Marcia De Wachter heeft nooit een blad voor de mond genomen. 'Mijn moeder zei altijd tegen mij en mijn zussen: "Jullie moeten onafhankelijk zijn en jullie eigen standpunt innemen." En mijn vader wees erop: "Jullie zijn even goed als mannen." Ik heb die lessen ter harte genomen.' Daarbij verwijst ze ook naar haar naam: 'Marcia komt van " tempo di marcia" - muziek met enige kracht - maar mijn familienaam is De Wachter. Ik kan geduld opbrengen, en ik zet door als dat nodig is.'
...

Marcia De Wachter heeft nooit een blad voor de mond genomen. 'Mijn moeder zei altijd tegen mij en mijn zussen: "Jullie moeten onafhankelijk zijn en jullie eigen standpunt innemen." En mijn vader wees erop: "Jullie zijn even goed als mannen." Ik heb die lessen ter harte genomen.' Daarbij verwijst ze ook naar haar naam: 'Marcia komt van " tempo di marcia" - muziek met enige kracht - maar mijn familienaam is De Wachter. Ik kan geduld opbrengen, en ik zet door als dat nodig is.' Dat bleek toen ze werd vervangen na een schitterende carrière als directeur en vicegouverneur van de Nationale Bank van België. Lang hield ze zich rustig, maar toen eind oktober bekend werd dat ex-minister van Financiën Steven Vanackere (CD&V) haar zou opvolgen, reageerde ze fors. 'De regering was blijkbaar niet in staat één competente vrouwelijke kandidate te vinden in België', tweette ze. Daarna nam ze geen gas terug: 'Straks meer Frère-mannen dan vrouwen bij Nationale Bank' - een tweet die 28.000 reacties uitlokte. 'Het heeft me aangenaam verrast dat de achterstelling van de vrouw zo veel mensen beroerde', zegt de enige vrouwelijke directeur in de 168-jarige geschiedenis van de Nationale Bank. 'Als kind wilde ik operazangers worden', zegt De Wachter. 'We hadden thuis een staande piano, een erfenis van een kinderloze tante, waarop ik leerde spelen. Op de muziekschool charmeerde het me enorm hoe die operazangeressen de toonladders zongen. Ik droomde ervan om hun na te volgen.' Hoe werd die droom thuis onthaald? Marcia De Wachter: Mijn vader vond operazangeres worden maar niets. Hij zei dat ik dan een 'immoreel leven' zou leiden: dat ik voortdurend de wereld zou rondreizen en zou moeten leven uit mijn koffer. (lacht) Ik heb dan maar een immoreel leven geleid als centrale bankier. Ik heb wel nog lang piano gestudeerd. Toen ik naar de universiteit ging, ben ik ermee gestopt: de partituur zat aldoor in mijn hoofd, waardoor ik niet ernstig kon studeren. Ik moest kiezen tussen muzieknoten en cijfers. Vond uw vader het een goed idee dat u economie ging studeren? De Wachter: Ook niet! (lacht) Het mag duidelijk zijn dat ik helemaal op het verkeerde pad geraakt ben. Mijn vader wilde eigenlijk dat ik verpleegster zou worden - hij vond dat een mooi beroep voor een vrouw - maar ik wilde economie studeren. Ik keek op tegen de academische wereld. Ik ben met grote onderscheiding afgestudeerd, en ben dan aangemoedigd om naar de Verenigde Staten te gaan. Van 1977 tot 1979 heb ik in Chicago gestudeerd, waar ik les kreeg van allerlei Nobelprijswinnaars economie van de zogenoemde Chicago School. Die school geldt als de belangrijke inspirator van het neoliberalisme. De Wachter: Je werd er gebrainwasht. In Chicago gelooft iedereen in de perfecte marktwerking. Dat werd er bij de studenten ingepompt. Ze gingen ervan uit: als iedereen maximaal voor zichzelf zorgt, komt het allemaal wel goed. Voor bevolkingsgroepen die niet meekunnen was er geen aandacht. Dat lijkt nu met president Donald Trump meer dan ooit de leidraad te zijn in de VS. De Wachter: Zeker, maar intussen komt er wel een eind aan het tijdperk van de VS als machtigste land ter wereld. De Chinese opkomst is onstuitbaar. Terwijl de Amerikaanse infrastructuur er enorm op achteruitgaat, komen er in China dagelijks tgv's bij. Dat land heeft één groot voordeel: het wordt heel