De feiten speelden zich af in Kapellen in het weekend van 13 en 14 februari. Aanvankelijk zouden vier klasgenoten van 14 en 15 jaar oud afspreken bij een meisje dat zonder ouders thuis was. Uiteindelijk waren ze met zeven. Toen vervolgens nóg een groepje van vijf kwam aanbellen, zou het meisje des huizes ze hebben doorgestuurd, omdat ze besefte dat ze dan echt met te veel zouden zijn.
...

De feiten speelden zich af in Kapellen in het weekend van 13 en 14 februari. Aanvankelijk zouden vier klasgenoten van 14 en 15 jaar oud afspreken bij een meisje dat zonder ouders thuis was. Uiteindelijk waren ze met zeven. Toen vervolgens nóg een groepje van vijf kwam aanbellen, zou het meisje des huizes ze hebben doorgestuurd, omdat ze besefte dat ze dan echt met te veel zouden zijn. 'Het vermoeden is, maar de politie wil er niet veel over zeggen, dat een van die kinderen boos was en zelf de politie heeft gebeld. Want er waren geen uiterlijke tekenen van een feestje: geen luide muziek, geen fietsen voor de deur. Iets vóór 23 uur is de politie aangekomen en een huiszoeking begonnen', vertelt strafpleiter Kris Luyckx, die als raadsman optreedt voor een van de minderjarigen. 'We onderzoeken nog of dat op een legale manier is gebeurd. Je kunt je afvragen of een kind van 14 een geldige toestemming voor een huiszoeking kan geven.' Toen de politie aankwam, zou een aantal jongeren de tuin zijn ingelopen, wat door de politie als verzet en weerspannigheid is opgevat. Ook werd alcohol aangetroffen en was één jongere naar verluidt aan het overgeven. 'Maar geen enkel proces-verbaal maakt melding van het feit dat die kinderen dronken waren', aldus Luyckx. De ouders werden gewaarschuwd en de meesten waren rond half twaalf ter plaatse. 'Ook de politie ging er van uit dat iedereen naar huis zou mogen. Maar de dienstdoende Antwerpse parketmagistraat zei toen: onmiddellijk verhoren', vertelt de advocaat. Daardoor moest de politie van Kapellen midden in de nacht zeven jeugdadvocaten zien te vinden, wat heel wat voeten in de aarde had en ook niet helemaal gelukt is. En dat allemaal voor een groepje jongeren die na de zogenaamde afkoelingsweek waren samengekomen om, dixit Luyckx, wat te 'chillen'. Rond 5 uur 's ochtends was de laatste tiener aan de beurt. Na de verhoren belde de politie opnieuw met de dienstdoende magistraat om te vragen wat er moest gebeuren. Een zaterdagnacht in het politiecommissariaat was niet voldoende, de tieners moesten die zondagochtend per direct voor de jeugdrechter worden voorgeleid. En ook de jeugdrechter met weekenddienst vond het nodig dat de zeven jongeren allemaal de dag zelf zouden verschijnen, en niet een paar dagen later. Op dat moment stond Luyckx al een van de minderjarigen bij, voor andere jongeren moesten opnieuw jeugdadvocaten met permanentie worden gezocht. De cliënt van Luyckx kwam eerst aan bod en kreeg een taakstraf en huisarrest als sanctie. De andere tieners zaten nog urenlang moederziel alleen in de zogenaamde doorgangscellen voor minderjarigen in het Antwerpse justitiepaleis. 'Dat zijn cellen, ' benadrukt Luyckx, 'daar staan geen dozen Lego of kleurstiften. Pas om zes uur zondagavond kon de laatste naar huis vertrekken.' In strikt juridische zin zijn er volgens de advocaat dat weekend waarschijnlijk geen fouten gemaakt. Toch vraagt Luyckx - en velen met hem - zich af of we als samenleving niet elk gevoel voor redelijkheid en proportie zijn kwijtgeraakt als we chillende jongeren als een groep criminelen gaan behandelen. Want wat hier gebeurde is, aldus Luyckx, 'het prototype van een voorleiding van een minderjarige die wordt betrapt terwijl hij 's nachts aan het inbreken is'. Uiteraard treft de jongeren schuld. Ze waren met zeven in één huis en dat is een manifeste overtreding van de coronaregels. 