Plastic moet een van de meest ingrijpende uitvindingen zijn die de wereld in de afgelopen eeuw heeft gekend. In 70 jaar tijd explodeerde de productie van zo'n 1,5 miljoen ton per jaar in 1950 naar 359 miljoen ton in 2018. Al dat plastic weegt op onze planeet: het komt terecht in zwerfvuil, klit samen tot hele eilanden in de oceanen, microplastics dringen door tot de verste uithoeken van onze ecosystemen, en de productie ervan stoot enorm veel broeikasgassen uit. De levenscyclus van plastic is goed voor 3,8 procent van de wereldwijde uitstoot, het dubbele van de luchtvaartsector.
...

Plastic moet een van de meest ingrijpende uitvindingen zijn die de wereld in de afgelopen eeuw heeft gekend. In 70 jaar tijd explodeerde de productie van zo'n 1,5 miljoen ton per jaar in 1950 naar 359 miljoen ton in 2018. Al dat plastic weegt op onze planeet: het komt terecht in zwerfvuil, klit samen tot hele eilanden in de oceanen, microplastics dringen door tot de verste uithoeken van onze ecosystemen, en de productie ervan stoot enorm veel broeikasgassen uit. De levenscyclus van plastic is goed voor 3,8 procent van de wereldwijde uitstoot, het dubbele van de luchtvaartsector. Handig is het natuurlijk wel. Kunststoffen zijn stevig, licht, goedkoop en makkelijk te verwerken. Dankzij plastic kan ons eten langer worden bewaard en werden voertuigen lichter. Plastic is dan ook big business: in België was de kunststoffenproductie in 2018 goed voor een omzet van 14,2 miljard euro. Maar met de plasticexplosie werden ook de nadelen steeds duidelijker. Behalve vragen over veiligheid en samenstelling is er het grote probleem ná gebruik. Waar moet je heen met al dat afval? Van al het plastic dat geproduceerd is, werd wereldwijd naar schatting slechts 9 procent gerecycleerd. De rest wordt verbrand of gestort, en een deel ervan komt in het milieu terecht. Dat moet anders, klinkt het bij overheden. Voor de oplossing kijken ze naar de circulaire economie, een afvalloze economie waarin afgedankte producten weer een grondstof worden voor nieuwe dingen. Concreet betekent dat voor kunststoffen: minder plastic produceren, meer hergebruiken, meer recycleren en tot slot afval omzetten in energie, bijvoorbeeld via een verbrandingsoven. Die volgorde doet ertoe: omdat recyclage energie-intensief is en altijd de kwaliteit van het materiaal licht aantast, scoort recyclage qua milieu-impact bijvoorbeeld veel minder goed dan preventie en hergebruik. De circulaire voornemens worden in sneltempo in wetten omgezet. In mei 2019 keurde de EU een richtlijn goed waarin de plasticvervuiling wordt aangepakt op verschillende fronten. Sommige wegwerpproducten, zoals rietjes en wattenstaafjes, zijn vanaf 2021 verboden. Tegen 2029 moet 90 procent van alle plastic drankverpakkingen worden opgehaald voor recyclage. En tegen 2025 moeten plastic flessen minstens 25 procent gerecycleerd materiaal bevatten (tegen 2030 30 procent). De plannen van Vlaanderen zijn nog ambitieuzer. Volgens het Verpakkingsplan 2.0 moeten we al zeven jaar eerder, tegen 2022, de '90 procent ophaling voor recyclage' bereiken. En al in 2019 moest 25 procent van de transparante en blauwe petflessen in de blauwe zak gerecycleerd worden tot nieuwe drankverpakkingen. Of dat gelukt is, zullen we in de loop van dit jaar te weten komen. Waarom richten die wetten zich op recyclage van fles naar fles ( bottle to bottle, zoals dat in het jargon heet)? Dat heeft alles met pet (voluit: polyethyleentereftalaat) te maken. Petflessen staan bekend als de makkelijkst en meest gerecycleerde plastics van allemaal: er zitten relatief weinig toegevoegde chemicaliën in en de productie gebeurt lokaal omdat drank vervoeren inefficiënt en duur is. Dat 100 procent bottle to bottle-recyclage haalbaar is, bewijst bijvoorbeeld het Nederlandse watermerk Bar-le-Duc. Maar niet elke vorm van recyclage scoort even goed op de circulaire barometer. Petflessen die een tweede leven krijgen als fruitbakje of fleecetrui verliezen bijvoorbeeld aan kwaliteit en kunnen niet opnieuw opgewaardeerd worden tot flessen. Petflessen kunnen naar schatting een tiental keer tot petfles worden gerecycleerd. Als er geen gerecycleerd materiaal beschikbaar is, is de grondstof voor petflessen fossiele ethyleen, gemaakt van schaliegas of petroleum. Meer flessen ophalen is tegelijk ook een maatregel tegen zwerfvuil. En recyclage verlaagt de broeikasgasuitstoot drastisch: 'De klimaatafdruk van een gerecycleerde petfles is 80 procent kleiner dan die van een fles gemaakt