Het zijn harde weken voor KBC-baas Johan Thijs. Wanneer we hem spreken, is hij eigenlijk met vakantie. Maar dat kan nu even niet en dus zit hij toch weer op kantoor. Sterker nog, nooit waren zijn werkdagen langer dan nu. 'Vorig weekend heb ik 41 uur gewerkt.' Hij beseft dat zoiets niet erg gezond is. 'Ik weet het. Mijn echtgenote zegt dat ook.'
...

Het zijn harde weken voor KBC-baas Johan Thijs. Wanneer we hem spreken, is hij eigenlijk met vakantie. Maar dat kan nu even niet en dus zit hij toch weer op kantoor. Sterker nog, nooit waren zijn werkdagen langer dan nu. 'Vorig weekend heb ik 41 uur gewerkt.' Hij beseft dat zoiets niet erg gezond is. 'Ik weet het. Mijn echtgenote zegt dat ook.' Twaalf jaar na de crisis van 2008 bevinden de banken zich opnieuw in het oog van de storm. Toen vormden ze het middelpunt van een grote financiële crisis en moesten ze gered worden door de overheid. Ditmaal zijn de rollen omgekeerd. Nu moeten de banken de overheid helpen om te voorkomen dat andere bedrijven omvallen. Johan Thijs ziet verschillen met 2008, maar ook opvallende gelijkenissen. 'Het gaat eigenlijk tweemaal over een schadelijk virus. In 2008 kwam een aantal banken in zwaar weer bij gebrek aan liquide middelen. De crisis werd veroorzaakt doordat een virus van slechte kredieten, verpakt in allerlei toxische producten, zich vanuit de Verenigde Staten wereldwijd verspreidde in financiële instellingen. Wat Lehman Brothers in New York toen was, is nu Wuhan. Vanuit die Chinese stad verspreidde een ander virus zich razendsnel over de hele wereld en opnieuw leidde dat tot paniek. Een verschil met toen is wel dat er nu meteen veel maatregelen genomen worden om bedrijven te redden. Niet alleen door de overheid, maar ook door de banken, zoals in België.' Thijs is vermoedelijk een van de grootste werkgevers van thuiswerkers. De KBC Groep telt bijna 42.000 personeelsleden, 16.000 in ons land. 'Ik denk dat er ongeveer 33.000 van thuis uit werken', berekent hij. 'In ons land doet ongeveer 95 procent aan telewerk, in onze andere thuismarkten, Ierland, Tsjechië, Bulgarije, Hongarije en Slovakije, schat ik het thuiswerk op 65 tot 85 procent.' Is dat anders werken? Johan Thijs: Ik kom elke dag naar kantoor, de voorbije weken zelfs zeven dagen op zeven, maar het voelt toch anders aan. Een beetje virtueel. Er is nauwelijks fysiek contact en als ik toch met enkele directieleden vergader, zit iedereen bij wijze van spreken in de hoek van mijn kantoor om voldoende afstand te houden. Is het zwaarder? Thijs: In plaats van normale vergaderingen doen we veel conferencecalls en die hebben een veel grotere intensiteit. Er is geen ruimte meer voor smalltalk, voor een beetje geleuter. Ik mis dat wel, want het ontspant. KBC heeft tussen 2017 en eind dit jaar 1,5 miljard geïnvesteerd in een digitale transformatie. Ik kan me voorstellen dat u nu blij bent met die beslissing. Thijs: Het is zelfs meer. Als we teruggaan tot 2014, gaat het al om 2,2 miljard euro. Hoofdzakelijk in België! We zijn daarmee een pionier in de financiële wereld. Als ik zie hoe wij vandaag zonder enig incident of probleem tienduizenden mensen thuis laten werken en onze klanten dezelfde service kunnen bieden als in normale tijden, dan kun je rustig zeggen dat dit geld goed besteed is. Wij hebben het telewerken de voorbije jaren ook uitgebreid kunnen testen bij treinstakingen of op die zeldzame dagen dat onze wegen ondergesneeuwd waren. We waren voorbereid. Ik vind het verschrikkelijk wat er nu gebeurt, maar zoals Johan Cruijff ooit zei: elk nadeel heb zijn voordeel. Wat betekent dit voor het postcoronatijdperk? Thijs: Het is nu wel