Eén van mijn vreemde gewoontes is om 's avonds allerhande rapporten en jaarverslagen te lezen. Recent leerde ik zo over het bestaan van een "werkingsverslag" van de Nederlandstalige rechtbank van koophandel van Brussel. Het was de voorzitster van deze rechtbank die op Twitter meldde dat het werkingsverslag 2017 online stond op de website 'Rechtbanken-tribunaux'.

Het is een ontluisterend verslag. Wie dat wil kan het volledige documenthier lezen. Ik vind het ronduit een blamage voor ons land. Ik weet dat het dan bon ton is om voor dit soort zaken te wijzen naar 'de minister van Justitie', maar er is volgens mij meer aan de hand.

Onderfinanciering van justitie dreigt staatsontwrichtend te werken

Eerst de cijfers, dan mijn mening over die cijfers. In de Nederlandstalige rechtbank van koophandel waren er bij de magistraten over 2017 maar liefst 629 afwezigheidsdagen wegens ziekte. Dat betekent dat er ongeveer 3 voltijdse equivalenten kwijt waren aan ziekte. De Nederlandstalige rechtbank van koophandel, die gelet op haar ligging in Brussel regelmatig gevraagd wordt om over bijzonder gewichtige internationale zaken een oordeel te vormen, heeft een kader van normaal 11 rechters (voltijdse equivalenten). De werkelijke bezitting komt echter slechts uit op 9,8 voltijdse equivalenten. Tel daarbij de ziektedagen (ongeveer 3 voltijdse equivalenten die permanent ziek waren in 2017) en het is duidelijk dat er een acuut probleem is in onze nationale handelsrechtbank.

Deze onderfinanciering is niet langer aanvaardbaar. Meer zelfs, ze werkt ontwrichtend. Wie een proces in Brussel riskeert, zal zich de vraag beginnen stellen of hij/zij wel wilt dat zijn of haar zaak door een Brusselse rechter behandeld wordt die te weinig tijd heeft voor te veel dossiers. Beschikt die Brusselse rechter overigens over het nodige bronnenmateriaal als datzelfde werkingsverslag over de bibliotheek het volgende vermeldt: "wordt nog weinig bijgewerkt: bijna geen budget." (pagina 10 werkingsverslag)

Er zijn vele redenen waarom er beduidend meer geld moet gaan naar een goede werkomgeving voor rechters.

Ten eerste, is het een kwestie van respect. Rechters hebben een aartsmoeilijke taak waarbij ze bestand moeten zijn tegen druk en stress. Van rechters verwachten we terecht dat ze het hoofd koel houden en nooit één of andere partij voortrekken. Het is dan ook cruciaal dat rechters beschikken over moderne apparatuur en over een uitgebreide bibliotheek.

Als de partijen met de duurste advocaten beginnen te winnen in plaats van de partijen met het recht aan hun zijde, dan is er een democratisch probleem.

Ten tweede, moet ervoor opgepast worden dat de drooglegging van het departement justitie niet leidt tot "privatisering" waarbij steeds meer bedrijven standaardcontracten afsluiten met zogenaamde arbitrageclausules. Dergelijke bedrijven wensen niet meer maanden of jaren te wachten op hun vonnis en voorzien in hun contracten dat zelf aangestelde en zelf betaalde arbiters eventuele geschillen moeten oplossen. De beslissingen van deze arbiters blijven dan wel geheim waarbij ook de behandeling van de zaak vertrouwelijk is. Een slechte evolutie wat mij betreft: we hebben nood aan meer transparantie, niet aan minder.

Ten derde, vind ik het problematisch dat de rechters soms zonder tanden komen te staan tegen associaties en kantoren die wél over de middelen beschikken om bijvoorbeeld de rechters af te leiden van de kern van de zaak door ze met papier te overladen in de vorm van belachelijk lange conclusies of veel te uitgebreide stukkenbundels. Rechters zijn doorgaans slimme mensen maar het is evident dat zij vaak door de bomen het bos niet meer zien wanneer zij opnieuw een batterij advocaten met navenante dikke Bertha's voor zich zien verschijnen. Als de partijen met de duurste advocaten beginnen te winnen in plaats van de partijen met het recht aan hun zijde dan is er een democratisch probleem.

