Johan Van Holderbeke

‘Leerkrachten worden overladen met taken die vaak maar zijdelings met hun kernopdracht te maken hebben’

Johan Van Holderbeke Oud-leerkracht

Oud-leerkracht Johan Van Holderbeke reageert op het Knack-interview met Vlaams minister van Onderwijs Zuhal Demir.

In verschillende interviews voor de start van het nieuwe schooljaar, waaronder ook in Knack, verwees Vlaams minister Zuhal naar leerkrachten die te vaak niet voor de klas staan.

En inderdaad, de minister heeft een punt. In mijn jaren als leerkracht in het BuSO vroegen mijn collega’s en ik ons geregeld af hoe het kwam dat er steeds meer personeel bijkwam, terwijl de klassen niet kleiner werden.

Het is een opmerking die kort door de bocht klinkt, maar wel een breed gevoel van onbehagen verwoordt. Daar zijn verschillende oorzaken voor.

Extra taken voor leerkrachten

Al op het niveau van de individuele leraar valt veel te zeggen. Naast het lesgeven komen er voortdurend andere taken bij: administratie, overlegmomenten, schooltaken die tijdens de lestijd moeten worden opgenomen.

Een concreet voorbeeld uit het BuSO is de Ruward-test, een nuttig instrument voor leerkrachten beroepsgerichte vorming (BGV) om hun lessen beter af te stemmen op individuele leerlingen. Maar iemand moet die test afnemen. De leerkracht die daarvoor werd opgeleid, staat twee uur minder voor de klas – zonder compensatie vanuit de overheid.

Nieuwe verplichtingen zonder middelen

Ook op schoolniveau kwamen er steeds meer opdrachten bij, vaak zonder extra ondersteuning. Zo is er een beperkt aantal uren ICT-begeleiding, maar in een digitale samenleving is dat onvoldoende, waardoor lestijd moet worden opgeofferd. Elke school moet bovendien een preventieadviseur hebben, opnieuw zonder bijkomende middelen. En dan zijn er de leerlingenbegeleiders of ambulante leerkrachten die flexibel inzetbaar moeten zijn: alweer lesuren die verdwijnen.

Daarnaast vraagt het overlegmodel zijn tol. Inspraakorganen op school- of koepelniveau zijn belangrijk, maar de vertegenwoordiging van leerkrachten in lokale overlegcomités (LOC), ouderraden (OR) Comités voor Preventie en Bescherming op het Werk (CPBW) of basiscomités (BC) kost opnieuw kostbare uren die niet aan lesgeven besteed worden.

Structureel probleem

De vaststelling van de minister is niet nieuw. Vakbonden, en zeker COC, hameren hier al jaren op. Leerkrachten worden beladen met alle mogelijke en onmogelijke taken. Soms hebben die van ver iets te maken met hun leerkracht zijn, maar soms ook helemaal niet. Hopelijk slaagt zij er in om tot meer dan een plan te komen op weg naar een degelijk loopbaanpact.

Het is te hopen dat minister Demir verder gaat dan een plan, en eindelijk werk maakt van een degelijk loopbaanpact.

Ook op bovenschools niveau verdwijnen lesuren of middelen. Die gaan naar schoolbesturen, scholengemeenschappen, scholengroepen of pedagogische begeleidingsdiensten. Soms vroeg en vraag ik me af wat de meerwaarde van al die functies is. Wat hebben wij op leerkrachten- en/of schoolniveau aan de uren die we daarvoor afstaan? Vaak kregen we een eerder ontwijkend of een niet afdoend antwoord. Daar kan misschien inderdaad winst geboekt worden.

Taken herverdelen

Het idee om een deel van die taken over te laten aan mensen met een ander profiel, is op zich correct. Maar ook dat kost geld. Een preventieadviseur, toezichter op de speelplaats of refterbegeleider moet nu eenmaal betaald worden. De vraag is of de minister bereid is om daar de nodige middelen voor vrij te maken.

Johan Van Holderbeke is oud-leerkracht. Hij was lid van de Leraarkamer van Knack (2022-2023).

Fout opgemerkt of meer nieuws? Meld het hier

Partner Expertise