Eerst de feiten. Vorige week stelde een rapport van de Amerikaanse overheidsdienst NOAA dat 2016 het warmste jaar was sinds het begin van de metingen. Ook 2017 lijkt een recordjaar te zullen worden. De voorbije weken werden grote delen van Zuid-Europa geteisterd door Lucifer, een extreme hittegolf met temperaturen ver boven de 40 graden Celsius. Het Europese record van enkele jaren geleden, 48 graden in Athene, werd net niet gebroken. In de Balkan liepen zelfs 's nachts de temperaturen op tot 30 graden en meer. In Lazio en Umbrië moest de Italiaanse overheid de noodtoestand uitroepen wegens een dreigend tekort aan drinkwater.

Het aantal doden door hittegolven zou tegen het einde van de eeuw exponentieel toenemen, van 2700 tot 151.500 per jaar, een stijging met liefst 5400 procent.

Zelfs de fonteinen van het Vaticaan werden voor het eerst in hun bestaan stilgelegd. In Spanje, Italië en Portugal woedden hevige bosbranden. De hittegolf leidde tot stormen in de Italiaanse Alpen. Duitsland moest afrekenen met overstromingen, en het populaire Oostenrijkse Grossartal werd geteisterd door hagel en modderlawines. En bij ons? Bij ons kwakkelde de zomer verder, op zijn Belgisch.

Jos Delbeke, die het directoraat-generaal Klimaat van de Europese Commissie leidt, is pas terug van een buitenlandse vakantie. 'Nee, niet in Zuid-Europa. Ik was in IJsland, dicht bij de poolcirkel. Ook daar kon je de gevolgen van de klimaatverandering zien. Ik heb er gewandeld over de gletsjer uit Before the Flood, de klimaatfilm van Leonardo DiCaprio. In nauwelijks tien jaar tijd is die ijsvlakte bijna met een kilometer gekrompen. In het noorden van Europa warmt de aarde trouwens tweemaal zo snel op als hier. Als het in West-Europa 2 graden warmer wordt, zitten ze daar algauw aan 4 à 5 graden. Dat is dramatisch. Alle gletsjers van IJsland zullen verdwijnen. Gelukkig woont daar niet zo veel volk als in de Himalaya, waar je hetzelfde fenomeen hebt. Daar zijn honderdduizenden, zo niet miljoenen mensen afhankelijk van de gletsjers voor hun drinkwater. Onze problemen zijn klein bier vergeleken met wat zich daar afspeelt.'

Delbeke houdt zich al twintig jaar bezig met de klimaatopwarming. 'In West-Europa begint nu pas door te dringen hoe ernstig de problemen zijn, omdat we nu pas geconfronteerd worden met de concrete gevolgen ervan. De rest van de wereld, zeker Azië en het noorden, heeft er al langer mee te maken. De verdroging die je nu in Zuid-Europa ziet, rukt almaar agressiever op. Het wordt warmer, de waterconsumptie stijgt en het waterpeil zakt door de verdamping: een slechte combinatie. Voor ons is water bijna vanzelfsprekend, elders is het levensbepalend. Voor een Chinees is het ondenkbaar om evenveel water te gebruiken als een Belg. Het comfort van een dagelijkse douche is er voor de meeste Chinezen al lang niet meer bij.'

In West-Europa begint nu pas door te dringen hoe ernstig de problemen zijn, omdat we nu pas geconfronteerd worden met de concrete gevolgen ervan.

Jos Delbeke, directoraat-generaal Klimaat van de Europese Commissie

Onze landgenoot Wim Thiery, onlangs door het zakentijdschrift Forbes genoemd als een van de dertig belangrijkste jonge wetenschappelijke vernieuwers van Europa, buigt zich aan de ETH in Zürich over de relatie tussen water en klimaat. 'Hittegolven worden versterkt door lange periodes van droogte', zegt hij. 'Dat is dit jaar in België gebeurd. Daarom was het in juni zo warm. Water "buffert" het effect van warmte. Niet alleen meren en rivieren hebben dat effect, ook het water in de ondergrond zorgt daarvoor. Na een droge periode verdampt het water ook ondergronds sneller. Dat versterkt de intensiteit van een hittegolf.'

