'Toen mijn moeder nog leefde en ze me geregeld kwam opzoeken, zuchtte ze weleens dat ze niemand anders kende die zo veel ergs heeft meegemaakt', vertelt Aleksandr Skorobogatov op het einde van het gesprek. Hij zegt het op dezelfde droge toon waarmee hij de voorbije drie uur over zijn boeken, zijn leven en zijn vaderland heeft gepraat.

Zijn romans vertonen vaak de meest wonderlijke, absurde en gewelddadige plotwendingen, maar ze verbleken bij de gruwel in zijn eigen levensverhaal. In 2002 werd zijn zoon Vladimir op brutale wijze vermoord, tijdens een vakantietripje net buiten Moskou. Drie parochianen die door een priester uitgestuurd werden om 'satanisten' te vinden en te straffen, ontvoerden hem en sloegen en martelden hem een hele nacht. Het levenloze lichaam van de vijftienjarige jongen werd teruggevonden in een greppel.

Sinds het proces tegen de moordenaars van mijn zoon ben ik niet meer in Rusland geweest. Ik kan het niet meer

Voor Skorobogatov - die op dat moment al meer dan tien jaar in België woonde - is het een wonde die niet heelt. 'Ik ben na zijn dood gevlucht in mijn werk. In de eerste maanden na de moord schreef ik Portret van een onbekend meisje. Voor mij was dat een vlucht naar een wereld zonder pijn, vol zon en verliefdheid. Het was voor mij de manier om voor enkele uren per dag in een wereld te leven die zo hard mogelijk verschilde van de reële wereld van pijn, schuld en ontreddering. (pauzeert) Ik ben nu op het punt gekomen dat ik probeer die gevoelens op papier te zetten, weliswaar in een totaal ander verhaal waarin een vader op een gewelddadige wijze zijn zoon verliest. Zo wil ik een zekere emotionele afstand houden. Literatuur is de beste manier om persoonlijke, intieme en beschamende dingen over jezelf te zeggen, onder het mom van fictie.'

Praten met de minzame Skorobogatov is een meanderende ervaring, die qua zijsprongen, onverwachte wendingen en kwetsbaarheid de vergelijking met zijn romans kan doorstaan. Met Cocaïne is nu zijn meest absurde roman gepubliceerd. Het is een verhaal vol gekkigheid, vergeven van sinistere dwergen, mannen die zich een vrouwelijke stoel wanen en het Nobelprijscomité dat de schrijver naar het leven staat. Zelfs zijn personages zijn het met al die ongerijmdheden soms niet eens, en gaan geregeld met de schrijver in discussie over de gang van zaken.

Ik heb uw roman gelezen en ik kan er geen touw aan vastknopen. Vindt u dat erg?

Aleksandr Skorobogatov:(brede glimlach) Oh, dat is prima. (denkt na) Albert Camus heeft ooit gezegd dat de voornaamste opdracht van een schrijver erin bestaat de lezer te dwingen zijn boek onmiddellijk opnieuw te lezen nadat hij het uit heeft. Ik denk dat ik daar met dit boek in geslaagd ben.

Waar haalde u de inspiratie vandaan?

Skorobogatov:Cocaïne is gebaseerd op een kortverhaal dat ik in de jaren tachtig heb geschreven, maar dat in in de Sovjet-Unie nooit door de censuur is geraakt. Ik was toen zeer beïnvloed door de absurdistische Russische schrijver Daniil Charms (1905-1942). Zijn werk was verboden, omdat hij verhalen schreef die als subversief en hermetisch werden beschouwd. Dat was ongehoord, want volgens het sociaal realisme moest kunst begrijpelijk zijn voor het volk. Het regime ervoer Charms als een bedreiging, en dus was zijn werk zelfs in de jaren tachtig nog verboden. Ik heb hem in de zogenaamde samizdat gelezen: een overgetypte versie die clandestien verspreid werd. Dat was niet zonder gevaar: het bezit van zo'n boek was een misdrijf.

Waarom wilde u toch dat risico nemen?

Skorobogatov: Omdat je nu eenmaal onverschrokken bent op je twintigste. Ik was in die periode bevriend geraakt met Kim Chadejev, een bekende dissident die toen al meermaals in de gevangenis had gezeten. In twintig minuten tijd deed hij me inzien dat we onder een onmenselijk en leugenachtig regime leefden, dat gedoemd was om omver te vallen. Charms lezen was mijn kleine strijd met het systeem.

© Hakim Kaghat

Wat trok u zo aan in Charms?