duidelijk dat de hele samenleving plots kantelt naar het digitale. Digitaal is het nieuwe normaal en KBC is van plan om in de toekomst daar nog verder in te gaan. Er is geen weg meer terug. Ook wat betreft telewerken zullen er nieuwe standaarden gezet worden. Misschien kan er nog wat geschaafd worden aan de productiviteit. In ons nieuwe strategisch plan voor de komende drie jaar, waaraan we nu de laatste hand leggen, zullen we daarom ook nieuwe voorstellen doen om onze financiële oplossingen en producten verder te automatiseren en te digitaliseren en onze klanten proactiever te bedienen. Merkt u aan de bankrekeningen van uw klanten dat ze minder uitgeven dan anders? Thijs: Dat is het gevolg van 'in uw kot blijven'. En als je toch buitenkomt, zijn er ook gewoon minder mogelijkheden om te consumeren. Wij analyseren dagelijks wat er gebeurt op die rekeningen en we zagen daarin de voorbije weken opvallende verschuivingen. Tijdens de eerste dagen merkten wij plots dat de uitgaven in warenhuizen sterk stegen. Heel wat mensen begonnen te hamsteren. Toen later duidelijk werd dat cash geld een potentiële drager was van het virus, schakelde de bevolking massaal over op digitale betalingen. We zien ook dat de mensen zich beperken tot primaire uitgaven voor eten en drinken. Hoe groot is het risico dat we dat ook blijven doen na de crisis en grote aankopen zoals een woning of een auto gaan uitstellen? Thijs: Consumptie wordt erg gedreven door sentiment. Is dat sentiment negatief, dan gaat de Belg traditioneel in veiligheids- en spaarmodus. Op zich is daar niets mis mee, als dat maar niet te lang duurt. Veel hangt af van hoe snel en hoe ongehavend we hieruit geraken. U krijgt blijkbaar ook veel nieuwe klanten voor uw beleggingsplatform Bolero. Thijs: Dat is spectaculair. In maart steeg het aantal nieuwe klanten met maar liefst 700 procent in vergelijking met dezelfde periode vorig jaar. Ook het aantal transacties lag 400 procent hoger. De nieuwe klanten zijn ook jonger dan anders: nu is dat 39 jaar, terwijl dat vroeger 45 jaar was. Hoe verklaart u dat succes? Thijs: Door de grote schommelingen staan de beurzen natuurlijk in de belangstelling. Mensen werken thuis, hebben tijd over en blijkbaar willen ze profiteren van wat zij een goed instapmoment vinden. We hebben onlangs ook onze digitale beursadviseur Matti gelanceerd, die met behulp van kunstmatige intelligentie onze klanten assisteert bij hun transacties. Dankzij onze digitale omslag trekken we veel nieuwe klanten aan. Zij zien het gemak en de veiligheid daarvan. Zo komt het dat we bij KBC sinds eind vorig jaar elke maand minstens 25.000 nieuwe klanten krijgen. Dat tempo is nog versneld sinds het begin van de coronacrisis. Zijn de vele nieuwe beleggers vergeten dat we ons in een mondiale economische crisis bevinden? De koersen zitten ondertussen al een heel eind boven hun dieptepunt. Thijs: ( lacht) Dat denk ik niet, al vind ik het inderdaad wel bizar dat de beurzen sinds hun dieptepunt in maart al twintig procent zijn gestegen, terwijl er nog veel slecht economisch nieuws zal volgen. Er is blijkbaar veel hoop dat het allemaal nogal zal meevallen. Veel van uw collega-bedrijfsleiders oefenen druk uit om de lockdown te versoepelen. Wat is uw mening daarover? Thijs: ik begrijp hun reactie, maar ik volg ze niet. Ik zie dat veel bedrijven midscheeps getroffen worden. Het zal je maar overkomen dat je een bedrijf hebt dat volledig stilvalt: geen inkomsten, maar wel veel uitgaven. Dat is moordend en dus wil men heropstarten. Maar we zitten wel met een uitermate besmettelijk virus. Er is nog altijd geen therapie, geen vaccin. Dus als we te