Hoe denken veertienjarigen over democratie en burgerschap? Koesteren ze waarden zoals de vrijheid van meningsuiting, genderneutraliteit of gelijke rechten voor minderheden? En slagen scholen erin hun de nodige kennis en attitudes bij te brengen om ze als betrokken burgers te laten deelnemen aan de samenleving? Het antwoord op die en tal van andere vragen staat in de International Civic and Citizenship Education Study 2016 (ICCS), die zopas werd voorgesteld in Brussel. Aan de publicatie is jarenlang onderzoek voorafgegaan. Niet minder dan 94.000 leerlingen, 37.000 leerkrachten en 3800 scholen verspreid over 24 landen namen eraan deel, waaronder behalve een rist EU-landen ook Rusland, Taiwan, Colombia en de Dominicaanse Republiek. Voor ons land deden alleen Vlaamse scholen mee: de Franse Gemeenschap ging niet in op de uitnodiging van de International Association for the Evaluation of Educational Achievement (IAE). Die koepel van academische onderzoeksinstellingen en overheidsinstanties is vooral bekend voor zijn gezaghebbende studies over mathematische en wetenschappelijke geletterdheid (TIMSS) en leesvaardigheid (PIRLS).
...

Hoe denken veertienjarigen over democratie en burgerschap? Koesteren ze waarden zoals de vrijheid van meningsuiting, genderneutraliteit of gelijke rechten voor minderheden? En slagen scholen erin hun de nodige kennis en attitudes bij te brengen om ze als betrokken burgers te laten deelnemen aan de samenleving? Het antwoord op die en tal van andere vragen staat in de International Civic and Citizenship Education Study 2016 (ICCS), die zopas werd voorgesteld in Brussel. Aan de publicatie is jarenlang onderzoek voorafgegaan. Niet minder dan 94.000 leerlingen, 37.000 leerkrachten en 3800 scholen verspreid over 24 landen namen eraan deel, waaronder behalve een rist EU-landen ook Rusland, Taiwan, Colombia en de Dominicaanse Republiek. Voor ons land deden alleen Vlaamse scholen mee: de Franse Gemeenschap ging niet in op de uitnodiging van de International Association for the Evaluation of Educational Achievement (IAE). Die koepel van academische onderzoeksinstellingen en overheidsinstanties is vooral bekend voor zijn gezaghebbende studies over mathematische en wetenschappelijke geletterdheid (TIMSS) en leesvaardigheid (PIRLS). Ook deze vergelijkende enquête over burgerschap werd grondig gevoerd. 14-jarige scholieren kregen drie verschillende vragenlijsten, telkens goed voor een halfuur tot drie kwartier zelfonderzoek. Daarnaast waren er aparte vragenlijsten voor leerkrachten en voor schooldirecties. Statistici, sociologen en onderwijsexperts analyseerden en filterden de ruwe data met de meest geavanceerde technieken, tot er een lijvig rapport vol tabellen, conclusies en concrete beleidsadviezen overbleef. 'Het totaalplaatje is positief', zegt IAE-directeur Dirk Hastedt. 'Vergeleken met de vorige ICCS, in 2009, is de burgerschapskennis in elf landen toegenomen, terwijl er in geen enkel land een achteruitgang werd opgetekend. Vlaanderen is een van de sterkste stijgers.' Net als in 2009 scoren meisjes, internationaal gezien, beter voor burgerschapskennis dan jongens, die dan weer meer ambitie etaleren om later politiek actief te worden. Opmerkelijk: in Vlaanderen speelt dat genderverschil geen rol. Wat wél overal geldt: bij burgerschapskennis gaapt er een diepe kloof tussen de top en de basis. Het onderzoek, deels gefinancierd door de Europese Commissie, is niet vrijblijvend. Uit het rapport spreekt een grote zorg om de gezondheid van de democratische rechtsstaat. Lage opkomst bij verkiezingen, het succes van populistische partijen: het zijn maar twee kwalen waarvoor burgerschapseducatie een remedie kan zijn. 'Uit de studie blijken twee interessante correlaties', zegt Dirk Hastedt. 