Meer hittegolven

De gevolgen van de klimaatopwarming zijn nauwelijks te overzien. Klagen toeristen al dat ze tijdens de vakantie hun gekoelde hotel niet uit raakten, dan is de schade aan landbouw, economie en de gezondheid van duizenden burgers veel erger. De zware hittegolf van 2003 kostte naar schatting 70.000 levens. Extreme weersomstandigheden gaan gepaard met een dodentol die je alleen met oorlogsgeweld zou associëren.

En dan moet het ergste nog komen, lijkt het. Op het hoogtepunt van de recente hittegolf verscheen een studie van het Joint Research Centre van de Europese Commissie in het wetenschappelijke tijdschrift The Lancet Planetary Health. Tegen het einde van de eeuw, zo blijkt daaruit, kan het aantal Europeanen dat overlijdt door een hittegolf, overstroming, storm of ander extreem weerfenomeen oplopen tot 152.000 per jaar - nu zijn er dat zo'n 3000 per jaar (zie de kaarten op de bladzijde hiernaast). Tegen die tijd zouden zo'n 350 miljoen Europeanen blootgesteld worden aan extreme en gevaarlijke weersomstandigheden, zoals hittegolven - in 1980-2010 gold dat voor 5 procent van de Europese bevolking. Onder 'blootgesteld' verstaan de onderzoekers dat je kunt sterven, gewond raken of ziek worden, dat je je woning kunt verliezen of hoge stress kunt ondergaan.

Het aantal doden door hittegolven zou tegen het einde van de eeuw exponentieel toenemen, van 2700 tot 151.500 per jaar, een stijging met liefst 5400 procent. En het aantal slachtoffers van overstromingen zou met 3780 procent stijgen: tussen 1981 en 2010 stierven er jaarlijks ongeveer 6 mensen bij een overstroming; dat zouden er jaarlijks 233 worden. Het Joint Research Centre schrijft de stijging van het aantal slachtoffers voor 90 procent toe aan de klimaatopwarming en voor 10 procent aan de toename van de bevolking, de verstedelijking en de migratie in risicozones.

Jos Delbeke nuanceert: 'We weten nog lang niet alles over het klimaat en de opwarming. Sommige van die onzekerheden worden in de studie van het Joint Research Centre geëxtrapoleerd naar de toekomst. Maar ze onderstreept natuurlijk wel de ernst van de situatie. De klimaatverandering zál in de toekomst veel slachtoffers maken.'

Dat er meer en zwaardere hittegolven zullen komen, is volgens Wim Thiery een zekerheid. 'Alleen', zegt hij, 'kun je individuele weerfenomenen soms moeilijk rechtstreeks linken aan de klimaatverandering of het menselijke aandeel daarin.'

Voor € 20 naar Malaga

In zijn laatste boek, Requiem for a Species, schrijft de Australische ethicus Clive Hamilton dat het vrijwel zeker te laat is om het klimaat nog te redden. Zijn werk werd geroemd door The New York Times en door de Canadese schrijfster-activiste Naomi Klein. De Franse socioloog Bruno Latour verklaarde dat hij na de lectuur van Hamiltons boek ei zo na in een depressie was beland.

De luchtvaart is ongetwijfeld nog een aberratie. Eigenlijk subsidieert de overheid die sector, bijvoorbeeld via een nultarief op kerosine.

Hebben de klimaatpessimisten gelijk? Christiane Fugueres, die namens de Verenigde Naties in 2015 het klimaatakkoord van Parijs mee onderhandelde, schreef onlangs dat de komende drie jaar cruciaal worden om een catastrofe te vermijden. Jos Delbeke en Wim Thiery geven unisono toe: 'De toestand is ernstig, maar niet hopeloos. Nog niet.'

Delbeke: 'De gemiddelde CO2-uitstoot per Europeaan is de afgelopen jaren gedaald, terwijl we rijker zijn geworden. Dat is een belangrijke verwezenlijking van het beleid. De meeste mensen weten dat ze hun gedrag moeten wijzigen, dat ze hun huis moeten isoleren en dat ze niet langer kunnen rondrijden in een auto die per 100 kilometer 20 liter benzine of diesel verbruikt.'

