Het werd gepresenteerd als goed nieuws, de recente resultaten van de studie 'Jongeren en Gezondheid'. De Vlaamse jeugd zou minder roken, minder overgewicht hebben en een verbeterd consumptiepatroon van groenten, fruit en water vertonen. Maar het onderzoek dat elke 4 jaar in 49 landen wordt gevoerd peilt niet alleen naar de fysieke gezondheid van schoolgaande jeugd. Er is ook uitgebreid aandacht voor de psychologische aspecten van hun functioneren, en andere welzijnsfactoren. En daar is het beeld minder fraai.

De cijfers over zelfmoordgedachten, bijvoorbeeld, zijn schokkend - maar liefst 13% van de jongens en 24% meisjes van 17 of 18 jaar dachten al meermaals aan zelfmoord. Gevoelens van humeurigheid, zenuwachtigheid en futloosheid namen de afgelopen vier jaar behoorlijk toe bij onze schoolgaande jeugd. Vandaag kampt een kwart van de respondenten meermaals per week met slaapproblemen. Al deze signalen kunnen wijzen op onderliggend psychisch lijden dat aandacht behoeft. Immers, depressieve stoornissen, angststoornissen en beginnende psychose beginnen vaak voor de leeftijd van 18 jaar. Deze problemen kunnen iemands ontwikkeling en toekomst behoorlijk hypothekeren indien ze niet adequaat behandeld worden.

Geestelijke gezondheidszorg: essentieel om juiste zorg te krijgen als eerste ernstige klachten ontstaan.

Tegelijkertijd is het alcohol- en cannabisgebruik van de Vlaamse scholier nauwelijks veranderd in vergelijking met 2014. De helft van alle jongeren begint alcohol te drinken voor de leeftijd van 15 jaar. Dit bevestigt onze traditie; Vlamingen vinden snel de weg naar zulke middelen, met alle risico's van dien; alcohol en cannabis kunnen leiden tot een spectrum van middelengerelateerde problemen zoals verslaving, met destructieve effecten op het leven van de jongere en zijn omgeving.

Als het ons niet lukt om de problemen te voorkomen, zijn we het deze jongeren alleszins verplicht ze behoorlijk te ondersteunen. Maar ook daarin zijn we weinig succesvol. Op veel plaatsen in Vlaanderen is er geen geschikte begeleiding beschikbaar, of alleen na een onaanvaardbaar lange wachtlijst te hebben verdragen of mits een groot persoonlijk budget. Vandaag gaat 6.1% van het totale gezondheidszorgbudget naar geestelijke gezondheidszorg. De OESO adviseert ons land om dit op te trekken tot 10%. De Staten-Generaal van de Geestelijke Gezondheidszorg trok eerder dit jaar al aan de alarmbel. Het is essentieel om de juiste zorg te krijgen op het ogenblik dat de eerste ernstige psychische klachten ontstaan. Vaak is de overgang van adolescentie naar jong volwassenheid zo'n kwetsbaar moment.

Het is dan ook een gelukkig toeval voor de geestelijke gezondheidszorg in Vlaanderen dat de Vlaamse Overheid en het Agentschap Zorg en Gezondheid betrokken waren bij het onderzoek 'Jongeren en Gezondheid'. We vragen dan ook met aandrang dat de uittredende ministers en hun kabinetten, en de onderhandelaars bij de regeringsvormingen, deze verontrustende cijfers zullen aanwenden om te besluiten het budget geestelijke gezondheidszorg radicaal te verhogen in de volgende legislatuur. Concreet verwachten we een groeipad, ingeschreven in de beleidsverklaring, met de OESO-verwachtingen als eindpunt in 2023 (dus bijv. +2% in 2020, +1% in 2021 en 2022 en +0.5% in 2023).

Pas dan komt Vlaanderen in de buurt van wat andere Noord-Europese landen investeren in de psychische gezondheid van hun inwoners, en kunnen we preventie en vroegdetectie van psychische problemen verder worden uitgebouwd, de wachtlijsten substantieel verminderd en multidisciplinaire samenwerkingsverbanden ontwikkeld. Bij een volgende bevraging van de Vlaamse jongeren en hun gezondheid, zullen er dan ondubbelzinnige positieve effecten merkbaar zijn.

Kirsten Catthoor is wetenschappelijk secretaris van de Vlaamse Vereniging voor Psychiatrie.

Kris Van den Broeck is directeur van de Vlaamse Vereniging voor Psychiatrie.