centralistisch geleid. Vorig jaar kon je in Peking nauwelijks buiten komen door de smog. Ze hebben toen beslist dat het zo niet verder meer kon - en nu is de smog verdwenen. China steekt ook steeds meer zijn tentakels uit ... De Wachter: Dat is een gevolg van de financiële crisis van tien jaar geleden. Die heeft een vacuüm veroorzaakt: het Westen moest zijn eigen problemen oplossen, naar Afrika keken we niet meer om. De Chinezen hebben hun kans gegrepen: zij koloniseren nu heel Afrika, bouwen er wegen, investeren er, en nemen er zo de plaats van het Westen in. En ze richten zich ook op ons. U zou ervan versteld staan hoeveel Europese landen minstens 1 procent van hun bruto binnenlands product (bbp) aan investeringen uit China aantrekken. De Chinezen bouwen een enorm netwerk uit. Ze willen alle knowhow die er in Europa bestaat zo snel mogelijk naar hun land overhevelen, of het nu gaat over nutsbedrijven, banken, verzekeringen, technologiebedrijven ... Ondertussen vluchten de Afrikanen weg uit hun continent, op zoek naar een betere wereld. De Wachter: We houden onvoldoende rekening met de ongelooflijke bevolkingsexplosie in Afrika. Dat continent telt nu 1,3 miljard inwoners, over 25 jaar zullen er dat 2,6 miljard zijn. Die massa mensen is straatarm en hoopt op een beter leven in Europa: dát is de echte migratieproblematiek. Maar daarvoor dragen teksten als het migratiepact van de Verenigde Naties geen oplossingen aan. Als we die Afrikanen geen positieve alternatieven kunnen aanbieden in hun eigen land, mogen we niet verbaasd zijn als we met een invasie te maken krijgen. En het gaat al niet zo denderend met onze economie. De Wachter: Sinds begin deze eeuw, en zeker sinds de financiële crisis van 2008, zien we geen grote economische groei meer. En de perspectieven voor de komende jaren zijn weinig rooskleurig. België heeft het voorbije decennium, toen de rente erg laag stond, een gouden kans gemist om zijn publieke financiën op orde te krijgen. Het geld dat vrijkwam door de rentedaling hebben we uitgegeven, en we hebben nog altijd een schuldgraad van pakweg 100 procent van het bbp. Ooit zal de rente opnieuw stijgen, en we hebben niet eens een buffer opgebouwd voor de volgende crisis. Dat verontrust me. Want van één ding kunnen we zeker zijn: ooit komt die crisis er. De vakbonden willen nu dat de lonen stijgen. Is daar marge voor? De Wachter: We hebben er jaren over gedaan om qua loonkosten opnieuw te concurreren met onze buurlanden. Dat de vakbonden nu al spreken van loonstijgingen is een probleem. Ze moeten goed beseffen wat de gevolgen voor onze concurrentiekracht zouden zijn. Het ACV gaat hevig tekeer tegen de regering-Michel, en bij beweging.net, het vroegere ACW, woedt een felle discussie over de banden met de CD&V. De Wachter: Het drama is dat het middenveld zichzelf zo verzwakt: als het zijn evenwicht verliest en zelf extreme standpunten inneemt, hoe kan een regering er dan nog rekening mee houden? Dat heeft dramatische gevolgen voor onze manier van werken, die zo lang voor welvaart heeft gezorgd. Het Rijnlandmodel, waarin overleg met de sociale partners centraal staat, sputtert. Heb je dan amper economische groei, zoals wij, dan wordt het wel héél moeilijk om de koek verder te verdelen. Als je dat niet goed uitlegt en verdedigt, krijg je sociale onrust. Vroeger hadden de vakbondsleiders meer oog voor het algemeen belang. Ze durfden moeilijke beslissingen te verdedigen. Dat staatsmanschap lijkt nu afwezig. Hebben onze regeringen, in plaats van de schuld af te bouwen, misschien wél voldoende geïnvesteerd in onze infrastructuur? De Wachter: Zelfs dat niet. Sinds het begin van de jaren 1980 zijn de publieke investeringen erg teruggelopen. Er werd hier of daar een put in de weg gedicht, maar structurele ingrepen kwamen er niet. Het resultaat: onze infrastructuur