En wat als we het nu eens ernstig namen, dat marshallplan? Elke diepgaandere discussie over migratie eindigt vandaag, vooral ter linkerzijde, met een vage verwijzing naar economische hulp voor de Afrikaanse migratielanden. Dat wordt dan kortweg 'marshallplan' genoemd, naar het Amerikaanse hulpprogramma voor Europa na de Tweede Wereldoorlog. Vandaag is het begrip een stoplap geworden in een debat dat vertrekt bij de noodzaak om de toevloed van migranten te verminderen. Via de versterking van de Europese grenspolitie van Frontex, een aanpassing van de Dublinakkoorden en een spreidingsplan, eindigt het migratiedebat doorgaans bij het besef dat al die maatregelen samen nooit zullen volstaan om de migratiegolf helemaal te stoppen. Een marshallplan is het échte sluitstuk, waarbij we de Afrikanen niet neokoloniaal een aalmoes aanreiken, maar als gelijke handelspartners elkaars welvaart verhogen. Een sterker Afrika mag dan aanvankelijk de migratie aanjagen - welvarender Afrikanen trekken makkelijker weg - maar op termijn is zo'n Afrikaanse remonte een must.

Misschien moet Theo Francken die ene ontbrekende debatfiche maar eens schrijven

Onze staatssecretaris heeft stevige recepten voor de versterking van de buitengrenzen, maar ook Theo Francken begint te schipperen als het gaat over de wortel van het probleem, in het Engelse jargon: de 'root causes' van migratie. Vanzelfsprekend hebben we een aanzienlijke historische, postkoloniale verantwoordelijkheid. Die moet in rekening gebracht worden. Maar ook vandaag houden we er nog handelsrelaties op na met Afrika die op zijn zachtst gezegd niet altijd zo eerlijk zijn. Daar komt bij dat de austerity-recepten van het IMF de talloze schuldencrisissen in Afrika de voorbije decennia niet makkelijker hebben gemaakt. Ook de klimaatvluchtelingen kunnen deels op ons conto geschreven worden. In een degelijk marshallplan worden in de eerste plaats al die onrechtvaardigheden aangepakt. Tegelijk moeten we onder ogen zien dat veel Afrikaanse landen met diepgaande corruptie en burgeroorlogen ook zelf flink hebben meegeholpen om hun toekomst te verknallen.

Het staat vast dat een toekomstperspectief voor Afrika ook in ons eigen belang is. Vorig jaar heeft de Duitse bondskanselier Angela Merkel zo'n marshallplan op de sporen gezet, inclusief een flinke stijging van de Duitse ontwikkelingshulp aan Afrikaanse landen. Maar in eigen land blijft het zeer stil, en halen we al jaren niet de symbolische 0,7 procent van het bruto nationaal inkomen - het internationaal aanvaarde minimum voor ontwikkelingshulp. Niet onder Charles Michel, maar ook niet onder Elio Di Rupo.

Francken hoor je zelden over die noodzakelijke economische samenwerking, maar links blijft evengoed in gebreke. Afgelopen zondag bleek op een VRT-debat dat Groen-voorzitster Meyrem Almaci zelfs niet goed kon antwoorden op een eenvoudige vraag van Bart De Wever: of de opvangkampen voor migranten binnen de EU open dan wel gesloten zouden moeten zijn. Francken tweette de bal meteen binnen: hij vond het stamelen van Almaci het 'perfecte symbool voor groene roepers aan de zijlijn met naïeve, onwerkbare en ondoordachte oplossingen'. Hij had gelijk.

Het marshallplan voor Afrika kunnen we alleen aan. Noem het europatriottisme.

Door het Marshallplan kregen vanaf 1948 verschillende kapotgeschoten Europese landen miljarden Amerikaanse dollars. Dat was niet gespeend van Amerikaans eigenbelang: Europa kocht vooral Amerikaanse goederen aan. En het kwam volledig onder de invloed van Washington. Maar het heeft Europa zonder twijfel geholpen in de gigantische economische groei in de 25 jaar na 1945.

Afrika komt niet uit een wereldoorlog, en de Euro-Afrikaanse relaties zijn anders dan die met de VS. Maar ondertussen hebben veel Europeanen Noord-Afrikaanse roots: dat moet ons extra motiveren om een goede economische samenwerking op poten te zetten. We moeten dringend trots kweken: het gevoel dat we zelf stappen kunnen en moeten zetten op het geopolitieke schaakbord. Noem het europatriottisme. Met passie voor onze grondwaarden, maar ook met de dynamiek van een volwassen handelsblok.

De Amerikaanse president Donald Trump plant tegen midden juli opnieuw een bezoek aan de NAVO in Brussel, waarbij het gemakzuchtige Europa ongetwijfeld opnieuw een veeg uit de pan zal krijgen. Het is het ideale moment om eindelijk wat losser te komen van de grote trans-Atlantische broer. Het marshallplan voor Afrika kunnen we alleen aan. Het is ook een prima moment om de Belgische ontwikkelingssamenwerking compleet te herdenken.

Misschien vindt zelfs Theo Francken dan de tijd om die ene ontbrekende, maar cruciale debatfiche nog te schrijven. Ook de N-VA zal onvermijdelijk moeten inzien dat de migratie pas echt zal stoppen als mensen hun land niet meer willen ontvluchten, hoe hard de grenzen ook bewaakt worden. Een sterke, respectvolle samenwerking met Afrika is van een groot Vlaams belang, een welbegrepen eigenbelang.

Dit artikel verschijnt woensdag 27 juni in Knack.

Reageren op dit artikel kan u door een e-mail te sturen naar lezersbrieven@knack.be. Uw reactie wordt dan mogelijk meegenomen in het volgende nummer.