Bij de komende Vlaamse verkiezingen hoopt de liberale nestor Herman De Croo (Open VLD) verkozen te worden door de kleinkinderen van zijn eerste kiezers. Al zal hij wellicht geen zitting nemen in het Vlaams Parlement. 'Ik hoop op een heel goede opvolger of opvolgster', zegt hij. Niemand uit de vaderlandse geschiedenis kan bogen op zo'n lange parlementaire carrière als hij. De Croo drukt het zelf zo uit: 'Op 31 maart jongstleden telde ik 51 jaar of 18.657 dagen ononderbroken rechtstreekse verkozenheid.' 42 jaar daarvan bracht hij door in de Kamer van Volksvertegenwoordigers, waarvan acht jaar als voorzitter. Hij zat vier jaar in de Senaat en vijf jaar in het Vlaams Parlement. Niemand kan beter dan hij de parlementaire werking van de afgelopen maanden evalueren. 'Ik heb een paar zaken gezien die zelfs voor mij uniek zijn. Dat de regering in lopende zaken ging vóór de verkiezingen in plaats van daarna. Dat zorgt, net als in 2010-2011 toen we 541 dagen zonder regering zaten, voor een zekere losheid. Ook nu kon het parlement meer macht naar zich toetrekken.'
...

Bij de komende Vlaamse verkiezingen hoopt de liberale nestor Herman De Croo (Open VLD) verkozen te worden door de kleinkinderen van zijn eerste kiezers. Al zal hij wellicht geen zitting nemen in het Vlaams Parlement. 'Ik hoop op een heel goede opvolger of opvolgster', zegt hij. Niemand uit de vaderlandse geschiedenis kan bogen op zo'n lange parlementaire carrière als hij. De Croo drukt het zelf zo uit: 'Op 31 maart jongstleden telde ik 51 jaar of 18.657 dagen ononderbroken rechtstreekse verkozenheid.' 42 jaar daarvan bracht hij door in de Kamer van Volksvertegenwoordigers, waarvan acht jaar als voorzitter. Hij zat vier jaar in de Senaat en vijf jaar in het Vlaams Parlement. Niemand kan beter dan hij de parlementaire werking van de afgelopen maanden evalueren. 'Ik heb een paar zaken gezien die zelfs voor mij uniek zijn. Dat de regering in lopende zaken ging vóór de verkiezingen in plaats van daarna. Dat zorgt, net als in 2010-2011 toen we 541 dagen zonder regering zaten, voor een zekere losheid. Ook nu kon het parlement meer macht naar zich toetrekken.' Het is uitzonderlijk dat de Vlaamse, federale en Europese verkiezingen zo snel volgen na de lokale en provinciale verkiezingen.Herman De Croo: Dat verklaart de waterval aan propagandawetsvoorstelletjes en de onwaarschijnlijke ballonnekes over het klimaat, de grondwet of de pensioenen. Ik wist dat we een van de rijkste landen ter wereld waren, maar als je ziet hoeveel er nu beloofd kan worden, dan moeten we écht steenrijk zijn. Dergelijke invloed is ongezien. Het toont nog maar eens aan dat België een republiek van steden en gemeenten is die de monarchie heeft ingehuurd. Uit onderzoek van de KU Leuven blijkt dat na verkiezingen telkens bijna de helft van de Kamerleden wordt vervangen door neofieten. Wat vindt u daarvan?De Croo: Je kunt dat verklaren door de opkomst van nieuwe partijen, zoals de groenen of het VB, en door wenselijke maatregelen zoals vrouwenquota. Maar dat het gemiddelde parlementaire mandaat zo'n 6 à 8 jaar duurt en er dus steeds minder parlementsleden met 15 à 20 jaar ervaring zijn, is hét drama van ons parlementair systeem. Ik vrees dat we naar een parlement van gedetacheerden evolueren. Enkel wie politiek verlof kan krijgen, zoals ambtenaren of leerkrachten, maakt nog de overstap. Kijk naar Jan Peumans (N-VA), die directeur was bij De Lijn. Als hij niet was verkozen, kon hij de volgende dag gewoon weer in zijn bureau gaan zitten. Zo dreig je een corporatistisch parlement te krijgen, dat links noch rechts is maar zorgt voor de eigen leden. Werkende vrouwen of zelfstandigen zullen nog moeilijker in het parlement raken. Is de kwaliteit van het parlementaire werk gedaald?De Croo: Nee. Onder invloed van de audiovisuele media - die ik zelf heb uitgenodigd als Kamervoorzitter - is het werk wel vluchtiger geworden. In het Vlaams Parlement zie je dat heel goed. Twee dagen voor het actualiteitendebat weet men niet of het zal doorgaan of waarover het zal gaan, en een dag later is men het al vergeten. De mediatisering was nooit zo sterk als vandaag. In hun afscheidsinterview in Knack waren Kamerleden Hendrik Vuye en Veerle Wouters scherp voor het parlement: 'Hier mag wat theater worden opgevoerd, maar pas nadat alle beslissingen zijn genomen.'De Croo: Vuye is een knappe gast. Hij is van Ronse, dat geeft hem een streepje voor. Hij bekritiseert het parlement, maar hij heeft er alles voor gedaan om erin terug te keren. Ik betreur het dat hij er niet meer zal zijn, maar hij moet niet met onze voeten spelen. Hoe beoordeelt u uw opvolger Siegfried Bracke en zijn Vlaamse evenknie Jan Peumans?De Croo: Er zijn twee soorten mensen. Zij die de functie maken en zij die gemaakt worden door hun functie. Ik behoorde altijd tot de eerste categorie. Ik zal mezelf niet bestoefen, maar Herman Van Rompuy (CD&V) noemde mij de beste voorzitter sinds de Tweede Wereldoorlog. Een Kamervoorzitter moet krachtig optreden en kan dus maar beter al minister, oppositieleider of partijvoorzitter zijn geweest. Nu is die post een toemaatje tijdens de regeringsvorming. In die acht jaar als Kamervoorzitter heb ik niet één keer de voorzittershamer moeten hanteren. Ik kon de Kamer de baas met humor. Als Gerolf Annemans begon te tieren, zei ik dat hij luider moest spreken omdat ik hem niet verstond. Maar Vincent Decroly (Ecolo) heb ik door de militaire politie de Kamer laten uitdragen omdat hij zich begon te ontkleden op het spreekgestoelte. Je moet daar radicaal in zijn. Dat is Siegfried Bracke niet gegeven, hoor ik u zeggen?De Croo: Siegfried heeft zijn best gedaan. Hij had maar één termijn ervaring als Kamerlid. Hij kende het huis goed als journalist, maar niet als politicus. Het is belangrijk dat een Kamervoorzitter niet aan het handje van de meerderheid loopt. Ik heb twee keer de zitting laten schorsen omdat premier Guy Verhofstadt (Open VLD) twéé minuten te laat was. Dat stond hem niet aan, maar daarna was hij er altijd als eerste. Ik denk niet dat Siegfried dat met De Wever zou moeten proberen. Hoe evalueert u Jan Peumans?De Croo: Hij had de debatten kunnen versterken door mijn systeem uit de Kamer in te voeren: korte vragen, korte antwoorden en korte replieken. Drie minuten elk en hop! Niet van die marktkramersdebatten van drie kwartier waarvan niemand nog weet waarover ze gaan.