De opflakkerende coronacijfers zijn op verschillende manieren slecht nieuws, maar ze zijn ook niet goed voor Glasgow. In de aanloop naar de zesentwintigste klimaatconferentie in Schotland komende zondag zal opnieuw gebeuren wat we het afgelopen anderhalf jaar vaker hebben gezien: minder belangrijke dossiers waarin de beslissing snel moet vallen (moeten we weer mondmaskers opzetten in de bioscoop?) kapen de aandacht weg van een veel belangrijker debat (wordt Vlaanderen over een paar decennia weggespoeld?). Dat heeft alles te maken met een gevoel van urgentie, en dat gevoel zit fout. Zeker bij ons is het idee nog altijd dat het met die opwarming allemaal wel zal meevallen. Die 2,7 graden die erbij komen, dat is toch maar op het einde van deze eeuw? Die verhoogde kans op natuurrampen, dat zal toch wel zo'n vaart niet lopen? De Vesder komt toch niet tot in Antwerpen? Het verzet tegen nieuw klimaatb...

De opflakkerende coronacijfers zijn op verschillende manieren slecht nieuws, maar ze zijn ook niet goed voor Glasgow. In de aanloop naar de zesentwintigste klimaatconferentie in Schotland komende zondag zal opnieuw gebeuren wat we het afgelopen anderhalf jaar vaker hebben gezien: minder belangrijke dossiers waarin de beslissing snel moet vallen (moeten we weer mondmaskers opzetten in de bioscoop?) kapen de aandacht weg van een veel belangrijker debat (wordt Vlaanderen over een paar decennia weggespoeld?). Dat heeft alles te maken met een gevoel van urgentie, en dat gevoel zit fout. Zeker bij ons is het idee nog altijd dat het met die opwarming allemaal wel zal meevallen. Die 2,7 graden die erbij komen, dat is toch maar op het einde van deze eeuw? Die verhoogde kans op natuurrampen, dat zal toch wel zo'n vaart niet lopen? De Vesder komt toch niet tot in Antwerpen? Het verzet tegen nieuw klimaatbeleid lijkt van een criminele lichtzinnigheid. Maar het is domweg menselijk. En dat is erger. Weet Greta Thunberg dat haar critici ook maar mensen zijn? De bekendste klimaatactiviste ter wereld denkt in de aanloop naar Glasgow goed na over haar mediaoptredens. In de Britse krant The Guardian maakte ze vorige week kipkap van de 'decennia van blablabla' van onze leiders, die de afgelopen jaren vooral uitblonken in loze beloftes. De feiten zijn beangstigend, of dat zouden ze toch moeten zijn: terwijl we de CO2-uitstoot drastisch naar beneden moeten halen, zullen we in 2021 tekenen voor de tweede grootste opstoot van CO2-emissies in de geschiedenis. In plaats van de broeikasgassen terug te dringen, produceren we er méér. Thunberg wond zich daarover op zoals we haar kennen: militant, op het randje van de woede, onderbouwd en overtuigend. Maar zou ze beginnen te beseffen dat haar kwaadheid haar strijd niet altijd vooruithelpt? In dezelfde week gaf ze een interview aan de BBC waarin ze, naast haar bezorgdheid, ook een andere, warmere kant toonde. Weg van de camera's, zei ze, is ze een heel ander persoon: 'Ik lijk zeer kwaad in de media, maar privé ben ik eigenlijk nogal onnozel.' De menselijke geest is bijzonder slecht in het bestrijden van klimaatonheil, hoe onomstotelijk de wetenschappelijke voorspellingen ook mogen zijn. Vergelijk het met de exponentiële besmettingscurves waarbij het coronavirus zich véél sneller verspreidt dan wij schijnen te kunnen begrijpen. Het is de reden waarom cognitief psycholoog en Nobelprijswinnaar Daniel Kahneman jaren geleden al behoorlijk pessimistisch klonk, als het over de klimaatstrijd gaat: 'De weg naar succes, ik zie hem niet.' De opwarming van de aarde, zei hij, is te abstract, te ver weg, te weinig zichtbaar en ook nog eens gecontesteerd. Zelfs als alle wetenschappers aan de ene kant van het debat staan, en een paar idioten aan de andere kant, dan nog zullen mensen het als een gelijkspel zien. Je ziet de grootste geesten worstelen met de kwestie: hoe vechten we tegen onze meest basale instincten, die ons vertellen dat het emotionele debat van de dag altijd belangrijker is dan de wetenschappelijk voorspelde catastrofe van later? Hoe zorgen we ervoor dat overheden, bedrijven en burgers méér doen dan goede intenties formuleren? En hoe vermijden we een overdosis aan alarmisme, met klimaatdepressies of algehele apathie als gevolg? De boodschap van Kahneman komt over als pessimisme in het kwadraat. Terwijl we om de oren worden geslagen met de klimaatrampen die ons de komende jaren te wachten staan, wordt ons ook nog eens uitgelegd waarom we daar niet van onder de indruk zijn. En dat zijn we niet, zeker in Vlaanderen niet. Deze week in Knack kunt u lezen hoe Vlaams klimaatminister Zuhal Demir (N-VA) met de voeten blijft slepen. 'Wie weet', zegt de Bond Beter Leefmilieu, 'worden we in Glasgow, net zoals in 2015 op de top in Parijs, uitgeroepen tot "Fossiel van de dag".' Dat is niet bedoeld als compliment. Tegenwoordig grijpen klimaatactivisten al naar Franklin D. Roosevelt om nog wat hoop te sprokkelen. Het was de Britse zoöloog en activist George Monbiot die vorige week het fatalisme te lijf ging met het verhaal van hoe die Amerikaanse president de samenleving in een paar maanden tijd helemaal omgooide, van vredestijd naar de oorlog tegen het fascisme. Het kán, was de boodschap. Het keerpunt toen was de aanval op Pearl Harbor. Laten we hopen dat we bij de klimaatstrijd sneller zijn.