is er erg aan toe. Bruggen staan op instorten, de tunnels worden geteisterd door betonrot, we zitten vast in files. Komt dat ook niet door de Europese Unie, die de lidstaten een streng begrotingsbeleid oplegt maar geen oog heeft voor structurele investeringen? De Wachter: Ja. De Unie heeft de lidstaten budgettair een korset aangeregen en kijkt als een ayatollah toe op hun begrotingsbeleid. Op dit moment is Finland de enige EU-lidstaat die van de Europese Commissie aan publieke investeringen mag doen. Alle andere lidstaten hebben daar volgens haar geen budget voor. Dat is verschrikkelijk, want de Commissie belet die landen om te investeren in de toekomst. Zo organiseert Europa zijn eigen achterstand. Daar komt bij dat de budgettaire regels van de EU een wirwar zijn: zelfs een specialist raakt er amper uit wijs. Weet u, het ontbreekt de Unie aan good governance, goed bestuur, en dat merken de mensen. De Europarlementsleden leven in een bubbel. Ze vinden hun eigen werking fantastisch, maar missen het contact met de realiteit. Het zou geen slecht idee zijn om het Europarlement in zijn huidige vorm af te schaffen. En het in de toekomst te laten bestaan uit afgevaardigden van de nationale parlementen. Ziet u ook in eigen land een gebrek aan good governance? De Wachter: Er wordt in elk geval onvoldoende nagedacht over goed bestuur in publieke instellingen en ondernemingen. Misschien moet het parlement eerst zijn eigen werking eens tegen het licht houden? Hebben we de Senaat nog nodig? Moeten er nog provincieraden zijn? Hebben we niet te veel gemeenteraadsleden? Zulke vragen stellen we ons te weinig in België. Een andere vraag is of we de bankencrisis wel goed hebben aangepakt. Is dat dan niet zo? De Wachter: Halsoverkop hebben we de grootste Belgische banken verkocht aan privébanken in het buitenland. Was dat echt het enige alternatief? Hadden we ze niet kunnen nationaliseren? Ik denk het wel, net zoals dat in Nederland met ABN Amro is gebeurd. Maar doordat bijvoorbeeld Fortis zo dringend aan een Franse bank verkocht moest worden, is een deel van het Belgische spaargeld nu in Franse handen. Was de manier waarop uw opvolging bij de Nationale Bank werd geregeld een voorbeeld van good governance? De Wachter: Nee. Kan de leiding van de Nationale Bank, die toch de Belgische samenleving vertegenwoordigt, nog alleen uit blanke en - neem me niet kwalijk - wat oudere mannen bestaan? De regentenraad heeft zeventien leden, onder wie één vrouw. Eén. Van de pakweg honderd senior stafleden bij de Nationale Bank zijn er misschien twee of drie vrouw. Hoe vaak ben ik niet op een vergadering binnengelopen en heb dan hardop gezegd: 'O, de vrouw moet hier blijkbaar nog worden uitgevonden!' Het gaat dus over meer dan alleen mijn vervanging. Ik durf te denken dat er voldoende bekwame vrouwen zijn voor al die functies. Het is hallucinant dat we het daarover in de eenentwintigste eeuw nog moeten hebben in België. De directieleden van de Nationale Bank worden politiek benoemd. Schort er ook niets aan dat systeem? De Wachter: Op zich ben ik niet tegen politieke benoemingen in een instelling als de Nationale Bank: het is belangrijk dat de leiding verschillende ideologische gezindheden verenigt. Maar het keuzeproces kan fairder. Nu is het ondoorzichtig en worden er vaak mannen naar voren geschoven om andere redenen dan dat ze de besten zijn - bijvoorbeeld omdat ze elders in de weg lopen. Het benoemingsmodel van de Europese Centrale Bank is veel rechtvaar-diger. Eerst selecteert de partij die aan zet is een aantal kandidaten op basis van de criteria van het nominatiecomité. Dan wordt er een shortlist samengesteld van een viertal kandidaten. Zij worden uitgenodigd voor een publieke hoorzitting, zodat iedereen zich kan vergewissen van hun vakkennis. En op basis daarvan wordt de beste