Yinka Kuitenbrouwer: Gedurende drie maanden interviewde ik leeftijdgenoten in het Psychiatrisch Centrum Caritas in Melle en in het Psychosociaal Centrum Alexius in Elsene. Ik kon hen vragen wat ik wilde, hoor. Naar hun diagnose vroeg ik niet. Ik wilde hen als gelijkwaardige individuen benaderen, en niet als 'de gezonde leeftijdgenoot' die komt uitleggen hoe je moet leven. Meer zelfs: hoe meer ik met hen praatte, hoe minder ik zelf wist wat normaal is en wat 'gek' is. Waarom zij wél en ik niet?
...

Yinka Kuitenbrouwer: Gedurende drie maanden interviewde ik leeftijdgenoten in het Psychiatrisch Centrum Caritas in Melle en in het Psychosociaal Centrum Alexius in Elsene. Ik kon hen vragen wat ik wilde, hoor. Naar hun diagnose vroeg ik niet. Ik wilde hen als gelijkwaardige individuen benaderen, en niet als 'de gezonde leeftijdgenoot' die komt uitleggen hoe je moet leven. Meer zelfs: hoe meer ik met hen praatte, hoe minder ik zelf wist wat normaal is en wat 'gek' is. Waarom zij wél en ik niet? Kuitenbrouwer:De sector staat onder druk door de zogeheten 'intensifiëring', waarbij er minder personeelsleden per bed worden ingezet. In combinatie met de lange wachtlijsten - steeds meer jongeren crashen - zorgt dat ervoor dat een bed vaak weer bezet is op de dag dat de vorige patiënt vertrok. Dat zorgt bij de patiënten voor verwarring. Tijdens groepstherapiesessies leggen die mensen hun ziel bloot. Dat is moeilijk wanneer er plots wéér een nieuweling in de groep zit, zowel voor de groep als voor de nieuwkomer. Kuitenbrouwer: (lacht) Die briefjesslinger moet weg, dat is een hulpmiddeltje tijdens de repetities. Op die briefjes staan fragmenten uit mijn logboek. Daarin schreef ik alles wat me opviel of inviel tijdens mijn verblijf in de centra. Terwijl ik deelnam aan de creatieve ateliers in Elsene viel het me op hoezeer men daar de tijd neemt om een mooi prentje uit een tijdschrift te knippen. Uiteraard heeft die focus ook te maken met de bewust prikkelarme, gestructureerde omgeving waarin die mensen zitten, en met de medicatie. Maar dat ik het opvallend vond, wijst er ook op dat wij, als samenleving, amper nog ergens de tijd voor nemen. Terwijl ik prentjes aan het knippen was, dacht ik aan honderd andere dingen die ik nog moest doen. Ik kon niet focussen. Dat is een ziekte van deze tijd. Kuitenbrouwer: Nee. Net daarom ben ik erdoor gefascineerd en wilde ik dit onderzoek voeren. Ik besef nu dat je in een vingerknip een patiënt kunt zijn. Een psychose wordt niet alleen door drugs uitgelokt, hè? Iedereen kan plots een psychose krijgen. En soms raast het leven zo hard dat je eronderdoor gaat. Ik heb ook donkere periodes gekend, maar ik had dankzij fijne ouders, goede vrienden en een prachtige jeugd de veerkracht om die het hoofd te bieden. Wat als je een slechte jeugd had, amper vrienden en je de zoveelste tegenslag moet verwerken? Het is niet simpel om mens te zijn. Kuitenbrouwer: 'Het gaat niet goed met me, maar ik werk aan mezelf' - dat hoorde ik vaak tijdens de gesprekken. Dat hoor ik amper buiten die centra. Deze mensen hebben, noodgedwongen, de moed om hun kwetsbaarheid te benoemen. De interieurs van die gespreksruimtes verschillen nochtans nauwelijks van de interieurs van theaters: er zijn stoelen, tafels, klokken, sanseveria's en een koffiemachine. Dat is het decor van Kan dus niet. Daarin vertel ik over de mensen die ik ontmoette. Zij zijn niet zozeer mijn onderwerp, maar het 'materiaal' waarmee ik een stuk maak over wat er vandaag niet kan. Waarom kun je niet even helemaal opgaan in je fantasie? Waarom mogen we niet kwetsbaar zijn? Waarom kan dat dus niet?