Van Belgische ministers weten we dat ze zich door een hofhouding van persoonlijke medewerkers laten omringen. Minder bekend is dat ook in de gemeenten de praktijk van de kabinetten ingang heeft gevonden, niet alleen bij burgemeesters maar ook bij schepenen.
...

Van Belgische ministers weten we dat ze zich door een hofhouding van persoonlijke medewerkers laten omringen. Minder bekend is dat ook in de gemeenten de praktijk van de kabinetten ingang heeft gevonden, niet alleen bij burgemeesters maar ook bij schepenen. De Wet op de Openbaarheid van Bestuur (WOB) dwingt overheden openheid van zaken te geven als burgers daarom vragen. Om te achterhalen hoeveel kabinetsmedewerkers de burgemeesters en schepenen van de Vlaamse centrumsteden precies in dienst hebben, werd enkele maanden geleden via het Transparencia-platform bij elke stad een zogenaamd WOB-verzoek ingediend. Alleen Antwerpen en Brugge hebben hun kabinetsmedewerkers - zij het ook maar deels - online staan. Bij andere steden was het vaak hard aandringen. Zo weigerde Leuven aanvankelijk om de gevraagde informatie te verstrekken. Ook zes andere steden kwamen pas met volledige informatie op de proppen nadat de zogenaamde beroepsinstantie Openbaarheid van Bestuur zich met de zaak had bemoeid. Gent bleek na een beroepsprocedure een kwart meer medewerkers te tellen dan in eerste instantie was opgegeven, Aalst zelfs drie keer zo veel. Opvallend is ook dat Gent met circa 260.000 inwoners meer kabinetsmedewerkers (83) telt dan Antwerpen (82), met circa 521.000 inwoners. Op het niveau van de steden zijn bestuurders die zich omringen met een uitgebreide persoonlijke entourage een vrij recente praktijk, legt hoogleraar politicologie Johan Ackaert (UHasselt) uit. 'Sinds 2008 is het lokale kabinetspersoneel sterk gegroeid.' Ackaert ziet daarvoor een aantal redenen. 'De lokale ambtenarij is nog altijd sterk verkokerd. Ambtenaren van de ene dienst weten niet waarmee de andere dienst bezig is. Mogelijk werken plaatselijke bestuurders met eigen beleidsmedewerkers om het hele plaatje in aanmerking te kunnen nemen.' Ook kregen in 2012 heel wat steden andere bestuursmeerderheden. 'Nieuwe machthebbers nemen graag hun eigen mensen mee, omdat ze vaak geen vertrouwen hebben in de zittende administratie om zaken in beweging te krijgen.' Bovendien, legt Ackaert uit, staan lokale politici vaak ook onder zware druk van hun partij en hun achterban om bepaalde mensen aan een baan te helpen. De hoogleraar staat erg kritisch tegenover die nieuwe bestuurscultuur. 'Kabinetten zorgen voor dubbel werk en vergroten het al heersende wantrouwen tussen politiek en ambtenarij.' De namen van de kabinetsmedewerkers hoeven de steden om privacyredenen alleen te communiceren als de betrokkenen daar zelf mee instemmen, oordeelde de beroepsinstantie Openbaarheid van Bestuur. 'Vreemd', vindt Ackaert. 'Schepenen stellen zichzelf online uitgebreid voor en de namen van leidinggevende stedelijke ambtenaren zijn ook makkelijk online terug te vinden. Waarom wordt er dan over kabinetspersoneel zo geheimzinnig gedaan? Dat voedt de indianenverhalen over vriendjespolitiek en enorme hofhoudingen die vaak op plaatselijk niveau de ronde doen.' Ackaert pleit voor volledige transparantie, maar voorlopig is dat een toekomstdroom. Van 44 van de in totaal 309 gerapporteerde kabinetsmedewerkers in de Vlaamse centrumsteden weten we op dit moment niet wie ze zijn of wat ze doen.