'Maar samen naar een film kijken kun je bezwaarlijk een wild feestje noemen', vindt de advocaat. Luyckx gaat de sanctie van zijn cliënt aanvechten, omdat hij de straf principieel ongrondwettelijk acht. Dat past in de ruimere discussie die nu woedt over de wettelijke grondslag van de coronamaatregelen, bij afwezigheid van een echte coronawet. De coronamaatregelen komen tot stand via koninklijke en ministeriële besluiten, op basis van een oude wet over de civiele veiligheid. Vervolgens stelt het college van procureurs-generaal samen met de minister van Justitie rondzendbrieven op die naar alle parketten worden verstuurd. Dat zijn eigenlijk praktische handleidingen voor procureurs en magistraten op het terrein, voor de concrete toepassing van die besluiten. 'Die rondzendbrieven zijn nationaal geldig en binden de parketten', zegt erevrederechter en justitiewatcher Jan Nolf. De rondzendbrief van het college van procureurs-generaal van midden december vorig jaar bevat een gedetailleerde uitleg over de aanpak van minderjarigen bij inbreuken op de coronamaatregelen. Er valt te lezen dat jongeren 'zo snel mogelijk' terug naar huis moeten worden gestuurd en dat voorleiding alleen is aangewezen 'bij zeer ernstig of herhaald gevaar voor de openbare veiligheid, bijvoorbeeld wanneer een minderjarige het samenscholingsverbod blijft negeren of wanneer een minderjarige spuugt op mensen, of wanneer een minderjarige oproept om de maatregelen niet te respecteren'. Het parket van Antwerpen hanteert al sinds de tweede coronagolf een lik-op-stukbeleid voor lockdownfeestjes. Het is ook heel gebruikelijk dat lokale procureurs eigen accenten leggen, omdat de veiligheidsproblematiek nu eenmaal verschilt per gerechtelijk arrondissement. 'Maar wat die korpschefs bekokstoven, moet wel vallen binnen het kader van de nationale rondzendbrieven', zegt Nolf. De manier waarop de minderjarigen uit Kapellen zijn aangepakt, is volgens hem 'compleet strijdig met de richtlijnen van het college van procureurs-generaal en in mijn ogen dan ook onwettig'. Kristof Aerts, woordvoerder van het parket van Antwerpen, legt uit dat voor verboden lockdownfeestjes de richtlijnen die het Antwerpse parket hanteert op sommige punten inderdaad strenger zijn dan wat het college van procureurs- generaal voorhoudt, 'maar er wel goed bij aansluiten'. 'In Antwerpen werden we nu eenmaal al vrij snel geconfronteerd met heel wat lockdownfeestjes: in hotels of in Airbnb's, met veel alcohol, lachgas, drugs en vaak met een mix van meerderjarigen en minderjarigen. Onze richtlijnen voor lockdownfeestjes dateren van eind oktober, en gingen dus eigenlijk aan de rondzendbrief van het college vooraf. De coronacijfers waren sterk aan het stijgen, de feestdagen kwamen eraan. Er was op dat moment een grote vraag naar afdoende handhaving. Maar onze richtlijnen zijn heel genuanceerd, en er is een ruime bandbreedte waarbinnen de magistraat concrete situaties kan beoordelen. In de zaak van Kapellen hebben wij als parket de strengst mogelijke optie gekozen, dat beseffen we goed.' Minderjarigen na een lockdownfeestje van hun vrijheid beroven, is ook in Antwerpen niet de standaardprocedure. 'Voor een magistraat spelen op dat moment een aantal criteria mee', legt Aerts uit. 'Het nachtelijke uur, het aantal personen, het gebruik van alcoholische dranken of andere roesmiddelen, de afwezigheid van de ouders, de houding van de jongeren enzovoort. Met die elementen, die de politie ons die zaterdagnacht heeft voorgelegd, moeten wij dan als Openbaar Ministerie aan de slag.' Toch gaat het Antwerpse parket de eigen richtlijnen nog eens kritisch tegen het licht houden, aldus de parketwoordvoerder. Minderjarigen die betrapt worden op een misdrijf kunnen in ons land net zoals meerderjarigen maximaal 48 uur worden aangehouden, waarna ze voor een rechter moeten verschijnen. 'Maar het zou goed zijn om na te denken over een specifieke regeling voor minderjarigen', zegt criminoloog Stefaan Pleysier (KU Leuven). In een onderzoek uit 2019 toonde hij aan dat het echt niet uitzonderlijk is dat minderjarigen na een misdrijf eerst een nachtje 'in de cel' doorbrengen. In de case van Kapellen is er ook volgens Pleysier op het eerste gezicht juridisch inderdaad niets aan de hand. 