Gabriël Rau beleeft een doorbraakseizoen om van te dromen, maar drie jaar geleden verklaarde iedereen hem voor gek. Op zijn zestiende stopte Rau met school, om een droom na te jagen die toen onbereikbaar leek: de Brugse tiener wilde professioneel gamer worden. Hoongelach op alle banken was zijn deel. Zelf had hij er alle vertrouwen in. 'Gamen deed ik liever dan studeren. Ik had het moeilijk met de discipline op school; mijn resultaten waren navenant. En dus dacht ik: "Misschien ligt mijn toekomst in wat ik het liefste doe." En als ik dat goed wilde doen, moest ik er helemaal voor gaan, vond ik. Wat de buitenwereld daarvan dacht, maakte me weinig uit. De steun van mijn moeder had ik in ieder geval.'
...

Gabriël Rau beleeft een doorbraakseizoen om van te dromen, maar drie jaar geleden verklaarde iedereen hem voor gek. Op zijn zestiende stopte Rau met school, om een droom na te jagen die toen onbereikbaar leek: de Brugse tiener wilde professioneel gamer worden. Hoongelach op alle banken was zijn deel. Zelf had hij er alle vertrouwen in. 'Gamen deed ik liever dan studeren. Ik had het moeilijk met de discipline op school; mijn resultaten waren navenant. En dus dacht ik: "Misschien ligt mijn toekomst in wat ik het liefste doe." En als ik dat goed wilde doen, moest ik er helemaal voor gaan, vond ik. Wat de buitenwereld daarvan dacht, maakte me weinig uit. De steun van mijn moeder had ik in ieder geval.' Niet lang daarna werd Rau, in het wereldje beter bekend onder zijn pseudoniem Bwipo, opgepikt door een Russisch gameteam en verhuisde hij naar Moskou. Begin dit jaar tekende hij bij het Britse Fnatic, een van de grootste gameteams ter wereld, als reserve voor de Franse vedette Paul Boyer (pseudoniem: sOAZ). Toen Boyer zich aan zijn hand blesseerde, promoveerde Rau tot basisspeler. In april kroonde hij zich met Fnatic tot Europees kampioen in het spel League of Legends. 'Dat is veel meer dan ik als bankzitter had gehoopt. Ik vond het al een eer dat een van Europa's beste ploegen mij had gevraagd', zegt hij. Zijn team verdiende met die ene overwinning net geen 100.000 euro. Een knappe som, maar bij Fnatic kijken ze er niet van op: het Britse team haalde in totaal al bijna 11 miljoen dollar (9,5 miljoen euro) aan prijzengeld binnen. Geld verdienen met computerspelletjes spelen, op zich is het niet nieuw: sommige betalende toernooien bestaan al meer dan twintig jaar. De gamechanger was, de voorbije jaren, dat er professionele clubs zijn ontstaan, die een kader uitbouwden en hun spelers een loon uitbetalen. Hoeveel hij tegenwoordig verdient, geeft Gabriël Rau liever niet prijs, maar bij zijn kleinere Russische team kreeg hij 4500 euro bruto per maand. Aan de top van de e-sport, de verzamelnaam voor gamen op professioneel niveau, zijn salarissen tot 20.000 euro niet ongewoon. De grotere clubs - Fnatic, het Chinese Invictus Gaming, de Californiërs van Evil Geniuses - zijn instituten geworden. Ze verkopen merchandise en kunnen wereldwijd bogen op een indrukwekkende supportersschaar. Zeker op de sociale media ogen de cijfers indrukwekkend. Adil 'ScreaM' Benrlitom, wellicht Belgiës bekendste gamer, heeft 326.000 volgers op Twitter. Ter vergelijking: Charles Michel, onze premier, heeft er 211.000. De sponsors zien het potentieel. Wereldmerken als Coca-Cola, Audi en HTC zijn allemaal in de e-sport gestapt. De populairste en best betalende spelletjes zijn, naast League of Legends, Dota 2 en Counter-Strike. Je speelt ze online en als ploeg. Zoals in elke sport heb je ook in de e-sport dopingzaken, blessures en transferperikelen. En gokschandalen: er wordt massaal op de jonge sporttak gewed. 