Ongeveer een jaar geleden deed ik - uiteraard slechts na herhaaldelijk aandringen van de hoofdredactie - in Knack verslag van mijn datingleven. Ik schreef het op als een terugblik op een jaar vol kleine mislukkingen en kortstondige overwinningen, maar het was natuurlijk wel duidelijk dat het verhaal in de eerste plaats een oproep was. Ik had gehoopt u vandaag vervolgens verslag te kunnen doen van een nieuw jaar waarin ik alle verzoeken, aanmeldingen en sollicitaties had kunnen afwerken. Misschien had ik u zelfs kunnen melden dat e...

Ongeveer een jaar geleden deed ik - uiteraard slechts na herhaaldelijk aandringen van de hoofdredactie - in Knack verslag van mijn datingleven. Ik schreef het op als een terugblik op een jaar vol kleine mislukkingen en kortstondige overwinningen, maar het was natuurlijk wel duidelijk dat het verhaal in de eerste plaats een oproep was. Ik had gehoopt u vandaag vervolgens verslag te kunnen doen van een nieuw jaar waarin ik alle verzoeken, aanmeldingen en sollicitaties had kunnen afwerken. Misschien had ik u zelfs kunnen melden dat er iemand al vaker dan tien keer was blijven slapen en mij nog altijd niet beu was. Ik hoef u niet te vertellen wat er tussenbeide is gekomen. Voor alles wat ik moest missen, kwam er gelukkig veel in de plaats. Nog nooit keek ik meer films, het is van mijn studententijd geleden dat ik weer zo veel boeken las, ik ben beginnen te koken, ik ga nu drie keer per week zwemmen en ik ben zelfs zonder enige moeite peter geworden. Wandelen met vrienden is vaak ook echt leuker dan in een café doorhangen. Ik wil niemand provoceren, maar 2020 was voor mij een van de beste jaren uit mijn leven. Dat bedoel ik hoogstpersoonlijk. Veel mensen die ik graag zie, hebben geleden en afgezien. Maar wat dit jaar echt bijzonder maakte, is dat er een soort van soevereiniteit over mij is neergedaald. Ik heb voor het eerst in mijn leven gezien en gevoeld dat ik alleen perfect gelukkig kan zijn, en daar in huis alvast niemand anders voor nodig heb. Ik heb het dan niet over mijn vrienden, maar over dat lief waar ik het jaar ervoor vruchteloos en bij momenten hopeloos naar op zoek was. Sterker nog: sinds mijn puberteit word ik er constant aan herinnerd dat mijn leven pas compleet zal zijn als ik iemand anders zover heb gekregen om het te delen. Dat is de slotsom van zo goed als alles wat er over liefdesrelaties is gemaakt - hoe goed, hoe genuanceerd, hoe intelligent ook. Singles die beweren niemand anders nodig te hebben, klinken verzuurd. Ik zal dat ook nooit doen, maar dit is het jaar waarin die last in ieder geval van mijn schouders is gevallen. Ik kan me mezelf nu over vijf, tien of zelfs twintig jaar alleen voorstellen, en weten dat ik dan ook gewoon gelukkig zou kunnen zijn. Dat is een triomf. Dit is, uiteraard, gewoon een nieuwe oproep: er mag - gevaccineerd - altijd iemand blijven slapen, al is het maar omdat ik dan nog eens een excuus heb om 's ochtends croissants te halen en appelsienen te persen.