'In stilte maar hopelijk in groten getale zullen wij actie voeren tegen een juridisch beleid dat faalt en slachtoffers van (seksueel) geweld in de steek laat. Door talrijk aanwezig te zijn vragen wij beleidsmakers om daadkrachtiger op te treden tegen daders en straffen te verhogen.'

Zo kondigen de organisatoren hun stille mars van komende zondag aan. Het initiatief kwam er pijlsnel nadat duidelijk werd dat de 23-jarige Julie Van Espen vermoord werd teruggevonden. De vermoedelijke dader was ondanks zijn tweede veroordeling voor verkrachting op vrije voeten.

De mars vergaarde op korte tijd bijna 3.000 deelnemers, aldus de Facebookpagina. Nog eens 9.500 mensen overwegen om te gaan. Initiatiefneemsters Charlotte Ruytjens, Eline Van Hooydonck en Ayke Gubbels zeggen dat het hoog tijd is voor een mentaliteitswijziging.

'Het verhaal van Julie is spijtig genoeg niet het eerste. Slachtoffers van seksueel geweld zijn er met hopen. Er zijn zeker acht verkrachtingen per dag - en die cijfers kennen we enkel omdat zij aangifte doen. Van de rest weten we niets.'

Boosheid kan een middel zijn voor verandering.

De organisatoren noemen specifiek de nabijheid van de verkiezingen van 26 mei. Zondag moet een signaal worden naar de toekomstige beleidsmakers. 'Maar het is duidelijk dat dit veel verder gaat dan de eis dat een minister zou moeten opstappen', klinkt het. Onder meer de partij Vlaams Belang eiste al het vertrek van Koen Geens (CD&V).

Wat Van Hooydonck, Ruytjens en Gubbels beogen is een mentaliteitswijziging. 'Zo bestaat er bij de politie nog steeds geen gespecialiseerde opleiding om slachtoffers van verkrachting en aanranding te ondervragen, terwijl die dikwijls aan een trauma lijden.'

'Daarnaast is er het terugkerend problemen dat zaken te lang aanslepen en geseponeerd worden wegens gebrek aan bewijslast.'

'Het politieke niveau heeft ook nagelaten om een expertisecentrum rond seksueel geweld op te richten. Bestaande initiatieven krijgen dan weer beperkte subsidiëring', luidt het.

Zelfverdedigingscursus

Het gaat nog verder. 'Het zit in onze cultuur ingebakken: vrouwen worden veel minder snel serieus genomen. Ik maak graag de vergelijking met andere misdaden. Kan je je voorstellen dat je als slachtoffer van een inbraak de vraag krijgt of je het niet hebt uitgelokt omdat je deur openstond? In het geval van seksueel geweld wordt er nog veel te vaak getwijfeld aan het slachtoffer - of dat nu een vrouw, een man of iemand die zich met geen van beide genders identificeert.'

Volgens de drie liggen de kiemen van die ingesteldheid in onze opvoeding. 'Er is een gebrek aan educatie en preventie over seksueel onaanvaardbaar gedrag. Vrouwen worden haast opgevoed om bang te zijn op straat. We leven nog steeds in een maatschappij waarin vriendinnengroepen sms'jes sturen naar elkaar om te zeggen dat ze goed zijn aangekomen.'

Ze verwijzen daarnaast naar een recente campagne tegen seksuele intimidatie van de stad Antwerpen. 'Een van de adviezen daarin was: "volg een zelfverdedigingscursus". Waar zijn we dan mee bezig? De focus moet op de daders liggen.'

De organisatoren hopen dat de huidige polemiek een kentering teweegbrengt. 'Boosheid kan een middel zijn voor verandering. Julie was een 23-jarig meisje met een sterk sociaal netwerk. Mensen zien haar foto en kunnen zich inbeelden dat het hun vriendin of familielid zou kunnen zijn. Tegelijkertijd moeten we er ook over waken dat dit soort geweld dagelijkse kost is voor bijvoorbeeld prostituees, andere vrouwen en ook mannen. Daarom zeggen wij "genoeg is genoeg".'