In de zee-engte nabij Iran werden de afgelopen maanden enkele vrachtschepen aangevallen. De Verenigde Staten wijzen met de vinger naar Iran, dat de beschuldigingen van de hand wijst. Om de doorgang in de belangrijkste olieroute ter wereld te vrijwaren, wil Washington een militaire observatiemissie op de been brengen. Dinsdag berichtte De Morgen dat ook België een uitnodiging heeft ontvangen om aan de Amerikaanse operatie deel te nemen.

Kiezen is verliezen

Volgens minister van Defensie en Buitenlandse Zaken Didier Reynders onderzoekt het defensiedepartement momenteel of het militair-technisch mogelijk is om een of meerdere schepen naar de Straat van Hormuz te sturen. Maar in defensiekringen valt te horen dat België niet over voldoende materieel beschikt om aan de operatie deel te nemen. 'We hebben daar de middelen niet voor', vertelt een welingelichte bron op voorwaarde van anonimiteit aan Knack. 'België heeft twee fregatten, waarvan er één beurtelings wordt opgewerkt of reparaties ondergaat. De regel luidt dat je minstens drie schepen nodig hebt om er één permanent te kunnen inzetten', klinkt het.

In het beste geval sturen we enkele verbindingsofficieren die op een Amerikaans hoofdkwartier aan de slag gaan.

Een goedgeplaatste diplomaat

Probleem is dat een van de twee Belgische fregatten vanaf augustus tot en met december zal deelnemen aan de NAVO-operatie. In die periode moeten de Verenigde Staten dus niet rekenen op de deelname van een fregat aan de operatie in de Straat van Hormuz.

Kan België zich dan engageren om vanaf januari aan de missie in het Midden-Oosten deel te nemen? Ook dat stuit op bezwaren. Momenteel voorziet het Plan Operaties voor 2020 van de Belgische Defensie dat een fregat vanaf januari tot en met juni in het raamwerk van de NAVO zal opereren. Dat plan moet nog wel door de ministerraad worden goedgekeurd en kan dus in principe aangepast worden. 'We zullen keuzes moeten maken. Maar kiezen betekent natuurlijk verliezen', valt te horen.

Naast de fregatten heeft België ook vijf mijnenbestrijdingsvaartuigen en twee patrouilleschepen ter beschikking. Maar de patrouilleschepen worden ingezet voor de Belgische kust en zijn bovendien te klein om in de Straat van Hormuz te opereren. De mijnenbestrijdingsvaartuigen zijn op hun beurt niet geschikt voor observatiemissies.

Riskeert België de Verenigde Staten niet tegen zich in het harnas te jagen als het geen steun afvaardigt aan haar trans-Atlantische bondgenoot? 'In het beste geval sturen we enkele verbindingsofficieren die op een Amerikaans hoofdkwartier aan de slag gaan', klinkt het in diplomatieke kringen. Die laatste piste wordt binnen Defensie niet op gejuich onthaald. 'Het water staat ons nu al aan de lippen. Als we verbindingsofficieren afvaardigen, moeten we die wegtrekken uit andere staffuncties', vertelt een hooggeplaatste militair.

We hebben er alle belang bij dat de zee-engte in de toekomst bevaarbaar blijft.

David Criekemans, professor Europese politiek (UAntwerpen)

Belgische belangen

Wat met de specifieke Belgische belangen in de Straat van Hormuz? In het Security Environment Review, dat nog voor de recente incidenten werd opgemaakt, maakt de Belgische Defensie al gewag van een assertieve Iraanse houding. 'China, Rusland en Iran dagen de dominantie van het Westen in de Euraziatische maritieme gordel uit. (...) Door middel van asymmetrische oorlogsvoering bedreigt Iran de scheepvaart in de Straat van Hormuz', staat te lezen.

Een instabiele situatie in de regio is voor België niet ideaal. Professor internationale politiek David Criekemans verduidelijkt: 'Momenteel voert Qatar gesprekken over langetermijncontracten om gascentrales te bouwen in de haven van Zeebrugge. Gas is gemakkelijk op te slaan en kan als buffer dienen wanneer alternatieve energiebronnen onvoldoende blijken. Maar dat gas moet wel langs de Straat van Hormuz passeren. We hebben er dus alle belang bij dat de zee-engte in de toekomst bevaarbaar blijft', zegt Criekemans.