vroeg lossen, riskeren we een tweede piek, die nog veel schadelijker kan zijn. Op dit ogenblik gaat de volksgezondheid voor op de economie. Uw collega Jamie Dimon van JPMorgan Chase voorspelt een zeer zware recessie. Bent u het met hem eens en behoort zelfs een depressie tot de mogelijkheden? Thijs: Alles hangt af van hoe wij omgaan met die gezondheidscrisis. Ik geloof erg in discipline en in solidariteit. Eerlijk gezegd heb ik weinig begrip voor mensen die nu met dertig anderen naar een barbecue bij de buren gaan. Als wij vandaag de gezondheidscrisis onder controle houden, dan krijgen we in 2020 een diepe economische dip van ongeveer tien procent van het bnp. Onze staatsschuld zal weliswaar oplopen tot 115 à 118 procent, maar het betekent wel dat we weldra onze economie kunnen heropstarten. En als we de beperkende maatregelen onvoldoende volgen? Thijs: Dan spreken we niet langer over een recessie van korte duur, bijvoorbeeld van acht tot negen maanden, maar wel over een lange recessie of een depressie van anderhalf tot twee jaar. Ik weet eerlijk gezegd niet of de bevolking dat goed beseft of begrijpt wat de gevolgen daarvan zullen zijn. Dan spreken we niet meer van tijdelijke werkloosheid, maar van een grote permanente werkloosheid. De economische schade daarvan is voor de bevolking veel groter dan nu enkele maanden binnen te blijven. U hebt als voorzitter van Febelfin met vicepremier Alexander De Croo onderhandeld over de bankgarantieregeling die onze bedrijven meer financiële ademruimte moet geven. Hier dragen de banken, in tegenstelling tot in sommige buurlanden, wel een groot deel van het risico. Thijs: De eerste verliezen op slechte kredieten ter waarde van anderhalf miljard euro worden volledig gedragen door de Belgische banken. Voor de volgende schijf van een miljard euro is dat minstens de helft en voor de derde schijf twintig procent. Dat gaat zo door tot een mogelijk eindbedrag van vijftig miljard euro. In Frankrijk komt de overheid al vanaf de eerste euro voor negentig procent tussenbeide. Hoe komt dat? Thijs: Omdat de Belgische banken zéér goed gekapitaliseerd zijn en helaas ook omdat onze overheid niet zo veel geld op haar spaarboekje heeft staan. En toch bent u tevreden over dat akkoord? Thijs: Ik vind dat de overbruggingsperiode langer zou moeten zijn dan twaalf maanden, zoals nu is bepaald. Ik dacht eerder aan een periode van twee of drie jaar. Stel dat de lockdown - al dan niet volledig - tot in juli duurt. Dan moeten de bedrijven en de economie zich weer op gang trekken. Dat vraagt tijd. Als de heropleving trager gaat dan we hopen, dan zijn die twaalf maanden snel voorbij. Te snel voor sommigen. Kunnen de Belgische banken dat risico aan? Thijs: Alles hangt af van de diepte van de crisis. Gelukkig hebben de Belgische banken de voorbije jaren grote financiële buffers aangelegd. Hoe groot is die bij KBC? Thijs: KBC heeft vandaag een kapitaalbuffer van negen miljard euro. Dat is een veelvoud van in 2008. Toen is de bank gered voor zeven miljard euro. Het risicoprofiel van KBC is bovendien totaal veranderd, zodat beide banken eigenlijk niet meer te vergelijken zijn. Gaat deze crisis de bank veel geld kosten? Thijs: Natuurlijk. De schommelingen op de financiële markten vanwege de coronacrisis zullen dit jaar voor ongeveer 400 miljoen op ons eerste kwartaal wegen. Dat zal zich wel deels herstellen in de loop van het jaar, maar de echte kosten zitten natuurlijk in de afschrijvingen op de kredieten en de gevolgen van het vertragen van de economische groei. Gelukkig heeft KBC dus die stevige kapitaalbuffer, zodat we op een gezonde manier met deze crisis kunnen