'Mijn kind mag niet kijken naar Peppa Big op Netflix. Ik heb het uit de lijst gehaald en beveiligd.' Met die boodschap veroorzaakte een nietsvermoedende moeder onlangs een serieuze discussie op Mona's Babbelgroep, een Facebookgroep die draait rond ouderschap. De tekenstijl is aan de rudimentaire kant - fans van correcte perspectieven zullen erop afknappen - en Peppa is behoorlijk luidruchtig en bazig. Niets om over te struikelen, zou u denken. Maar blijkbaar spreekt Peppa haar vader consequent aan op zijn overgewicht. Zo is er de aflevering waarin Papa Big voorstelt om in het zwembad te duiken, waarop zijn dochter opmerkt: 'Gekke papa, je buik is veel te dik.' Een onversneden staaltje fatphobia of vetfobie, zo valt op heel wat Britse en Amerikaanse websites te lezen. Gelukkig duikt Papa Big daarop alsnog het water in, als een ...

'Mijn kind mag niet kijken naar Peppa Big op Netflix. Ik heb het uit de lijst gehaald en beveiligd.' Met die boodschap veroorzaakte een nietsvermoedende moeder onlangs een serieuze discussie op Mona's Babbelgroep, een Facebookgroep die draait rond ouderschap. De tekenstijl is aan de rudimentaire kant - fans van correcte perspectieven zullen erop afknappen - en Peppa is behoorlijk luidruchtig en bazig. Niets om over te struikelen, zou u denken. Maar blijkbaar spreekt Peppa haar vader consequent aan op zijn overgewicht. Zo is er de aflevering waarin Papa Big voorstelt om in het zwembad te duiken, waarop zijn dochter opmerkt: 'Gekke papa, je buik is veel te dik.' Een onversneden staaltje fatphobia of vetfobie, zo valt op heel wat Britse en Amerikaanse websites te lezen. Gelukkig duikt Papa Big daarop alsnog het water in, als een sierlijke zwaan. Maar ook in de 'echte wereld' is vetfobie een groeiend probleem. De Amerikaanse schrijfster en activiste Virgie Tovar schreef er een boek over: You Have the Right to Remain Fat ('Je hebt het recht om dik te blijven', vrij vertaald). Zelf kreeg ze al vaak met vetfobie te maken, vertelt ze. 'Toen ik op een trein stond te wachten en aan een slanke vrouw vroeg of ik mocht gaan zitten - zij nam liggend drie stoelen in beslag - noemde ze me "dikke trut". En ik had ooit een relatie met een man die mijn lichaam verheerlijkte, maar toen ik hem vroeg of we ook samen naar buiten konden, gaf hij toe dat hij het lef niet had om samen met mij in het openbaar te worden gezien: zijn vrienden zouden hem uitlachen.' Dat zijn maar twee van de talloze voorbeelden, aldus Tovar. 'Maar er bestaat ook zoiets als structurele vetfobie: drempels in het dagelijks leven waar mensen met overgewicht constant tegenaan botsen. Zo zijn verschillende medicijnen, zoals de morning-afterpil, níét getest bij vrouwen boven een bepaald gewicht. En op heel wat plaatsen - bureaus, vliegtuigen, restaurants - zijn de stoelen te klein. Als je uit eten gaat met een zwaarder persoon, controleer dan vooraf of de stoelen er stevig uitzien en geen armleuningen hebben. Dat lijkt iets eenvoudigs, maar het kan voor die persoon veel betekenen.' Vetfobie is een ernstig probleem, stelt An Vandeputte, coördinator van het kenniscentrum Eetexpert. 'Het is geen officiële medische term en er worden verschillende invullingen aan gegeven, maar meestal wordt hij gebruikt om een afkeer voor (personen met) obesitas aan te duiden. Dat gebeurt expliciet, door die mensen na te staren of uit te lachen. Maar er zijn ook vormen die geruisloos onze maatschappij zijn binnengeslopen. Het voorbeeld van te smalle stoelen is treffend. Maar denk ook aan de wachtkamers van dokters: daar ligt het altijd vol met magazines die het slankheidsideaal promoten.' Al die vormen van vetfobie hebben een ernstige impact op mensen met obesitas, zegt Vandeputte. 'Ze beginnen zich af te zonderen, de drempel naar hulp wordt groter, ze zijn vaker ziek door stress. De laatste jaren is de stigmatisering exponentieel toegenomen. Uit onderzoek blijkt dat discriminatie op gewicht even zwaar doorweegt als etnische discriminatie. Het grote verschil is alleen dat op racisme veel kritiek komt, terwijl vetfobie bijna sociaal aanvaard is.' Toch stoelt die vetfobie helemaal nergens op, benadrukt Vandeputte. 'Uit recent onderzoek blijkt dat een derde van de mensen met obesitas metabool gezond zijn, terwijl een derde van de mensen met een normaal gewicht metabool ongezond zijn. Het is dus niet omdat je overgewicht hebt, dat je automatisch meer kans hebt op hartfalen, bijvoorbeeld. Wetenschappers beseffen intussen dat gewicht slechts één factor is van gezondheid. Een gezonde levensstijl is veel belangrijker. Het is trouwens best mogelijk dat iemand met overgewicht evenwichtig eet en voldoende beweegt, ook al veronderstellen de meeste mensen van niet. Ons gewicht is ook geen kwestie van wilskracht, zoals vaak wordt aangenomen. Er spelen zo veel factoren mee: erfelijkheid, de werking van het beloningssysteem in de hersenen, sociale aspecten... Als maatschappij moeten we dus dringend het accent verleggen van gewicht naar gezondheid.'En Peppa Big mag ook wel eens een toontje lager zingen.