Het zijn vreemde maar veelzeggende uren, de uren na een aanslag. Toen maandagmiddag de eerste berichten over de schietpartij in Utrecht binnenliepen, en de omvang van de gewelddaad begon duidelijk te worden, leek het alsof de wereld die aan het toekijken was de adem inhield, wachtend op nieuws over de dader. Was het een zoveelste geval van moslimterreur, zoals in Zaventem, Parijs, Madrid, Londen of Nice? Of juist een extreemrechtse terrorist, in het spoor van Anders Breivik of de gruwel in Christchurch? En was het echt wel terreur, of was het wraak op een ex? Of nog iets helemaal anders? De grote media bleven terughoudend en liepen niet vooruit op de berichten van de officiële instanties. Op sociale media wordt de rekening doorgaans al meteen gemaakt. Maar in dit geval bleef het zelfs daar unheimlich lang richtingloos, begin deze week. Zo'n aanslag die niet meteen een kamp valt aan te r...

Het zijn vreemde maar veelzeggende uren, de uren na een aanslag. Toen maandagmiddag de eerste berichten over de schietpartij in Utrecht binnenliepen, en de omvang van de gewelddaad begon duidelijk te worden, leek het alsof de wereld die aan het toekijken was de adem inhield, wachtend op nieuws over de dader. Was het een zoveelste geval van moslimterreur, zoals in Zaventem, Parijs, Madrid, Londen of Nice? Of juist een extreemrechtse terrorist, in het spoor van Anders Breivik of de gruwel in Christchurch? En was het echt wel terreur, of was het wraak op een ex? Of nog iets helemaal anders? De grote media bleven terughoudend en liepen niet vooruit op de berichten van de officiële instanties. Op sociale media wordt de rekening doorgaans al meteen gemaakt. Maar in dit geval bleef het zelfs daar unheimlich lang richtingloos, begin deze week. Zo'n aanslag die niet meteen een kamp valt aan te rekenen, waarbij het daderprofiel urenlang onduidelijk blijft: het leek de roepers en de trollen heel even de adem af te snijden. Of hun geschreeuw in alle geval nog holler te maken dan anders. Dat zegt iets. Het zegt dat schietpartijen in het echte leven op de digitale fora veranderen in een lugubere voetbalmatch, als een soort van echo van het fysieke geweld in de echte wereld. Zodra er duidelijkheid is over de dader en zijn motieven (het zijn bijna altijd mannen) kan elke nieuwe aanslag extra argumenten leveren in de grote identitaire strijd tussen twee kampen. Daar zitten die kampen, de 'moslimhaters' en de 'fascistenhaters', dan ook ongeduldig op te wachten. De strijd gaat tussen de roepers van rechts en het leger van links, waarbij de extremisten van elk kamp zo hard mogelijk op het andere kamp schelden - als het klimaatdebat iets heeft aangetoond, dan wel dat extreemlinks even graag onder de gordel trapt als extreemrechts. Maar in die bevreemdende uren na een aanslag, voor alles eindeloos geduid wordt, kan het publiek de aandacht helemaal op de gebeurtenis zelf richten: het blinde geweld dat is aangericht, de orde die verstoord is, de mensen die aan het ergste ontsnapt zijn, of juist de ontzette stilte die past bij de slachtoffers die gevallen zijn. Het zijn de momenten waarin gebeurtenissen nog heel even niet kunnen worden gemobiliseerd voor welk debat dan ook. Het zijn momenten die te zeldzaam zijn geworden: wars van het eigen grote gelijk. Bij de aanslagen in Christchurch afgelopen vrijdag was er veel sneller duidelijkheid en werd het verhaal sneller voor het eigen gelijk ingezet. En dat gebeurde volop, met verwijten aan het adres van extreemrechtse politici, maar ook met feiten, door de trieste reeks aanslagen op moslims in herinnering te brengen. Eind 2016 schoot een dertigjarige Zwitser op theedrinkende moslims in het centrum van Zürich. In juni 2017 reed een 48-jarige man met een bestelwagen in op een groepje moslims net na het avondgebed in Londen. In Nederland zijn er jaarlijks tientallen geweldsincidenten tegen moskeeën, met onder meer de beruchte aanslag met brandbommen op een moskee in Enschede in 2016. In 2017 werden er in Duitsland maar liefst 950 aanvallen op moslims of islamitische gebouwen geregistreerd. Zulke lijstjes kunnen geen kwaad, maar er werd gelukkig ook doelmatig nagedacht, in het belang van de gemeenschap, ook in Vlaanderen. De vraag van Khalid Benhaddou in De zevende dag afgelopen zondag was niet meer dan logisch: moeten we na de aanslagen op twee Nieuw-Zeelandse moskeeën niet nadenken over de beveiliging van de moskeeën in ons land? De imam van de grootste Gentse moskee moest zelf op de dag van de aanslagen in Christchurch de vrijdagdienst geven voor 1200 moslims, en maakte zich zorgen over zijn eigen veiligheid en die van vele andere geloofsgenoten. 'Ik besef meer dan ooit dat ik heel kwetsbaar ben in een moskee', zei hij nog. Het zijn die vragen, veel meer dan het gescheld tussen de debatkampen over en weer, die een begin van een oplossing bieden. Maar de echte vraag blijft hoe de dader ooit zo diep is gevallen dat hij het een goed idee vond om mensen neer te knallen. Ook in Utrecht zal het debat alleen maar de kern raken als er wordt nagedacht over hoe dat extreme geweld, van welke aard dan ook, ontkiemt. En niet alleen over hoe het kan worden vermeden.