van nieuw pet, al kan de precieze winst variëren naargelang van de lokale omstandigheden', zegt Rob Buurman van de milieuorganisatie Recycling Netwerk. Hoe zit dat in België? Knack ging na hoeveel petflessen en -flacons die in 2018 (de laatst beschikbare cijfers) op de markt kwamen, ingezameld en opnieuw gerecycleerd werden tot petflessen. In ons land organiseert Fost Plus de ophaling, sortering en recyclage van pmd (plastic flessen en flacons, metaalverpakkingen en drankkartons). Om te weten hoeveel petflessen naar petflessen worden gerecycleerd, moeten we dus bij Fost Plus zijn of zijn toezichthouder, de Interregionale Verpakkingscommissie (IVC). Fost Plus claimt dat de 25 procent tegen 2019 uit het Vlaamse Verpakkingsplan 'ruimschoots wordt gehaald'. Maar de gegevens die Fost Plus en de IVC na enig aandringen aan Knack bezorgden, werpen meer vragen op dan antwoorden. Bovendien vallen de data niet te dubbelchecken: onafhankelijke studies over het onderwerp bestaan amper, en de meeste zijn niet openbaar of maken gebruik van gegevens die niet na te gaan zijn. De verschillende spelers die betrokken zijn bij de ophaling en recyclage communiceerden liever niet. Op enkele uitzonderingen na verwezen sorteerinstallaties en recycleurs, maar ook wetenschappers en overheden, systematisch door naar de centrale speler Fost Plus, waar ze afhankelijk van zijn. Sorteerders voor hun werkgelegenheid, recycleurs voor de constante aanvoer van petbalen. Al snel werd duidelijk dat Fost Plus een feitelijke monopoliepositie heeft in het recyclageverhaal. Hoe doen we het op het vlak van ophaling? In 2022 zouden we 90 procent van alle drankverpakkingen moeten inzamelen. Feit is dat we vandaag gewoon niet wéten hoeveel pet er wordt opgehaald, omdat niemand het meet. Petverpakkingen zitten samen met flessen en flacons uit andere plasticsoorten (zoals HDPE) in de blauwe zak. Fost Plus registreert alleen hoeveel bruikbaar pet er na sortering overblijft, zonder het gewicht van aanhangend vocht en vuil in mindering te brengen. Dit is het volume dat geregistreerd wordt als 'gerecycleerd'. Volgens afvalexpert en onderzoeker Mike Van Acoleyen maakt Fost Plus al jaren gebruik van 'een foute formule' om recyclagepercentages te berekenen. 'Het overschat de hoeveelheid "ingezameld en gerecycleerd", en onderschat de hoeveelheid "op de markt gebracht".' Gebeurt er dan geen controle op de wettelijk vastgelegde recyclage? Amper, zo blijkt. Omdat er geen petrecycleurs zijn in België, wordt het pet verwerkt in onze buurlanden: Nederland, Frankrijk en Duitsland. Dat de verwerking daar gebeurt, heeft een impact op het overzicht en de controle, zegt Rob Buurman van Recycling Netwerk: 'Wanneer de gesorteerde balen bij de recycleurs aankomen, weten we eigenlijk niet meer wat ermee gebeurt. De overheid kan wel afspraken maken met de recycleurs, maar effectieve controle en sancties zijn onduidelijk.' En hoewel de Interregionale Verpakkingscommissie het recht heeft om audits te doen, voerde ze tussen 2012 en 2019 geen inspecties uit op petrecyclage. 'De overheid heeft een deal gesloten met het bedrijfsleven', aldus Buurman: '"Wij leggen de recyclagecijfers wettelijk vast, jullie zorgen ervoor dat ze gehaald worden." Maar de controle en de verantwoordelijkheid worden daarmee uit handen gegeven. Dat leidt er nu toe dat recycling een black box is voor buitenstaanders. Vandaag bepalen producenten en supermarkten hoe het systeem moet functioneren en wie verpakkingen mag recycleren.' Omdat de gegevens eigenlijk maar van één bron komen - Fost Plus - en ze zo moeilijk verifieerbaar zijn, is het aangewezen om er voorzichtig mee om te springen. Ook als de cijfers die Fost Plus doorgaf kloppen, is het niet zeker dat het petrecyclaat daadwerkelijk opnieuw in België terechtkomt, omdat het wordt verhandeld op de internationale markt. 'Onze contractpartners-recycleurs zijn vrij om hun gerecycleerde grondstof te verkopen aan verschillende klanten, actief in diverse markten', stelt Bart Vandesompele, woordvoerder van Fost Plus. Maar door de marktschaarste speelt de wet van de hoogst biedende. Aangezien álle Europese pet-drankflessen tegen 2025 een kwart gerecycleerd materiaal moeten bevatten, kan België niet het alleenrecht op petrecyclaat opeisen. Fost Plus claimt openheid en transparantie na te streven, maar uiteindelijk kan niemand met zekerheid kan zeggen hoeveel petflessen we werkelijk bottle to bottle recycleren, en hoeveel daarvan er opnieuw in Belgische flessen terechtkomen.