Eerst het goede nieuws: ook in tijden van digitale transitie blijft de journalistiek voluit haar democratische rol spelen. Tot die conclusie komt de Euromedia Research Group in haar gezaghebbende Media for Democracy Monitor. Voor de derde editie werden de mainstream nieuwsmedia in achttien landen onderzocht en in clusters gerangschikt. Het gaat om Europese landen, plus Canada, Zuid-Korea, Chili en Australië.
...

Eerst het goede nieuws: ook in tijden van digitale transitie blijft de journalistiek voluit haar democratische rol spelen. Tot die conclusie komt de Euromedia Research Group in haar gezaghebbende Media for Democracy Monitor. Voor de derde editie werden de mainstream nieuwsmedia in achttien landen onderzocht en in clusters gerangschikt. Het gaat om Europese landen, plus Canada, Zuid-Korea, Chili en Australië. Vlaanderen, voor het eerst in de studie opgenomen, eindigde in cluster drie, op respectabele afstand van de kopgroep met Zweden, Denemarken en het Verenigd Koninkrijk. Ook Nederland, waarmee Vlaanderen mediagewijs innig verstrengeld is, geeft ons het nakijken. 'Uit de peiling bleek een groot vertrouwen in de waakhondfunctie die journalistiek in gezonde democratieën speelt', zegt de Leuvense professor mediawetenschappen Leen d'Haenens, coördinator van de monitor 2021. 'Toch zijn er redenen tot waakzaamheid. Zo kan de steeds grotere mediaconcentratie tot een verschraling van het aanbod leiden. Genderongelijkheid blijft overal een pijnpunt, en steeds meer journalisten werken in precaire, onzekere statuten.' Zijn dat de criteria die de middelmatige notering van Vlaanderen verklaren? Leen d'Haenens: De grote mediaconcentratie speelt ons parten. Op de markt van kranten en tijdschriften schieten maar drie spelers meer over, DPG Media, Mediahuis en Roularta. Slecht voor de quotering in de monitor, slecht ook voor de positie van journalisten die nog nauwelijks de kans krijgen om van werkgever te veranderen. Maar de concentratie is er gekomen uit noodzaak, om leefbaar te blijven en te innoveren op een kleine markt van 6 miljoen lezers. Met de verschraling valt het overigens nog mee. De mediagroepen hebben er zelf belang bij om diverse formats aan te bieden en zo verschillende doelgroepen te bedienen. Toch zijn er gevaren. De 'integrated newsroom' van DPG Media (de fusie van de redacties van VTM en HLN, nvdr) werd door heel wat respondenten als een zorgwekkende ontwikkeling ervaren. Die angst leeft ook in Nederland, waar de redacties gemiddeld drie keer groter zijn en het DPG-model massaal banenverlies kan veroorzaken. DPG en Mediahuis hebben samen zowat de volledige Nederlandse krantenmarkt in handen. Hoe valt die machtsgreep door onze mediahuizen met hun krappe thuismarkt te verklaren? d'Haenens: Een combinatie van visie en timing. Internationaal uitbreiden paste in een transitiestrategie: door het aanbod te verruimen en de risico's te spreiden kunnen DPG en Mediahuis hun printactiviteiten tot het uiterste rekken, en zo winnen ze tijd en middelen om in de broodnodige digitalisering te investeren. Ik was bestuurslid van het Nederlandse Stimuleringsfonds voor de Journalistiek toen DPG en Mediahuis de grens overstaken. Om eerlijk te zijn, ze zagen de Vlamingen graag komen. In die periode waren de meeste Nederlandse kranten in handen van hefboomfondsen gevallen. Met DPG en Mediahuis kwamen er opnieuw echte courantiers aan het roer, een verademing voor hoofdredacteurs en journalisten. Onderzoeksjournalistiek is de kanarie in de koolmijn: een barometer om de gezondheid van de journalistiek te meten. Hoe staat het daarmee? d'Haenens: Globaal genomen niet zo best. De redactionele budgetten staan al jarenlang onder druk, een trend die door de coronacrisis nog wordt versterkt. Minder geld en minder menskracht, dat weegt onvermijdelijk op de meest tijdrovende en duurste vorm van journalistiek. Toch moeten we nuanceren: Vlaanderen en Nederland doen het verhoudingsgewijs niet slecht. Redacties, zowel print als radio- en televisie, beschouwen onderzoeksjournalistiek als een essentieel onderdeel van hun aanbod. Een zwak punt blijft de architectuur: onderzoeksjournalistiek is te veel afhankelijk van projectsubsidiëring. O ja? Knack heeft met Kristof Clerix een voltijdse onderzoeksjournalist in dienst. Met Apache heeft Vlaanderen zelfs een exclusief online onderzoeksmedium. d'Haenens: Klopt allemaal, ook andere redacties geven journalisten trouwens ruimte voor diepgravend werk. Er gebeurt veel positiefs, zoals de deelname aan het internationale samenwerkingsverband ICIJ. Apache is een geweldig initiatief, maar het blijft een nichespeler. Onze studie gaat over de mainstreammedia, en daar zie ik in Vlaanderen en Nederland nog veel ruimte voor verbetering. In het Verenigd Koninkrijk, Duitsland, Zweden en Denemarken besteden redacties gemiddeld tien procent van hun middelen aan onderzoeksjournalistiek. Daar moeten we de lat leggen. Waarom werd de Nederlandse toeslagenaffaire niet door journalisten maar door kritische parlementsleden naar boven gespit? Omdat er niet genoeg in onderzoeksjournalistiek werd geïnvesteerd, ook al liggen de budgetten er veel hoger dan in Vlaanderen. Redacties in Vlaanderen en Nederland genieten totale onafhankelijkheid: er wordt geen druk van adverteerders of eigenaars gemeld. Maar anders dan hun Nederlandse collega's worden Vlaamse hoofdredacteurs en journalisten weleens door boze politici opgebeld. d'Haenens: Ja, maar zonder gevolg. De tijd dat de voorzitters maandag na het partijbureau hun grieven bij journalisten ventileerden, is lang voorbij. Waarom dan dat verschil met Nederland? Wellicht is de afstand tussen politici en journalisten hier nog kleiner. Feit is dat er in Nederland een hogere firewall tussen politiek en media staat. In 2018 verklaarde 13,5 procent van de Vlaamse journalisten zich slachtoffer van belaging en intimidatie. Is het in andere landen beter? d'Haenens: Nee, we worden met een algemene verruwing geconfronteerd. Fysiek en verbaal geweld nemen toe, scheldpartijen en bedreigingen op sociale media zijn dagelijkse kost. In Nederland worden cameraploegen door betogers belaagd. Het is zo erg geworden dat de NOS anonieme wagens moet uitsturen om in sommige stadswijken te filmen. Gelukkig blijven we in Vlaanderen van de ergste uitwassen gespaard. In Nederland krijgen twee misdaadreporters al jarenlang permanente politiebewaking na bedreigingen vanuit de onderwereld, een praktijk die vroeger alleen in Italië voorkwam. Ook in Duitsland en Finland moesten al verschillende journalisten onderduiken, niet voor de maffia maar voor bedreigingen uit extreemrechtse hoek.