Hoe anders wilt u ons naar de wereld laten kijken?
...

Hoe anders wilt u ons naar de wereld laten kijken? Wannes Gyselinck: Met de blik van iemand die gelooft dat deze wereld evengoed anders kan zijn. Beter. Dat zeg ik zonder een spatje cynisme. De tragedie van de volwassenheid is dat je wereldbeeld dreigt te stollen. Bij jongeren is dat niet zo. Hun houding daagt het status quo uit: there is an alternative. Dat geloof in nieuwe verhalen ligt aan de basis van Salon Secret. Wat is de link tussen zo'n 'geheime salon' en een betere wereld? Gyselinck: In het prerevolutionaire Parijs waren geheime salons zoals die van Baron d'Holbach (1750 - 1789) de ontmoetingsplek voor denkers als Denis Diderot, David Hume en Voltaire. Daar spraken ze vrijuit over hoe anders de wereld zou kunnen zijn, iets wat je in die tijd je kop kon kosten. Zo werd de kiem gelegd van de Franse Revolutie. Eerst is er het woord, daarna komt - soms - de daad. Door die Franse Revolutie ontdekten mensen hoe ze de geschiedenis en de wereld konden vormgeven. En hoe elke omwenteling een ontwrichting is. Er is ook een historische link tussen die Europese revolutionairen en de actuele terreur. De Indiase auteur Pankaj Mishra vertelt in Tijd van woede hoe Franse anarchisten aan het einde van de 19e eeuw bommen gooiden in Parijse danscafés. Op 13 november 2015 deed de IS zowat hetzelfde. In het stuk worden vijf revolutionairen opgevoerd? Gyselinck: Ja, ze worden gespeeld door Dominique Collet, Simon De Winne, Günther Lesage, Joris Van den Brande en Ans Van den Eede of Greg Timmermans. Ze zijn fictieve personages die het theater als dekmantel gebruiken om hun ' salon secret' te organiseren. Elke figuur staat voor een houding tegenover de revolutie. Er is de individualistische anarchist, de dromer, de radicaal die tot daden wil overgaan, de paranoïcus, en de verhalenverteller. Die laatste wil stiekem De Stomme van Portici opvoeren omdat die opera in 1830 de vonk aan de lont was van de Belgische revolutie. Maar al klungelend met theatergordijnen en decorstukken discussiëren ze vooral over elkaars ideeën.Wat houden die zoal in?Gyselinck: Ze vragen zich af of de mensheid niet tot betere dingen in staat is dan we denken. Rebecca Solnit beschrijft in A Paradise Built in Hell (2009) hoe na een ramp de media altijd berichten over plunderingen. Toch ziet zij ook vaak het omgekeerde gebeuren: mensen helpen elkaar, ze vormen opnieuw een gemeenschap. Je zou bijna denken: we hebben een ramp nodig. Onze wens? Dat het geloof in de maakbaarheid van de wereld even besmettelijk mag zijn als een griepepidemie. (lacht)