Toch blijven er problemen. Delbeke: 'De luchtvaart is ongetwijfeld nog een aberratie. Eigenlijk subsidieert de overheid die sector, bijvoorbeeld via een nultarief op kerosine. Het is niet normaal dat je voor 20 euro naar Malaga kunt vliegen. Dat geld moet érgens vandaan komen.'

Climate engineering

Kunnen we ons wapenen tegen de zware gevolgen van extreem weer? In zekere mate wel. We kunnen veel leren uit de hittegolf van 2003. Toen waren er geen rampenplannen: dat kunnen we veranderen. 'Maar tegen welke prijs zullen we ons beschermen?' vraagt Jos Delbeke zich af. 'Tegen het einde van de eeuw zal het gemiddelde waterpeil in Oostende tussen de 40 centimeter en de 2 meter hoger zijn dan nu. 40 centimeter kunnen we waarschijnlijk aan, maar 2 meter? Dat wordt problematischer. Nu, in West-Europa hebben we nog het geld om de dijken te verhogen. Bangladesh heeft dat niet.'

Nog drastischer zijn de voorstellen om aan climate engineering te doen, en rechtstreeks in te grijpen op het klimaat. Daar wordt veel onderzoek naar gedaan, maar de uitkomst ervan is hoogst onzeker. Wetenschappers hebben bewezen dat het theoretisch perfect mogelijk is om CO2 uit de atmosfeer te halen en diep in de oceaan of in de aardbodem op te slaan. Daardoor zouden we tijd kopen om onze uitstoot af te bouwen. Voorlopig kan nog maar een fractie van de CO2 worden opgeslagen, tegen zeer hoge kosten. En het moet nog blijken of het gas wel veilig in de oceaan of aardlagen zal blijven.

Zelfs als de CO2-uitstoot morgen helemaal zou stoppen, zal het volgens experts duizenden jaren duren vooraleer de atmosfeer weer haar pre-industriële gedaante zal aannemen. De wereld zou voor minstens duizend jaar verhoogde temperaturen kennen. En het zeeniveau zou waarschijnlijk nog lang blijven stijgen, zelfs als de temperatuur al lang stabiel is.

Thiery verwijst naar een nog futuristischer vorm van climate engineering. 'Vliegtuigen zouden sulfaten in de atmosfeer kunnen pompen om wolken te maken of te laten verdwijnen. Zo zouden we de temperatuur op aarde kunnen verlagen. Technisch is dat mogelijk, maar de heilige graal is het niet: je pakt er de oorzaak van de klimaatopwarming niet mee aan. En als je op één plaats een wolk vernietigt, kan het op een andere plaats onbedoeld te weinig gaan regenen. Willen we wel in zo'n gemanaged klimaat leven?'

Delbeke denkt dat we ooit bij climate engineering zullen uitkomen. 'Maar wie zal de rekening daarvan betalen? Het klimaat is tenslotte van iedereen. Ik ben econoom van opleiding: ik vind dat we eerst voor de goedkoopste oplossing moeten kiezen. Dat wil zeggen: energie besparen en omschakelen naar milieuvriendelijke energiebronnen. Een spaarlamp of een ledlamp verbruikt bijvoorbeeld al 97 procent minder energie.' Wim Thiery beaamt dat: 'Climate engineering zal op zich al energie vreten. We moeten er zo zuinig mogelijk mee omspringen.'

Delbeke en Thiery wijzen voorts op een schadelijk neveneffect van het absolute geloof in de technologie, waarvan ook de Amerikaanse president Donald Trump, die zich terugtrok uit het klimaatakkoord van Parijs, een aanhanger is. 'Als iedereen denkt dat we CO2 gewoon kunnen opslaan, zal niemand wat willen doen aan de gevaarlijke uitstoot. Dan zal iedereen gewoon lekker doordieselen en steenkool opgraven.'

CO2-budget

Bij het klimaatakkoord van Parijs heeft de wereld afgesproken om de gemiddelde temperatuur maximaal met 2 graden te laten stijgen in vergelijking met het pre-industriele tijdperk. 'We móéten dat akkoord uitvoeren. Als we niets doen, gaan we naar een stijging van 4 of 5 graden', zegt Jos Delbeke. 'Daarom mogen we geen tijd verliezen om met uitvoeringsbesluiten te komen. Ik denk dat het zal lukken. De gemiddelde nieuwe auto zal tegen 2030 bijvoorbeeld minder dan 3 liter brandstof per 100 kilometer gebruiken.'