'Maar je kunt er toch vraagtekens bij zetten, op grond van het Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens en het Kinderrechtenverdrag. Daarin staat dat een aanhouding bij kinderen slechts als uiterste maatregel mag en voor een zo kort mogelijke duur. In de zaak van Kapellen kun je je afvragen: was die vrijheidsberoving echt noodzakelijk? Ze hadden de avond zelf een pv kunnen opstellen en die jongeren een dag later naar het jeugdparket laten komen. Vervolgens hadden ze hen eventueel kunnen voorleiden bij de jeugdrechter, als ze dat echt nodig vonden.' Een inbreuk tegen coronamaatregelen, vindt Pleysier, is toch 'van een andere orde dan de criminaliteit waarmee we normaal in het jeugdrecht worden geconfronteerd. Ook om die reden had het parket in de zaak-Kapellen overduidelijk tot een andere conclusie kunnen komen.' Ging het parket van Antwerpen met zijn aanpak van de minderjarige coronaovertreders in Kapellen ver over de grenzen van wat nog aanvaardbaar is? De Antwerpse gouverneur Cathy Berx, vindt het een gevoelige kwestie. 'Het parket van Antwerpen kiest er terecht voor om lockdownfeestjes nooit blauwblauw te laten. Ik vind dit wel een buitengewoon delicate zaak, omdat het gaat om minderjarigen die van hun vrijheid zijn beroofd en werden gescheiden van hun ouders. De richtlijnen op basis waarvan die afwegingen zijn gemaakt, zijn in elk geval goed doordacht, en heel zorgvuldig tot stand gekomen.' We mogen ook niet vergeten, aldus Berx, dat het parket sinds het begin van de coronacrisis al 3000 dossiers met betrekking tot minderjarigen heeft opgemaakt en dat in de overgrote meerderheid van die dossiers is gekozen voor 'sensibilisering, hulpverlening, therapie, een cursus over de coronamaatregelen of een gesprek met de jeugdmagistraat'. Slechts in 1 procent van de gevallen, zo laat het Antwerpse parket weten, is een coronadossier met minderjarigen uitgemond in een voorleiding. Cathy Berx staat in de coronacrisis te boek als iemand van de harde lijn, al is het etiket 'repressief' haar een gruwel en zit ze met die reputatie verveeld. 'De coronamaatregelen moeten nu eenmaal worden nageleefd. Eigenlijk is dit horror of minstens buitengewoon moeilijk. Het liefst zou je deze crisis doorkomen zonder strafbepalingen, boetes of sancties. Als vrijheidsminnende ambtenaar en jurist - mijn doctoraat ging over de rechtsbescherming van burgers tegen de overheid - is het heel erg lastig om een schakel te zijn in een keten die de meest vanzelfsprekend gewaande vrijheden van mensen moet beperken in het belang van de volksgezondheid', zegt ze. 'Elke uitoefening van geweld, wat een vrijheidsberoving altijd is, blijft problematisch en in deze context des te meer. Daar ben ik me scherp van bewust. Het parket en de politie zijn dat ongetwijfeld ook. Hoewel minderjarige coronaovertreders doorgaans een mildere behandeling te beurt valt, lijkt de politiek toch danig geschrokken van het voorval in Antwerpen - alleen minister van Justitie Vincent Van Quickenborne (Open VLD) bleef consequent de aanpak van het Antwerpse parket verdedigen, bij de CD&V, de SP.A en Groen klonk hoofdzakelijk afkeuring. Ook Christian Denoyelle, Antwerps jeugdrechter en ex-voorzitter van de Hoge Raad voor de Justitie, vindt dat een en ander tot nadenken moet stemmen. 'Het zou goed zijn', zegt Denoyelle, 'als elke magistraat nog eens grondig aan zelfreflectie gaat doen. Over vrijheidsberoving, over wat dat doet met een mens en of er geen alternatieven zijn. Maar die vraag mogen ook de coronabeleidsmakers, namelijk de politici en de virologen, zich stellen. Van inbreuken op coronamaatregelen een misdrijf maken, was een keuze van de wetgever, terwijl er ook andere handhavingsinstrumenten zijn. De verontwaardiging over de zaak in Kapellen past wellicht ook in het groeiende verzet van de bevolking tegen de coronamaatregelen, die de logica en de achtergrond van die maatregelen niet meer begrijpt. En laten we wel wezen: de coronamaatregelen hebben onvoorstelbaar veel kwalijke neveneffecten voor jongeren.'