Dat staat in een resolutie van meerderheidspartijen N-VA, CD&V en Open Vld die donderdag is goedgekeurd in de bevoegde commissies van het Vlaams Parlement. De linkse oppositiepartijen Groen, Vooruit en PVDA vrezen dat de resolutie een 'lege doos' zal blijven en betreuren dat de meerderheid de maximale rittijd niet expliciet wil beperken tot 120 minuten per dag.

De problematiek van het leerlingenvervoer in het buitengewoon onderwijs is niet nieuw, maar kwam de voorbije weken opnieuw in de aandacht door schrijnende verhalen van kinderen en jongeren die vier of vijf uur per dag of nog langer op de bus moeten zitten naar school.

Minister van Mobiliteit Lydia Peeters (Open Vld) trok bij het begin van het nieuwe schooljaar 1,8 miljoen euro extra uit om de meest precaire situaties op te lossen. Maar daarmee waren lang niet alle problemen opgelost. Een werkgroep met daarin alle betrokken kabinetten moet binnen twee maanden met nieuwe voorstellen komen en tegen het volgende schooljaar moet er een structurele oplossing klaar zijn.

Het Vlaams Parlement wil nu de druk op de regering verhogen. De linkse oppositiepartijen Groen, Vooruit en PVDA hadden eerder al resoluties klaar waarin ze aandrongen op dringende ingrepen. Zij vragen onder meer dat leerlingen in het buitengewoon onderwijs per dag maximaal 120 minuten op de bus zitten, zoals ook het Kinderrechtencommissariaat vraagt.

Maar die voorstellen werden donderdag in commissie weggestemd. Meerderheidspartijen N-VA, CD&V en Open Vld kwamen op de proppen met een eigen voorstel. Daarin vragen ze dat de regering 'op korte termijn bijkomende inspanningen levert om de meest problematische situaties op te lossen'.

Daarnaast moet de regering een 'fundamentele hervorming' uitwerken. Die hervorming moet afstappen van het huidige systeem - waarbij leerlingen met de bus aan de voordeur worden opgehaald en afgezet - en moet werk maken van een meer multimodaal systeem.

Niet fixeren op de bus

'Moet elk kind wel individueel opgehaald worden? We moeten ook andere vervoersmiddelen inzetten en ons niet fixeren op dat busvervoer', stelt CD&V-politica Martine Fournier. 'Je moet geen transporteconoom zijn om in te zien dat het huidige systeem met busjes die van deur tot deur rijden reistijd vreet', vult Open Vld-parlementslid Marino Keulen aan.

Volgens N-VA-parlementslid Kathleen Krekels moeten ook de noden en mogelijkheden van de leerlingen zelf in kaart gebracht worden. Misschien heeft niet iedereen busvervoer nodig. 'Welke leerlingen hebben echt nood aan dit vervoer? Voor welke leerlingen zijn er alternatieven? We kunnen er ook niet van uitgaan dat we voor elke leerling vervoer gaan kunnen regelen en dat we de tijdsduur kunnen beperken', aldus Krekels.

Voor de linkse oppositie gaat de tekst van de meerderheid lang niet ver genoeg. Zo spreekt Vooruit-parlementslid Els Robeyns van 'een lege doos met mooie intenties'. PVDA-fractieleider Jos D'Haese leest in de tekst van de meerderheid 'nergens garanties dat er een einde komt aan de schendingen van kinderrechten'. En ook Groen-parlementslid Stijn Bex betreurt dat de meerderheid zich niet expliciet wil engageren om te streven naar busritten van maximaal 120 minuten per dag. Volgens de meerderheid is die limiet van maximaal 120 minuten per dag 'niet realistisch'. 'Ik zeg niet dat we dat niet willen, maar je moet een zeker realisme aan de dag leggen', meent Kathleen Krekels. 'Er zijn leerlingen die op 88 kilometer van hun school wonen. Dan is 120 minuten per dag niet realistisch', vult Martine Fournier aan.

'Op basis van die beperkte voorbeelden zeggen dat er voor die hele groep van leerlingen in het buitengewoon onderwijs geen streefdoel van 120 minuten mag zijn, vind ik erg mager en toont het gebrek aan ambitie', reageerde Stijn Bex.

Finaal werd de resolutie van de meerderheid goedgekeurd. Alle oppositiepartijen, ook Vlaams Belang, onthielden zich bij de stemming. PVDA heeft geen stemrecht in de commissie.