omgaan. Wij zijn een van de sterkste banken in Europa en daardoor kunnen we ook nu nieuwe kredieten verstrekken en onze maatschappelijke rol blijven spelen. Gebeurt de kredietanalyse nu minder streng? Thijs: Het gebeurt op dezelfde manier als vroeger. U mag niet vergeten dat wij als financiële instelling ook een wettelijke aansprakelijkheid hebben. Dat betekent dat wij geen kredieten mogen verlenen aan bedrijven die niet solvabel zijn. Dat is logisch, want je mag als bank de financiële put van een bedrijf zonder overlevingskansen niet groter maken. Bij onze kredietanalyse blijven wij dus kijken naar de overlevingskansen van een bedrijf op langere termijn, naar de kwaliteit van de bedrijfsleiding, het businessplan en ook naar de impact van de coronacrisis op dat bedrijf. Ziet u dat bedrijven de betaling van facturen uitstellen? Thijs: Nog niet, maar ik ben daar wel ongerust over. Als er één ding is dat we moeten vermijden, dan is het dat wel. De basisregel in de economie is dat je cashflow moet blijven doorlopen. Als bedrijven hun facturen niet of veel later gaan betalen, dan komt er een kettingreactie op gang die desastreus is voor de economie. Alleen al de perceptie creëren dat facturen niet betaald zullen worden, zorgt al voor schade. Is de overheid een correcte betaler van haar facturen? Thijs: Dat u die vraag stelt, zegt voldoende. Laat ik zeggen dat het goed zou zijn mochten de overheden in dit land het goede voorbeeld geven. Vreest u veel faillissementen? Thijs: Op dit ogenblik zien we er niet meer dan vroeger. We zitten nog in een te vroeg stadium van de crisis om dat te kunnen zeggen. Covid-19 veroorzaakt verschrikkelijk veel menselijk leed, maar het is nu nog vooral een gezondheidscrisis. Daar moet nu alle aandacht naartoe gaan. Pas als dat onder controle is, zal de aandacht verschuiven naar de economie. Maar als de werkgeversorganisaties Voka en het VBO zeggen dat bijna veertig procent van de bedrijven zwaar geraakt is in de omzet, dan weet je dat een deel van hen het niet zal redden. Nu krijgt iedereen betalingsuitstel en premies. Dat zorgt voor een uitstel van de faillissementen. Uw vader was tuinaanlegger. Hij zal u misschien verteld hebben dat als je een bos wilt redden, je de zieke bomen moet rooien. Thijs: ( lacht) Dat heeft hij mij inderdaad weleens verteld. En hij heeft gelijk. Die metafoor geldt ook voor bedrijven. Ik besef dat ik mij niet populair maak, maar in een open economie zoals de onze is het niet meer dan normaal dat bedrijven komen én gaan. Sommige redden het niet. In een crisis komen altijd de zwaktes van bedrijven en organisaties naar boven. Dat zal nu niet anders zijn. Dus zullen we niet alle bedrijven kunnen redden. Sterker nog, het zou onverstandig zijn om zieke bedrijven te redden. Die moeten gerooid worden, om het met de woorden van mijn vader te zeggen. De beschikbare middelen kun je beter investeren in nieuwe en vernieuwende bedrijven. De Deense Eurocommissaris Margrethe Vestager vreest dat verzwakte Europese bedrijven het doelwit kunnen zijn van vijandige overnames. Bent u het met haar eens? Thijs: Ik heb veel respect voor mevrouw Vestager, maar ik heb haar ook ooit gezegd dat ik niet begrijp waarom wij in Europa zo'n grote naïviteit aan de dag leggen als het gaat over het wagenwijd openzetten van onze grenzen en het lijdzaam toezien hoe grote buitenlandse groepen, vooral vanuit de VS en China, hier binnensluipen, onze bedrijven pluimen, onze winsten afromen en in het beste geval alleen belastingen betalen in hun eigen land. U lijkt wel boos. Thijs: ( onverstoorbaar) Kent u de PSD2-richtlijn? Dat is een betalingsrichtlijn die