Wim Thiery is ambitieuzer. 'Het akkoord van Parijs heeft het over een stijging van 2 graden, maar de aarde is nú al 1 graad warmer. Alles hangt af van hoe we ons zullen organiseren. We hebben als maatschappij een soort CO2-budget: de maximale hoeveelheid die we mogen uitstoten om de opwarming onder 2 graden te houden. Souperen we dat budget meteen op, dan zullen we later drastisch moeten ingrijpen. In plaats daarvan kunnen we onze uitstoot nu al laten dalen: voor die optie kies ik. De wetenschap heeft berekende scenario's klaar waardoor we perfect in staat zijn om de aarde met niet meer dan 1,5 graad te laten opwarmen.'

De wetenschap heeft berekende scenario's klaar waardoor we perfect in staat zijn om de aarde met niet meer dan 1,5 graad te laten opwarmen.

Wim Thiery, ETH Zürich

Dat betekent bijvoorbeeld dat er in 2035 geen enkele auto meer mag worden verkocht die rijdt op fossiele brandstof, dat er vanaf 2020 geen netto-ontbossing meer mag plaatsvinden, en dat alle nieuwe gebouwen energieneutraal moeten zijn. Zijn zulke maatregelen politiek en maatschappelijk haalbaar? Thiery verwijst naar Noorwegen. 'Daar heeft de overheid zwaar ingezet op elektrische auto's, waardoor de Noren nu massaal overschakelen. Het kan dus, met de nodige politieke moed.'

Europees ambtenaar Jos Delbeke verdedigt de politiek. 'Door uit het klimaatakkoord van Parijs te stappen, heeft Donald Trump zichzelf totaal geïsoleerd. Na afloop van de G20 in juli zei de Duitse bondskanselier Angela Merkel: "Het is negentien tegen één." Zo'n uitspraak mag je niet onderschatten. Ook de Russische president Vladimir Poetin was een van die negentien stemmen, terwijl hij, net als de Saudi's, niet bekendstaat als een eco-warrior.'

Op het eerste gezicht is de beslissing van Trump vreemd. De Verenigde Staten lijden steeds meer schade door de klimaatopwarming. Dat bleek vorige week nog, toen een federaal klimaatrapport uitlekte. Daarin stond dat de gemiddelde temperatuur in de VS snel en spectaculair is gestegen. De voorbije decennia waren er de warmste in 1500 jaar. Het overheidsdocument spreekt daarmee Trump en zijn regering tegen. Zij houden vol dat het niet bewezen is dat de mens verantwoordelijk is voor de klimaatverandering. De president weigert het rapport goed te keuren en te publiceren. 'Wat niet weet, dat niet deert', lijkt hij te denken.

De verklaring voor zijn gedrag is eenvoudig: Trump baseert zijn besluit op ideologie, niet op wetenschap. Dat is volgens de Australische professor Clive Hamilton zo mogelijk nog dramatischer dan de opwarming zelf. 'We dachten dat mensen de wetenschap hadden gemachtigd om te spreken, omdat ze legitimiteit en expertise had', zei hij in een interview. 'Maar de legitimiteit van de klimaatwetenschap, en daarmee van de wetenschap in haar geheel, wordt nu aangevallen, geërodeerd, ondermijnd. Het is de triomf van het bijgeloof over de verlichting. Van ideologie over rationaliteit. Onze beschaving bevindt zich op een kritiek moment. We worden geconfronteerd met een existentiële bedreiging, en kiezen ervoor om het niet te geloven. Dat is verbijsterend.'

Jos Delbeke is het daarmee eens. 'Puur rationeel gezien heeft Donald Trump geen poot om op te staan. Hij gaat in tegen de belangen van zijn eigen bevolking. Gelukkig dringt dat stilaan door. Hij krijgt zijn zaak niet verkocht. Niet in de wereld en niet in zijn eigen land, waar zijn populariteit onder de 40 procent gezakt is. Hij zál worden gecorrigeerd. Zo niet nu, dan wel over enkele jaren.'

Reageren op dit artikel kan u door een e-mail te sturen naar lezersbrieven@knack.be. Uw reactie wordt dan mogelijk meegenomen in het volgende nummer.