Dat staat in een resolutie van meerderheidspartijen N-VA, CD&V en Open Vld die donderdag is goedgekeurd in de bevoegde commissies van het Vlaams Parlement. De linkse oppositiepartijen Groen, Vooruit en PVDA vrezen dat de resolutie een 'lege doos' zal blijven en betreuren dat de meerderheid de maximale rittijd niet expliciet wil beperken tot 120 minuten per dag. De problematiek van het leerlingenvervoer in het buitengewoon onderwijs is niet nieuw, maar kwam de voorbije weken opnieuw in de aandacht door schrijnende verhalen van kinderen en jongeren die vier of vijf uur per dag of nog langer op de bus moeten zitten naar school. Minister van Mobiliteit Lydia Peeters (Open Vld) trok bij het begin van het nieuwe schooljaar 1,8 miljoen euro extra uit om de meest precaire situaties op te lossen. Maar daarmee waren lang niet alle problemen opgelost. Een werkgroep met daarin alle betrokken kabinetten moet binnen twee maanden met nieuwe voorstellen komen en tegen het volgende schooljaar moet er een structurele oplossing klaar zijn. Het Vlaams Parlement wil nu de druk op de regering verhogen. De linkse oppositiepartijen Groen, Vooruit en PVDA hadden eerder al resoluties klaar waarin ze aandrongen op dringende ingrepen. Zij vragen onder meer dat leerlingen in het buitengewoon onderwijs per dag maximaal 120 minuten op de bus zitten, zoals ook het Kinderrechtencommissariaat vraagt. Maar die voorstellen werden donderdag in commissie weggestemd. Meerderheidspartijen N-VA, CD&V en Open Vld kwamen op de proppen met een eigen voorstel. Daarin vragen ze dat de regering 'op korte termijn bijkomende inspanningen levert om de meest problematische situaties op te lossen'. Daarnaast moet de regering een 'fundamentele hervorming' uitwerken. Die hervorming moet afstappen van het huidige systeem - waarbij leerlingen met de bus aan de voordeur worden opgehaald en afgezet - en moet werk maken van een meer multimodaal systeem. 'Moet elk kind wel individueel opgehaald worden? We moeten ook andere vervoersmiddelen inzetten en ons niet fixeren op dat busvervoer', stelt CD&V-politica Martine Fournier. 'Je moet geen transporteconoom zijn om in te zien dat het huidige systeem met busjes die van deur tot deur rijden reistijd vreet', vult Open Vld-parlementslid Marino Keulen aan. Volgens N-VA-parlementslid Kathleen Krekels moeten ook de noden en mogelijkheden van de leerlingen zelf in kaart gebracht worden. Misschien heeft niet iedereen busvervoer nodig. 'Welke leerlingen hebben echt nood aan dit vervoer? Voor welke leerlingen zijn er alternatieven? We kunnen er ook niet van uitgaan dat we voor elke leerling vervoer gaan kunnen regelen en dat we de tijdsduur kunnen beperken', aldus Krekels. Voor de linkse oppositie gaat de tekst van de meerderheid lang niet ver genoeg. Zo spreekt Vooruit-parlementslid Els Robeyns van 'een lege doos met mooie intenties'. PVDA-fractieleider Jos D'Haese leest in de tekst van de meerderheid 'nergens garanties dat er een einde komt aan de schendingen van kinderrechten'. En ook Groen-parlementslid Stijn Bex betreurt dat de meerderheid zich niet expliciet wil engageren om te streven naar busritten van maximaal 120 minuten per dag. Volgens de meerderheid is die limiet van maximaal 120 minuten per dag 'niet realistisch'. 'Ik zeg niet dat we dat niet willen, maar je moet een zeker realisme aan de dag leggen', meent Kathleen Krekels. 'Er zijn leerlingen die op 88 kilometer van hun school wonen. Dan is 120 minuten per dag niet realistisch', vult Martine Fournier aan. 'Op basis van die beperkte voorbeelden zeggen dat er voor die hele groep van leerlingen in het buitengewoon onderwijs geen streefdoel van 120 minuten mag zijn, vind ik erg mager en toont het gebrek aan ambitie', reageerde Stijn Bex. Finaal werd de resolutie van de meerderheid goedgekeurd. Alle oppositiepartijen, ook Vlaams Belang, onthielden zich bij de stemming. PVDA heeft geen stemrecht in de commissie.