'De buitenwereld beseft nog niet hoe groot professioneel gamen geworden is. Maar dat staat op het punt te veranderen', vertelt Nicolas 'Atomium' Farnir. De Luikenaar is teammanager bij Schalke 04 eSports. Net als PSG en Besiktas heeft de Duitse voetbalclub een bestaand e-sportteam overgenomen. Ze is lang niet alleen: celebrity's als zangeres Jennifer López, formule 1-rijder Fernando Alonso en de voormalige basketballegende Earvin 'Magic' Johnson investeerden het voorbije jaar in een gameploeg. In België zetten Standard Luik en Anderlecht schuchtere eerste stappen: beide clubs hebben één e-sporter in dienst die voor hen het voetbalspel FIFA speelt. 'Veel tieners en twintigers leven vooral online', vertelt Farnir. 'Ze vallen buiten het bereik van de traditionele media, hoewel ze interessante consumenten zijn - onderschat hun koopkracht niet. Games zijn het ideale platform om je met dat jonge publiek te verbinden.' Farnirs job bestaat erin het 'gamehuis' van Schalke draaiende te houden. De spelers wonen samen in een villa in Berlijn. Daar staat een voltijdse kok tot hun beschikking, net als een psycholoog, twee tactiektrainers en een fondsenwerver. Momenteel heeft de club een vacature voor een socialemediabeheerder. 'De spelers hebben ook allemaal een persoonlijke manager, om bij contractbesprekingen het onderste uit de kan te halen', zegt Farnir nog. Gamen is ook tot een internationale kijksport uitgegroeid. Het Nederlandse marketingbureau Newzoo, gespecialiseerd in e-sport, schat dat 380 miljoen mensen professionele wedstrijden volgen. E-sport is in zijn geheel zo'n 906 miljoen dollar (775 miljoen euro) waard; tegen 2020 zou dat bedrag klimmen naar 1,7 miljard. De meeste fans volgen de actie via de website Twitch.tv, een soort van YouTube voor onlinespelletjes. In 2014 kocht internetgigant Amazon de site voor 970 miljoen dollar, wat nu al een koopje lijkt. In maart werd er op Twitch in totaal 88,3 miljoen uur naar League of Legends gekeken. En dan hebben we het over één maand van één spel op één site. Je hebt uiteraard nog andere kanalen. De betere gamers beheren er bijvoorbeeld ook zelf, met miljoenen abonnees. De reclame-inkomsten zijn navenant. De opkomst van Twitch heeft van de profspelers grootverdieners gemaakt. Facebook en YouTube voeren momenteel een agressieve campagne om Twitch marktaandeel af te snoepen. Ook televisiezenders gaan overstag. Het Amerikaanse ESPN, dat zichzelf afficheert als ' The Worldwide Leader in Sports', heeft de e-sport omarmd. ESPN behandelt professioneel gamen als om het even welke andere sport - met vaste analisten, diepte-interviews en matchverslagen. In ons land laat Proximus zich niet onbetuigd: in september start de zender Esport TV, die Belgische Counter-Strike en FIFA-wedstrijden zal uitzenden. Niet alle profgamers zijn even vaardig. Sommigen zijn vooral entertainend. De Zweed PewDiePie, met 62 miljoen abonnees de populairste gamer ter wereld, valt bijvoorbeeld in die categorie. Hij bouwt een plezierige show vol woordgrapjes en stunts, waarin hij toevallig ook computerspelletjes speelt. Stapt hij ooit in de virtuele arena met Adil 'ScreaM' Benrlitom, een heuse vedette in het schietspel Counter-Strike, dan maakt hij geen schijn van kans. Die 23-jarige Marokkaanse Belg is binnen het wereldje zo bekend dat er een computermuis naar hem is vernoemd: de Finalmouse ScreaM One. Zoals voetballers een eigen sportschoen hebben, zo kopen gamefanaten materiaal met de naam van hun favoriete prof. 