Skorobogatov: Dat het zo geweldig anders was, zo complex en tegelijk kinderlijk eenvoudig. Het was een vergrootglas op de samenleving: de enorme hypocrisie, het tirannieke regime, het groteske taalgebruik. Een van zijn kortverhalen gaat over een man die toekijkt hoe oude vrouwtjes uit een raam vallen. Na zes te pletter gestorte oude vrouwtjes begint hij zich te vervelen en loopt naar de markt om een sjaal te bekijken. Fantastisch vond ik dat. Het beeldde goed uit dat de dood van een individu in de Sovjetmaatschappij iets triviaals was, waar niemand enige aandacht aan schonk.

Klopt uw roman eigenlijk? Zit er een lijn in?

Skorobogatov: Eigenlijk is het een heel eenvoudig verhaal. Ik zou het een fictieve, groteske autobiografische roman noemen. Cocaïne gaat over hoe ik me voelde toen ik vanuit Rusland naar het Westen verhuisde. Hoe ik totaal verloren liep en nergens echt bij hoorde. Het is een boek over mijn ultieme mislukking: de eenzaamheid die ik voelde toen ik besefte dat het Westen niet het paradijs van vrijheid en waarheid bleek te zijn waarvan we in de Sovjet-Unie droomden. Het gaat over geworpen zijn, je nergens thuis voelen, voortdurend op zoek zijn naar jezelf. Cocaïne gaat over hoe je je voelt als schrijver die constant geconfronteerd wordt met onbegrip. Je bent als schrijver toch altijd een paria, tenzij je onsterfelijk bekend wordt.

Waarom laat u uw personages u op de vingers kijken? Op een bepaald moment biedt een van hen de schrijver zelfs geld aan om een ander personage uit het verhaal te zetten.

Skorobogatov: Ik trek het natuurlijk in het belachelijke, maar dat is een deel van je leven als schrijver: iedereen weet het beter. Zelfs iemand die niets van literatuur kent en anderhalve bladzijde uit je roman leest, geeft commentaar op wat je schrijft en denkt tips te moeten geven over hoe het beter kan. In Cocaïne weten zelfs mijn personages het beter. In mijn ervaring hebben personages een eigen wil en logica. Wanneer ik schrijf, nemen ze de bovenhand. Er is in het boek een bepaalde scène waarbij het hoofdpersonage een afspraakje heeft met zijn grote liefde. Wanneer hij nadien terugkeert bij zijn vrouw, is ze ontroostbaar en slingert ze hem huilend het ene verwijt na het andere naar zijn hoofd. Na die scène was ik emotioneel kapot. Wat belachelijk was, omdat ik als auteur wist dat die vrouw in kwestie komedie speelt en enkele bladzijden later er zelf onderuit muist met haar minnaar. Dat lijden was dus puur toneel, en toch voelde ik met haar mee.

Uw boeken zijn vaak uiterst gewelddadig. Waarom eigenlijk?

Skorobogatov: Ik ben opgegroeid in een extreem gewelddadige omgeving. In mijn geboortestad waren er voortdurend knokpartijen tussen de bewoners van de verschillende appartementsblokken. Als je 's avonds alleen naar een vijandige wijk liep, had je een meer dan reële kans om in het ziekenhuis geslagen te worden.

Hoe ging u daarmee om?

Als je Tsjechov leest, krijg je spontaan zin om Rusland nucleair te bombarderen. En toch houdt hij van Rusland

Skorobogatov: Je zoekt naar een manier om te overleven. Zelf koos ik ervoor om me voor te doen als een onverschrokken klootzak, terwijl ik viool speelde en Dostojevski las. Wonderlijk genoeg werkte het nog ook, en heb ik nooit veel problemen gehad.

U bent heel hard voor vrouwen in uw boek. Bijna alle vrouwelijke personages zijn lelijk en hebben een rotkarakter.

Skorobogatov: Ik ben in het boek hard voor iedereen, in de eerste plaats voor mezelf. Het is grotesk geweld, zoals je dat vaak in een sprookje ziet: Roodkapje wordt opgegeten door de wolf, maar komt er op het einde gewoon weer levend uit. Ik ben ervan geschrokken dat mensen dat burleske geweld zo letterlijk nemen. Het is voor alle duidelijkheid op geen enkele manier een weerspiegeling van hoe ik over vrouwen denk. (grijnst) Om het met Donald Trump te zeggen: er is niemand die vrouwen meer respecteert dan ik.

Bent u niet bang dat al dat geweld afstraalt op uw werk?

Skorobogatov: Ik heb daar nooit enige rekening mee gehouden, tot ik voor dit verhaal allerlei rare opmerkingen kreeg. Mijn uitgever had bijvoorbeeld vragen bij een aantal gewelddadige, groteske en vrouwonvriendelijke scènes. Hij stelde heel wat aanpassingen voor, een aantal scènes en passages zouden sneuvelen. (stilte) Ik wik en weeg mijn woorden, maar ik ervaar zoiets als censuur. Ik moet wel zeggen dat ik mijn tekst uiteindelijk helemaal gepubliceerd heb gekregen zoals ik dat zelf wilde.