Het is dan ook hoogtijd dat rechters het respect krijgen dat ze verdienen en dat er dus meer geld voor wordt vrijgemaakt, zodat ze gewoon hun werk kunnen doen. Zo simpel kan het soms zijn.

Eén van mijn vreemde gewoontes is om 's avonds allerhande rapporten en jaarverslagen te lezen. Recent leerde ik zo over het bestaan van een "werkingsverslag" van de Nederlandstalige rechtbank van koophandel van Brussel. Het was de voorzitster van deze rechtbank die op Twitter meldde dat het werkingsverslag 2017 online stond op de website 'Rechtbanken-tribunaux'.Het is een ontluisterend verslag. Wie dat wil kan het volledige documenthier lezen. Ik vind het ronduit een blamage voor ons land. Ik weet dat het dan bon ton is om voor dit soort zaken te wijzen naar 'de minister van Justitie', maar er is volgens mij meer aan de hand. Eerst de cijfers, dan mijn mening over die cijfers. In de Nederlandstalige rechtbank van koophandel waren er bij de magistraten over 2017 maar liefst 629 afwezigheidsdagen wegens ziekte. Dat betekent dat er ongeveer 3 voltijdse equivalenten kwijt waren aan ziekte. De Nederlandstalige rechtbank van koophandel, die gelet op haar ligging in Brussel regelmatig gevraagd wordt om over bijzonder gewichtige internationale zaken een oordeel te vormen, heeft een kader van normaal 11 rechters (voltijdse equivalenten). De werkelijke bezitting komt echter slechts uit op 9,8 voltijdse equivalenten. Tel daarbij de ziektedagen (ongeveer 3 voltijdse equivalenten die permanent ziek waren in 2017) en het is duidelijk dat er een acuut probleem is in onze nationale handelsrechtbank.Deze onderfinanciering is niet langer aanvaardbaar. Meer zelfs, ze werkt ontwrichtend. Wie een proces in Brussel riskeert, zal zich de vraag beginnen stellen of hij/zij wel wilt dat zijn of haar zaak door een Brusselse rechter behandeld wordt die te weinig tijd heeft voor te veel dossiers. Beschikt die Brusselse rechter overigens over het nodige bronnenmateriaal als datzelfde werkingsverslag over de bibliotheek het volgende vermeldt: "wordt nog weinig bijgewerkt: bijna geen budget." (pagina 10 werkingsverslag)Er zijn vele redenen waarom er beduidend meer geld moet gaan naar een goede werkomgeving voor rechters. Ten eerste, is het een kwestie van respect. Rechters hebben een aartsmoeilijke taak waarbij ze bestand moeten zijn tegen druk en stress. Van rechters verwachten we terecht dat ze het hoofd koel houden en nooit één of andere partij voortrekken. Het is dan ook cruciaal dat rechters beschikken over moderne apparatuur en over een uitgebreide bibliotheek. Ten tweede, moet ervoor opgepast worden dat de drooglegging van het departement justitie niet leidt tot "privatisering" waarbij steeds meer bedrijven standaardcontracten afsluiten met zogenaamde arbitrageclausules. Dergelijke bedrijven wensen niet meer maanden of jaren te wachten op hun vonnis en voorzien in hun contracten dat zelf aangestelde en zelf betaalde arbiters eventuele geschillen moeten oplossen. De beslissingen van deze arbiters blijven dan wel geheim waarbij ook de behandeling van de zaak vertrouwelijk is. Een slechte evolutie wat mij betreft: we hebben nood aan meer transparantie, niet aan minder. Ten derde, vind ik het problematisch dat de rechters soms zonder tanden komen te staan tegen associaties en kantoren die wél over de middelen beschikken om bijvoorbeeld de rechters af te leiden van de kern van de zaak door ze met papier te overladen in de vorm van belachelijk lange conclusies of veel te uitgebreide stukkenbundels. Rechters zijn doorgaans slimme mensen maar het is evident dat zij vaak door de bomen het bos niet meer zien wanneer zij opnieuw een batterij advocaten met navenante dikke Bertha's voor zich zien verschijnen. Als de partijen met de duurste advocaten beginnen te winnen in plaats van de partijen met het recht aan hun zijde dan is er een democratisch probleem. Het is dan ook hoogtijd dat rechters het respect krijgen dat ze verdienen en dat er dus meer geld voor wordt vrijgemaakt, zodat ze gewoon hun werk kunnen doen. Zo simpel kan het soms zijn.