzacht - voor uw kind én de buitenwereld - natuurlijk het 'leiband-gevoel'. Want dat is de kritiek die het vaakst klinkt: kinderen zijn geen honden. Nochtans was dit soort praktijken enkele decennia geleden nog heel normaal. In de wereldwijde bestseller Baby- en kinderverzorging van Dr. Benjamin Spock - ja, ook in recente edities - kunt u lezen dat het de ontwikkeling van kinderen belemmert als u ze constant in de kinderwagen houdt. Ze zelf laten lopen, met of zonder tuigje, is volgens Spock een beter idee. Al waarschuwt hij wel: 'Je moet dit echter niet gebruiken om je kind lange tijd op één plaats vast te houden, alleen maar voor je eigen gemak.' Wanneer we pedagoge en gedragstherapeute Marijke Bisschop vragen wat zij van zo'n tuigje vindt, wordt ze op slag nostalgisch. 'Als kind woonde ik in Rotterdam en wanneer mijn moeder met haar kroost de straat opging, kregen we ook een mooi, lichtblauw tuigje aan. Zo hadden wij veel bewegingsvrijheid, en mijn moeder een veilig gevoel. Wij zaten thuis trouwens ook vaak in ons park, zodat moeder tenminste rustig naar het toilet kon. Nu zie ik in de woonkamer van jonge ouders vaak een park vol speelgoed, terwijl hun kind ernaast staat en zijzelf constant op hun hoede moeten zijn. Terwijl kinderen ook niet té veel vrijheid nodig hebben. Kinderen hebben bewegingsruimte nodig, maar ook duidelijke grenzen. En ik moet hier akkoord gaan met dokter Spock: het is beter om een kind met een tuigje te laten rennen dan het de hele wandeling vast te snoeren in de buggy. Ik herinner me nog goed de stress die ik voelde toen ik mijn kleinzoon te voet ging afhalen bij de crèche. Hij liep soms heel snel weg, ik kon hem amper bijhouden. Had ik toen maar zo'n tuigje gehad!' De associatie met een leiband is onzin, vindt Bisschop. 'Uiteraard zijn kinderen geen honden. Maar ze zijn wel impulsief en zien geen gevaar. Dus als ouder wil je voorkomen dat ze tussen twee auto's glippen, en omver worden gereden door iemand op de fiets of step. Zodra je op een veilige plek komt, zoals de speeltuin, kan dat tuigje uiteraard weer uit.' En voor u zich zorgen maakt: uw kind zal er geen trauma's aan overhouden. 'Als je het van kleinsaf gebruikt, weet een kind niet beter. Alleen volwassenen maken er vreemde associaties bij, kinderen niet.'