Is het vandaag moeilijker om absurdistische verhalen gepubliceerd te krijgen?

Skorobogatov: Ik besef dat ik als schrijver in de bubble leef waarin bijna alle auteurs en kunstenaars leven. Voor mij is het vanzelfsprekend dat ik geen geweld tegen vrouwen propageer. Dat ik dat moet uitleggen in interviews, is eigenlijk ronduit verschrikkelijk. Ik snap de redenering van veel uitgevers wel. Het moet vandaag allemaal toegankelijker, en politiek correcter. Ik ervaar dat echt als censuur. Ik wilde een boek met ballen schrijven. Die voorgestelde aanpassingen voelden voor mij dus aan als een castratie.

Hoe verklaart u die ongerustheid bij uw uitgever?

Skorobogatov: Ik heb er het raden naar. Ik vermoed dat boeken tegenwoordig moeten verkopen.

Dat moesten ze vroeger ook.

Skorobogatov: Ja en nee. Vroeger gaf elke uitgeverij die zichzelf respecteerde echte literatuur uit, zelfs als ze wist dat die nauwelijks verkocht zou raken. Dat was een kwestie van reputatie. Vandaag moet elk boek opbrengen, alsof we niet langer literatuur produceren maar toiletpapier. Een boek moet 'kapstokken' hebben voor journalisten. Het moet over de oorlog in Syrië gaan, of over mensensmokkel, of over fietsen of zo. Met een pure literaire roman haal je nauwelijks nog de krant.

Vindt u het belangrijk dat lezers uw romans lezen op de manier dat u ze bedoelde? Of is de interpretatie voor u volledig vrij?

Skorobogatov: Het gekke is: beide.

Dat is wel heel postmodern.

Skorobogatov: Het is eigenlijk lachwekkend. Ik doe er bij het schrijven alles aan om ervoor te zorgen dat de boodschap verborgen blijft. Het was bijvoorbeeld niet de bedoeling dat de betekenis van mijn debuut Sergeant Bertrand duidelijk was. Maar eenmaal het boek gepubliceerd was, probeerde ik toch krampachtig aan zo veel mogelijk mensen de correcte interpretatie uit te leggen. Wat natuurlijk idioot is. Ik heb een redelijk vastomlijnd idee van wat ik met mijn werk wil zeggen, maar ik vind het geweldig dat mijn boeken op zo veel verschillende manieren gelezen en begrepen worden. Ze leiden hun eigen leven.

Hoe bent u eigenlijk in Antwerpen terechtgekomen?

Skorobogatov: Ik trouwde met een Vlaamse, maar zij kreeg in Rusland geen verblijfsvergunning. Om bij haar te kunnen blijven, besloot ik dan maar om naar hier te verhuizen. Mijn debuutroman was in Rusland een enorm succes geweest: er zijn 990.000 exemplaren van gedrukt. (droog) Ik heb er welgeteld 500 roebel voor gekregen. Door dat plotse succes gingen alle deuren voor mij open. Ik mocht onmiddellijk vier filmscenario's schrijven, kreeg vast werk bij een uitgeverij aangeboden, er wachtte mij een grote carrière. Het is de fout van mijn leven geweest om naar Antwerpen te verhuizen.

Waarom?

Skorobogatov: Ik dacht dat je als Russische schrijver overal kon schrijven, maar dat klopt niet. Tijdens mijn tweede maand in België had ik een roman geschreven, maar die werd niet aangenomen. De uitgeverij vond het 'te westers'. Belachelijk natuurlijk, ik woonde nauwelijks enkele weken in het Westen, maar plotseling gingen de deuren weer dicht. Je wordt bekeken als een landverrader, die naar het Westen is getrokken om gemakkelijk te gaan leven, op zoek naar goede worst en bananen.

Hoe was het om als buitenlander in het Antwerpen van de jaren negentig uw weg te zoeken?

Skorobogatov: Dat viel best tegen. Ik merkte veel xenofobie. In die jaren hoorde je vaak nieuwsberichten over Russische maffia. Ik voelde dat mensen me wantrouwden wanneer ze mijn Russisch accent hoorden. Ik neem het ze niet kwalijk, ik was per slot van rekening maar een vreemdeling, maar die periode heeft me wel veranderd. Ik was bang om Nederlands te spreken. Ik voelde me bekeken. Ik deed enorm mijn best om niet op te vallen. Ik mis het om me op mijn gemak te voelen. Ik mis de tijd dat ik mezelf niet voortdurend in twijfel trok.

Mist u het om een vaderland te hebben?

Skorobogatov: Heel erg. Je kunt als schrijver niet in een niemandsland leven. Je moet een thuisland hebben.

Waarom wilt u per se tot een vaderland behoren?