gekozen. Hij of zij wordt niet meer benoemd tot aan zijn of haar pensioen, maar bijvoorbeeld voor twee periodes van vijf jaar. Alleen pausen worden nog voor het leven benoemd, en zelfs zij treden tegenwoordig af. U was een van de weinige directeurs van de Nationale Bank die zich duidelijk uitspraken over netelige kwesties, als u al niet de enige was. Bij de presentaties van de jaarverslagen noemde u man en paard. Dat is u niet altijd in dank afgenomen. De Wachter: Het jaarverslag van de Nationale Bank biedt een schat aan informatie over de financieel-economische toestand van België. Die tekst gaat door veel handen en wordt daarbij helemaal gladgestreken: op het eind is er geen toon te hoog of te laag. Maar ik ben een sopraan, ik kan heel hoge tonen aan. (lacht) Meer dan eens werd ik gewaarschuwd: ik moest me aan de tekst houden. Waarop ik zei: 'Ik hou me aan de cijfers.' Ach, ik kreeg altijd problemen als ik uitspraken deed. Dat verliep telkens weer volgens hetzelfde stramien: eerst proberen ze je te ridiculiseren, dan te bedreigen, tot ze je wel móéten laten zeggen wat je te zeggen hebt - omdat het waar is. In 2007 vergeleek u in Knack de prestaties van de Belgische economie met die van een aantal buurlanden en Scandinavische EU-lidstaten. Die prestaties, zo concludeerde u, waren 'belabberd en ook veel minder gunstig dan ons vaak werd voorgespiegeld'. U belandde in het oog van een storm. De Wachter: Gouverneur Guy Quaden gaf Gerald Frère of all people (de zoon van wijlen Albert Frère, nvdr), die toen in de regentenraad zat, de opdracht om mij op het matje te roepen. Hij vond het ongepast dat ik een interview had gegeven over de toestand van de Belgische economie. In welk land mag een vicegouverneur van de Nationale Bank níét zo'n analyse maken? Bovendien was de mijne correct. Maar dat mocht toen niet gezegd. Het ergste van al: de zaken die toen problematisch waren, zijn dat nog altijd. Wat loopt er vandaag nog fout? De Wachter: Net zoals tien jaar geleden is onze economische groei opgeschroefd, zijn er te weinig overheidsinvesteringen, wordt de jobcreatie gesubsidieerd, is onze inactiviteitsgraad te hoog, zit de verhouding qua personeel tussen de overheid en de non-profitsector niet goed, kwijnt de uitvoer en doen we te weinig aan vorming en training. Erg, hè? De inspanningen van onze overheid rond innovatie blijven verbleken bij die van onze buurlanden, maar gelukkig investeren en innoveren onze ondernemingen nu meer. Ik heb er destijds voor gepleit om de werkgeversbijdragen te verlagen van 33 naar 25 procent, en dat is gebeurd. De regering-Di Rupo is ermee begonnen, daarna kwam de taxshift van de regering-Michel. Voor de laagste budgettaire kostprijs hebben we het grootste werkgelegenheidseffect bereikt. Ik ben er trots op dat ik dat idee in Knack heb kunnen lanceren, en dat het ondertussen is gerealiseerd. U bent in oktober 65 geworden. U bent nu met pensioen ... De Wachter: ... maar ik ga niet stilzitten om van het leven te genieten. Ik geloof dat ik honderd zal worden, dus heb ik nog vijfendertig jaar voor me. Ik volg les aan de Franse managementschool Insead, en ik bied nu een aantal inzichten en methodes aan internationale ondernemers en directiecomités aan. Daarvoor heb ik een eigen onderneming opgericht, Brain@Trust. Ik ben altijd een doener geweest, veel meer dan een studax. Bij de gemeenteraadsverkiezingen van 14 oktober hebt u zich in Overijse kandidaat gesteld op de CD&V-lijst. De Wachter: Vooral om de lokale mensen in wie ik geloof te steunen. En ook omdat ze zo moeilijk vrouwen vonden voor de lijst, en omdat ik iets terug wilde doen voor de CD&V, die altijd achter me heeft gestaan. Ik ben verkozen. Heeft de partij u al gevraagd of u haar ook op een hoger niveau wilt helpen? De Wachter: Nee. Zou u ja antwoorden op die vraag? De Wachter: Nee.