ons is opgelegd door Europa, waardoor banken verplicht zijn om hun betalingssystemen open te zetten voor derde partijen. Dat betekent concreet dat wij de inhoud van onze rekeningen moeten doorgeven aan bijvoorbeeld Google en die heeft ooit van u de toestemming gekregen om in uw rekeningen te kijken. Google vraagt die informatie bij ons op, vult die aan met haar eigen informatie, namelijk hoe u surft op het internet, en op basis daarvan bieden ze u diensten op maat aan. Dat klinkt allemaal geweldig, maar het is wel eenrichtingsverkeer. Als wij met uw goedkeuring uw surfgedrag opvragen bij Google, dan krijgen we dat niet. Google wordt door deze werkwijze nog machtiger dan het nu al is. Dankzij onze naïviteit hebben bedrijven als Google, Tencent, Alibaba, Apple of Facebook een werelddominantie opgebouwd die ongezond is. En kent u het Europese equivalent van die bedrijven? Dat bestaat niet. Dus ik ben het eens met wat mevrouw Vestager nu zegt. Het is de perfecte bevestiging van iets dat wij al enkele jaren in de financiële industrie zeggen, namelijk dat dit zich ooit tegen ons zal keren. Nu is het zover. Is KBC voldoende gewapend tegen een vijandige overname? Thijs: Wij zijn waarschijnlijk een aantrekkelijke prooi, omdat we zeer rendabel zijn en in aantrekkelijke markten zitten, maar voor potentiële overnemers hebben we een aantal sterke afweermechanismen. Onze kernaandeelhouders - zoals Cera, de Maatschappij voor Roerend Bezit van de Boerenbond en onze familiale aandeelhouders - denken op lange termijn en zullen niet verkopen. Bovendien hebben we door ons harde werk een flinke beurswaarde ( 25 miljard euro, nvdr) en waardering opgebouwd, waardoor een overname niet goedkoop is, om een understatement te gebruiken. KBC zou natuurlijk zelf ook overnames kunnen doen. Thijs: Dat is ook de reden waarom KBC in 2017 een buffer voor eventuele overnames heeft aangelegd. Die bedraagt twee procent van ons kapitaal. Wij dachten in eerste instantie dat er misschien overnamekansen zouden komen als gevolg van een harde brexit. Misschien komen die er nu als gevolg van de coronacrisis. Maar laten we eerst zelf solvabel door deze periode raken. Weet u al hoeveel burgers uitstel zullen vragen voor de afbetalingen van hun hypotheek? Thijs: Ik schat dat veertig tot vijftig procent van onze hypotheekklanten uitstel zal vragen. Zonder extra kosten? Thijs: Als er uitstel van betaling wordt gevraagd en toegestaan, zijn er normaal gesproken dossierkosten. Nu niet. Het enige gevolg van deze regeling is dat de kredietperiode verlengd wordt met zes maanden. De meer kwetsbare klanten met een lager inkomen krijgen bovendien een volledige kwijtschelding van hun interesten voor dit uitstel. Hoe erg is het dat onze staatsschuld zal oplopen tot boven de 115 procent van het bnp? Thijs: Bij een relatief snel herstel van onze economie is dat beheersbaar. Als de economie zich herpakt in 2021, kunnen we die achterstand weer inhalen. Ik vind het veel erger dat we deze crisis zijn ingegaan met een staatsschuld van 100 procent en dat de overheid de goede jaren niet gebruikt heeft om de schulden af te bouwen. We hadden het voorbeeld van Nederland moeten volgen. We hebben in ons land een zeer goede gezondheidszorg, met knappe experts en wetenschappers, maar andere dingen moeten beter. Waaraan denkt u dan? Thijs: Ik betreur het dat wij de strijd tegen deze crisis moesten aanvatten zonder een volwaardige en sterke regering. Zou dit land er beter voorstaan mochten onze politici even goed zijn als onze wetenschappers? Thijs: ( lange stilte) Dat is een hypothetische vraag. Ik ga diplomatisch zijn en daar niet op antwoorden.