Skorobogatov: Waarom is het voor een vis belangrijk om in het water te leven? Omdat je als schrijver mensen nodig hebt die je begrijpen. Een roman schrijven is per slot van rekening een verschrikkelijke bezigheid. Op een bepaald moment haat je je eigen tekst, voel je jezelf een beschamend insect. Alle vormen van woede, machteloosheid en walging gaan door je lijf. Op die momenten heb je een thuisbasis nodig die je steunt.

Toch bent u in uw boeken juist heel hard voor uw vaderland.

Skorobogatov: Ik mag Rusland haten, want ik ben een Rus. Als ik kritisch ben over Rusland, is dat omdat ik diep van Rusland houd. Een goede schrijver haat zijn vaderland uit liefde. Kijk naar het Rusland dat Tsjechov creëert. Als je Tsjechov leest, krijg je spontaan zin om Rusland nucleair te bombarderen. En toch houdt hij van Rusland. Hij ziet zijn eigen gebreken, en wil door zijn schrijven zijn land genezen. Ik heb problemen met het nationalisme, de xenofobie, het gebrek aan eigen identiteit dat ons al honderden jaren achtervolgt. Wij Russen zijn vooral goed in zelfdestructie.

Ik heb er nood aan om gelovig te zijn in de Belgische maatschappij, waar de meesten het belachelijk vinden om gelovig te zijn

Mist u Rusland?

Skorobogatov: Sinds de begrafenis en het proces tegen de moordenaars van mijn zoon ben ik niet meer in Rusland geweest. Ik kan het niet meer. Het is een psychologisch trauma. Als samenleving mis ik Rusland niet. Ik mis bijvoorbeeld wel mijn geweldige studententijd bij het toneelinstituut. We haalden de grootste onnozelheden uit. Dan stapte ik met een vriend in een overvolle metro en begon luid te praten over mijn tuberculose, zodat de mensen ons toch een beetje ruimte zouden gunnen. (lacht) Of mijn vriend deed alsof hij een dosis nitroglycerine onder zijn jas droeg.

U groeide op in een ongelovig gezin, maar werd toch gelovig. Waarom eigenlijk?

Skorobogatov: Gelovig zijn, was een vorm van verzet.De kerk was het enige instituut in de Sovjet-Unie dat oppositie bood aan het regime. Als iedereen om je heen communist is, wil je toch absoluut iets anders zijn? Als ik in die tijd in Parijs was geboren, was ik waarschijnlijk een communist geweest. In mijn geval werd ik een punker die naar de kerk ging. Dat was overigens niet eens zo vreemd. Alle intelligentsia gingen in die periode naar de kerk.

Waarom bent u nu nog steeds gelovig?

Skorobogatov: Ik wil mijn overtuigingen niet verloochenen. Ik heb er nood aan om gelovig te zijn in de Belgische maatschappij, waar de meesten het belachelijk vinden om gelovig te zijn. (zwijgt) Al geef ik toe dat ik het er soms moeilijk mee heb. Ik ben een gelovige ongelovige. Of omgekeerd.

Hebt u het nodig om uzelf een buitenstaander te voelen?

Skorobogatov: Ik bén een buitenstaander. In de Sovjet-Unie was ik een buitenstaander uit vrije wil, omdat ik zelf wilde bepalen wat ik zou schrijven. In België werd ik buiten mijn wil om een buitenstaander. Het heeft lang geduurd vooraleer ik me hier aanvaard voelde als schrijver. Het klinkt belachelijk, maar eigenlijk voelde ik dat pas toen ik benaderd werd door het Vlaams Fonds voor de Letteren, in 2015. Het besef dat zij me als Vlaming beschouwen, betekende enorm veel voor me. Ik was ook ontroerd en vereerd toen ik uitgenodigd werd voor Saint-Amour, zelfs al was ik rotnerveus over hoe ik in het Nederlands zou klinken. (glimlacht) Wat uiteraard nergens voor nodig bleek. Misschien voel ik me hier stilaan wel thuis als auteur.

Is uw confrontatie met het noodlot in uw leven ergens verrijkend? Hebt u er op een of andere manier inspiratie uit gehaald?

Skorobogatov: Nee, integendeel. Ik ben de dertien jaar na de dood van mijn zoon geen mens geweest. Ik zou vandaag zeker een gezondere mens zijn als dat allemaal niet was gebeurd. Toen ik achttien was, was ik onverschrokken, terwijl het kleinste detail me vandaag uit mijn evenwicht brengt. Ik heb al die rampspoed niet nodig gehad om goed te schrijven. Ik had veel liever mijn zoon nog gehad.

Cocaïne, Aleksandr Skorobogatov, Uitgeverij Cossee, 224 blz., 19,99 euro.

Reageren op dit artikel kan u door een e-mail te sturen naar lezersbrieven@knack.be. Uw reactie wordt dan mogelijk meegenomen in het volgende nummer.