'Leerlingen met een hoog niveau in burgerschapskennis en burgerzin spraken meer dan gemiddeld de intentie uit om later te gaan stemmen. Omgekeerd noteerden we bij diezelfde leerlingen een geringere bereidheid om zich in te laten met illegale actievormen zoals graffiti spuiten of kraken. Op basis van dit rapport kunnen we maar één advies geven: burgerschapseducatie moet een centrale plaats krijgen in het onderwijsbeleid.' Tegelijkertijd met de internationale studie presenteerde het kabinet van Vlaams minister van Onderwijs Hilde Crevits (CD&V) de resultaten van het Vlaamse deelonderzoek: 162 scholen, 2931 leerlingen, 2021 leerkrachten en 149 schooldirecties namen deel aan de enquête, die werd afgenomen door het Centrum voor Politicologie van de KU Leuven. Knack kon de studie vooraf inkijken en viste er de vijf opvallendste vaststellingen uit. Op de vraag over gelijke rechten voor immigranten bekleedden de Vlaamse leerlingen in de ICCS uit 2009 internationaal de laatste plaats. In de ICCS 2016 scoren we qua tolerantie voor minderheden nog altijd lager dan het gemiddelde, maar beter dan Nederland, Letland en Bulgarije. 'Behalve de ICCS-vragenlijsten zijn in alle Europese landen aparte vragenlijsten rondgestuurd', zegt KU Leuven-onderzoekster Ellen Claes. 'Daarin peilden we niet naar tolerantie voor etnisch-culturele minderheden: we hanteerden het voor leerlingen veel concretere begrip "immigranten". Ook daar gaat Vlaanderen erop vooruit, tegen een Europese trend in. Nu bengelen Oost-Europese en Baltische landen aan de staart. Vlaamse leerlingen staan positiever tegenover gelijke rechten voor migranten en gelijke onderwijskansen voor migrantenkinderen. Maar als het over culturele gelijkwaardigheid gaat, bijvoorbeeld het recht om op school je eigen taal te spreken, zijn ze veel minder tolerant.' Goed nieuws voor onze trias politica: 72 procent van de veertienjarigen heeft vertrouwen in de regering, 70 procent in het parlement en 77 procent in onze rechtbanken. In 2009 lagen de resultaten voor regering en parlement ruim 20 procentpunten lager. 'Ook hier gaat Vlaanderen in tegen een internationale trend', zegt Ellen Claes. 'In 2009, een periode die gekenmerkt werd door de financiële crisis en politieke instabiliteit, zat het vertrouwen in de instellingen op een dieptepunt. Het herstel dat we nu constateren, bevestigt nog maar eens dat veertienjarigen daar niet immuun voor zijn, ook al mogen ze nog niet stemmen'. Het lijkt paradoxaal: Vlaamse leerlingen hebben veel kennis over burgerschap en democratie, maar vangen daar bitter weinig mee aan. Zich verkiesbaar stellen voor de leerlingenraad? Met een groep actievoeren voor een beter leefklimaat op school? Zich engageren voor de schoolkrant of -website? Op alle vragen bleef de respons ver beneden de internationale maat. Ellen Claes ziet een verband met de manier waarop scholen burgerschap invullen. 'Duurzaamheid en milieu, dat wordt vaak herleid tot een cursus afval sorteren. Lessen over democratie en vrije meningsuiting gaan niet gepaard met inspraak op school. Dat is een pijnpunt: leerlingen willen zich wel engageren, maar hebben het gevoel dat hun stem niet meetelt. Inspraak en betrokkenheid moeten tot het DNA van onze scholen gaan behoren.' Vlaamse leerkrachten vallen in de ICCS 2016 door de mand: ze zijn slecht voorbereid op het aanbrengen van burgerschapskennis, in de eindtermen omschreven als een vakoverschrijdende opdracht voor alle leerkrachten. Uit de enquête blijkt een gebrekkige opleiding. Leerkrachten klaagden zelf over hun ondermaatse kennis van politieke thema's zoals grondwet en verkiezingswetgeving, en ook over gendergelijkheid en burgerrechten voelen ze zich meer dan gemiddeld onzeker. De helft van de Vlaamse veertienjarigen heeft op school nog niets over verkiezingen geleerd, 80 procent van hun Zweedse leeftijdsgenoten wel. Net zoals bij wiskundige geletterdheid of taalvaardigheid is de ongelijkheid in burgerschapskennis tussen aso- en bso-leerlingen frappant. 'Zowel in de A-stroom als in de B-stroom is er vooruitgang,' zegt Ellen Claes, 'maar de afstand tussen beide onderwijsvormen blijft enorm. Net zoals bij andere vaardigheden spelen er sociaal-culturele oorzaken mee: het opleidingsniveau en de sociaal-economische status van de ouders, de migratieachtergrond, de thuistaal. Daar moet het beleid echt wat aan doen, want de sociale cohesie staat op het spel. Onder het mom van burgerschapsvorming proberen we leerlingen bij te brengen dat in onze maatschappij iedereen meetelt. Als dan uitgerekend de groep afhaakt die zich door die boodschap het meest aangesproken zou moeten voelen, heb je een probleem.'