Ook het Théâtre National maakt dit najaar een voorstelling over de jeugdzorg: Skrik. Hoe komt het dat het thema zo leeft?
...

Ook het Théâtre National maakt dit najaar een voorstelling over de jeugdzorg: Skrik. Hoe komt het dat het thema zo leeft? Kyoko Scholiers: Het thema is er altijd geweest. In elke klas zit een kind dat in een kwetsbare thuissituatie opgroeit. Tijdens de pandemie kreeg het thema meer aandacht omdat de meldingen van familiaal geweld stegen. Maar het zaadje van dit stuk werd geplant tijdens mijn project Misconnected. Ik telefoneerde met mensen die tijdelijk geen connectie met de samenleving hadden. Gevangenen, vluchtelingen, daklozen... Die gesprekken monteerde ik tot een luisterinstallatie in telefoonhokjes. Wie de hoorn van de haak nam, hoorde iemand met wie ik praatte. Voor deze voorstelling sprak ik met jeugdconsulenten, jeugdrechters, jeugdpsychiaters, medewerkers van opvangcentra waar ik even meedraaide als vrijwilliger en jongeren zelf. Een van hen was een kleuter. Het meisje vertelde me dat haar papa vermoord was. Na het gesprek bracht ik de zorgverantwoordelijke op de hoogte. Die zei me dat de vader wel leeft maar geen contact heeft met zijn dochter. Een dode papa heeft een goed excuus om niet op het verjaardagsfeest van zijn meisje te verschijnen. Dus verzon zij zijn dood. Toen wist ik: hierover wil ik een verhaal maken. Hoe kwam het verhaal tot stand? Scholiers: Ik bleef in het libretto, waarin ik het leven van een fictieve jongen schets, zo dicht mogelijk bij alles wat me is verteld. Ik moffel er ook wel licht en poëzie in, een beetje zoals Mike Leigh in films als Secrets and Lies maatschappijkritiek aan humor koppelt. En ik werk met toppers als Laurence Roothooft, Joris Van den Brande, Tiny Bertels, Greg Timmermans en Sofie Decleir. Zij weten hun bloedserieuze spel bij te kleuren met humor. Maar we lachen niets weg. Dit is een bikkelhard portret van de jeugdzorg. De mensen met wie ik sprak, waren zo blij dat ze gehoord werden. En ze zijn zó jong. De meesten van hen verlaten vroegtijdig de job omdat ze het te zwaar vinden en ze amper erkenning krijgen. Dat wil ik aankaarten. Het stuk is niet geschikt voor kinderen. De jongens die de hoofdrol spelen plus het kinderkoor van de opera krijgen psychologische begeleiding. Maakt u dit uit plaatsvervangende schaamte? Scholiers: Misschien wel. Het is beschamend hoe weinig de overheid in de jeugdzorg investeert. Door een gebrek aan middelen wordt niet elk kind dat hulp nodig heeft geholpen. We leven in een almaar hardere samenleving die geen aandacht heeft voor kinderen in nood. Brengt de muziek verzachting? Scholiers: Joris Blanckaert componeerde muziek die je door het turbulente leven van Boy loodst. De muziek wordt uitgevoerd door het HERMESensemble en het kinderkoor van Opera Ballet Vlaanderen. Hun stemmen zijn de stemmen in het hoofd van Boy. Soms huilen ze mee, soms troosten ze. Heeft Boy u veranderd? Scholiers:(zucht) Het voelde niet goed om de kinderen voor wie ik als vrijwilliger zorgde ineens los te laten. Ik doe niets liever dan via het theater het publiek een andere blik op een - te verborgen - stuk van de wereld bieden. Maar als deze kunstvijandige wereld me ertoe dwingt, stap ik mogelijk uit het theater recht de jeugdzorg in.