'In België word ik maar af en toe herkend. Wij zijn een klein gameland', vertelt Benrlitom, die voor het Amerikaanse Team EnVyUs uitkomt. 'Maar wanneer ik de Verenigde Staten, Zuid-Korea of Polen bezoek, levert dat dolle taferelen op.' Dat Polen in die opsomming staat, verbaast misschien, maar het Oost-Europese land speelt een voortrekkersrol. Het grootste e-sporttoernooi ter wereld, de Intel Extreme Masters, lokt elk jaar meer dan 100.000 spelletjesfanaten naar Katowice. Benrlitom heeft al voor 228.000 dollar (195.000 euro) aan prijzengeld verdiend. Weinig Belgische sporters doen beter, maar op de lijst der grootverdieners in de gamewereld staat hij pas op plaats 337. Op 1 staat de Duitser Kuro 'KuroKy' Takhasomi, met 3,6 miljoen dollar (3 miljoen euro). 'De toppers van nu zullen allemaal nog spijt krijgen dat ze niet later zijn geboren', zegt de gamer. 'Het salaris en het prijzengeld stijgen jaar na jaar. 2016 was mijn topseizoen: met de resultaten van toen zou ik nu een veelvoud aan prijzengeld krijgen. Over een paar jaar zul je pas écht groot geld verdienen met gamen.' Nicolas Farnir van Schalke 04 eSports vergelijkt het met de evolutie van het voetbal sinds eind jaren negentig. 'De sterren van toen verdienden goed voor hun tijd, maar vergeleken met de huidige standaard ging het om bescheiden bedragen. Minder dan een bankzitter in de Premier League krijgt. Vijf jaar geleden verdienden e-sporters net genoeg om rond te komen, nu gaat het om sommen waar een gewone werknemer niet op hoeft te hopen. En het einde is nog lang niet in zicht.' Maar de e-sportwereld is, tot nader order, ook een beetje de Far West. Twee jaar geleden werd het Amerikaanse Team Impulse geschorst omdat het de lonen van zijn spelers niet betaalde. Spelletjesproducent Riot Games legde het een boete van 20.000 dollar op, wat meteen het einde van het team betekende. Het is nog wachten op een erkend overkoepelend orgaan dat de e-sport reguleert. Wat heb je nodig om profgamer te worden? Vlugge vingers, snelle hersenen? 'Dat ook', antwoordt Adil Benrlitom. 'Maar zelf vat ik het samen als: een beetje talent, veel geluk en veel geduld.' 'Ik speelde ontzettend veel toen ik tien, twaalf jaar was. Daardoor merkte de spelersgemeenschap me op en werd ik uitgenodigd door een sterk team. Die ervaren gamers tilden mij naar een hoger niveau. Daarom zeg ik dat je geluk nodig hebt: was ik niet op de juiste mensen gestoten, dan was gamen een hobby gebleven. Ze hebben me ook op het hart gedrukt: "Je wordt niet voor niets een topper, je moet doorzettingsvermogen tonen." Een professional traint minstens twaalf uur per dag. Dat kun je alleen blijven opbrengen als je er echt van houdt.' Benrlitom staat bekend als de koning van het 'headshot': met één goedgerichte klik schakelt hij een vijand uit, wat bijzonder moeilijk is. Om in een fractie van een seconde doel te treffen, heb je een uitzonderlijke focus nodig. Beschouwt hij zichzelf als een atleet? Benrlitom aarzelt even, maar zegt dan resoluut ja. 'Qua zelfdiscipline kun je professionele gamers vergelijken met profsporters. Uiteraard moet je snel een spelsituatie kunnen doorzien en de motoriek bezitten om vlug raak te klikken. Dat is het beetje talent dat erbij komt kijken - niet iedereen kan prof worden. Maar zelf denk ik dat mijn mentale instelling het verschil maakt. Ik wil gewoon dolgraag de beste zijn.' 'Een professionele gamer heeft een lastig bestaan. Je mag dat niet onderschatten', waarschuwt Nicolas Farnir. 'De werkdag van onze spelers begint rond de middag en eindigt om 21 uur 's avonds. Eigenlijk wordt er verwacht dat ze voor en na de officiële training nog een paar uur spelen. Er zijn weinig sporten waarin er zoveel wordt getraind. Op vrijdag en zaterdag spelen ze wedstrijden. Er zijn weken dat de competitie stilligt, ja, maar dan reizen de besten de wereld rond om internationale toernooien te spelen.' 'Het zwaarst weegt de druk door de sociale media. De bereikbaarheid van onze atleten is een van de sterktes van onze sport. Ze staan de klok rond in contact met hun fans. Maar u weet hoe het er op Facebook en Twitter aan toe gaat: de lof is extreem, de kritiek bikkelhard. Mentaal moet je sterk staan - en vergeet niet dat het hier gaat over jongemannen van 16 tot 24 jaar. Alle ploegen hebben sportpsychologen in dienst, en dat is geen overbodige luxe.' Of zoals Gabriël Rau het verwoordt: 'Iets twaalf uur per dag graag blijven doen, elke dag van het jaar: het vraagt een toewijding die weinigen gegeven is.' Het mag niet verbazen dat gamers snel opbranden. Lange carrières zijn zeldzaam. Ex-spelers schuiven door naar ondersteunende functies of worden analist in de spectaculair groeiende spelletjesmedia. Adil Benrlitom heeft zichzelf een ambitieus doel gesteld, bijna ongezien in de gamewereld: hij wil tot zijn dertigste prof blijven. 'Mijn reflexen zullen vertragen, maar ik hoop dat te compenseren met mijn strategisch inzicht', zegt ScreaM. Adil Benrlitom zou ons land graag vertegenwoordigen op de Olympische Spelen van 2024 in Parijs. Het Franse organisatiecomité wil gamen op het programma zetten, en het Internationaal Olympisch Comité staat daar niet afkerig tegenover. De Aziatische Spelen van 2022 worden een testcase: dan vallen er voor het eerst medailles te verdienen in de e-sport. Wordt het een olympische discipline, dan lijkt de kampioen al bekend: nergens leeft gamen zo sterk als in Zuid-Korea, waar spelers megasterren zijn, met flauwvallende tienermeisjes en alle gekte die je je erbij kunt inbeelden. In internationale confrontaties vegen de Zuid-Koreanen met iedereen de vloer aan. 'Gamen op de Spelen: buitenstaanders vinden het bijna absurd', zegt Adil Benrlitom. 'Maar als je beseft hoe groot deze sport is, hoe professioneel ze wordt beoefend en hoeveel geld erachter zit, dan weet je: het is de logische volgende stap.' Een cruciale vraag daarbij is: welk spel zal er dan worden gespeeld? Populaire games komen op en vallen weer uit de gratie. Vaak is het dan einde verhaal voor de heersende generatie toppers. 'Wie gamet, moet zich voortdurend aanpassen', zegt Nicolas Farnir schouderophalend. 'Spelers zijn dat gewend: om de zoveel tijd komt er een nieuwe update die de balans binnen hun game verstoort. Er ontstaan dan nieuwe manieren om te winnen.' 'Vergelijk het met voetbal: vandaag speelt geen enkele ploeg nog catenaccio, dat sterk defensieve systeem, terwijl dat ooit dé sleutel tot succes was. Toch is een stevige verdediger nog even gewild als in de jaren tachtig. Daarnaar evolueert ook het gamen: vroeg of laat wordt onze sport zo professioneel dat de toptalenten zullen overstappen van spel naar spel.'