De wet op bijzondere opsporingsmethoden (BOM) is een lastig geval. Eerder versies werden al verschillende keren door het Grondwettelijk Hof vernietigd werd. Het nieuwe wetsontwerp van Justitieminister Koen Geens is hetzelfde lot beschoren, vrezen onderzoeker Charlotte Conings en hoogleraar strafrecht Frank Verbruggen van de KU Leuven in een opiniestuk in De Standaard.

De modernisering is nodig, daar zijn alle partijen het over eens. De wet is al 13 jaar niet meer gewijzigd en dateert dus nog uit een tijd dat pakweg smartphones niet ingeburgerd waren. Het nieuwe voorstel moet daarom vooral een duidelijk kader scheppen over hoe met die nieuwe technologie om te gaan. 'Het ontwerp bakent duidelijk af voor welke zoekingen de politie, het parket dan wel de onderzoeksrechter bevoegd is', zegt Sieghild Lacoere, de woordvoerder van Koen Geens.

Klassiek en digitaal speurwerk

Hoe ver dat die wetswijziging mag gaan, is een ander paar mouwen. Conings en Verbruggen stellen vast dat in het wetsontwerp de voorafgaande rechterlijke controle beperkt blijft tot heimelijke hackings. Kortom: enkel als het parket het wachtwoord van uw computer of smartphone niet vindt of kent, moet het de onderzoeksrechter om toestemming vragen. Anders mag het vrij uw toestellen verkennen.

'Dit wetsontwerp slaagt er niet in een evenwicht te vinden tussen het klassieke en digitale speurwerk', oordelen Conings en Verbruggen. Lacoere benadrukt dat de Privacycommissie het ontwerp een gunstig advies gaf. 'Ze verzet zich er niet tegen dat het parket bevoegd zou zijn voor alle niet-geheime zoekingen in informaticasystemen', klinkt het. 'Verder moet het Openbaar Ministerie erover waken dat het bewijs wettig werd verzameld.'

Grootst mogelijke bescherming

Daarnaast vinden Conings en Verbruggen het niet kunnen dat de nieuwe wet telefoontaps gelijkschakelt met de heimelijke hacking van smartphones, computers en andere IT-systemen. De redenering luidt dat wie uw telefoongesprekken natrekt, veel minder over uw weet dan wie uw computergegevens, van zoekgeschiedenis over chatgesprekken tot e-mails, kan uitpluizen. 'Veel meer dan een modernisering dus', zeggen de twee juristen.

'Experten denken dat het niet mogelijk is in de praktijk om een verschil te maken tussen hacking en telefoontaps', antwoordt Lacoere.

Ze pareert verder dat de wetgever voor de grootst mogelijke bescherming heeft gekozen. 'Er moet een concrete aanwijzing zijn dat persoon zich schuldig gemaakt heeft aan zware criminele feiten. Enkel voor feiten waarvoor men nu al telefoontaps mag gebruiken, mag men heimelijk zoeken in elektronische communicatie. Niet elke burger moet een heimelijke zoeking vrezen.'

Lacoere gaat volledig akkoord met Conings en Verbruggen als zij vragen om een 'grondig parlementair debat' over de 'aanzienlijke uitbreiding van bevoegdheid'. 'Dat debat is aan de gang', besluit de woordvoerster. (BELGA/JVL)

De wet op bijzondere opsporingsmethoden (BOM) is een lastig geval. Eerder versies werden al verschillende keren door het Grondwettelijk Hof vernietigd werd. Het nieuwe wetsontwerp van Justitieminister Koen Geens is hetzelfde lot beschoren, vrezen onderzoeker Charlotte Conings en hoogleraar strafrecht Frank Verbruggen van de KU Leuven in een opiniestuk in De Standaard. De modernisering is nodig, daar zijn alle partijen het over eens. De wet is al 13 jaar niet meer gewijzigd en dateert dus nog uit een tijd dat pakweg smartphones niet ingeburgerd waren. Het nieuwe voorstel moet daarom vooral een duidelijk kader scheppen over hoe met die nieuwe technologie om te gaan. 'Het ontwerp bakent duidelijk af voor welke zoekingen de politie, het parket dan wel de onderzoeksrechter bevoegd is', zegt Sieghild Lacoere, de woordvoerder van Koen Geens. Hoe ver dat die wetswijziging mag gaan, is een ander paar mouwen. Conings en Verbruggen stellen vast dat in het wetsontwerp de voorafgaande rechterlijke controle beperkt blijft tot heimelijke hackings. Kortom: enkel als het parket het wachtwoord van uw computer of smartphone niet vindt of kent, moet het de onderzoeksrechter om toestemming vragen. Anders mag het vrij uw toestellen verkennen. 'Dit wetsontwerp slaagt er niet in een evenwicht te vinden tussen het klassieke en digitale speurwerk', oordelen Conings en Verbruggen. Lacoere benadrukt dat de Privacycommissie het ontwerp een gunstig advies gaf. 'Ze verzet zich er niet tegen dat het parket bevoegd zou zijn voor alle niet-geheime zoekingen in informaticasystemen', klinkt het. 'Verder moet het Openbaar Ministerie erover waken dat het bewijs wettig werd verzameld.' Daarnaast vinden Conings en Verbruggen het niet kunnen dat de nieuwe wet telefoontaps gelijkschakelt met de heimelijke hacking van smartphones, computers en andere IT-systemen. De redenering luidt dat wie uw telefoongesprekken natrekt, veel minder over uw weet dan wie uw computergegevens, van zoekgeschiedenis over chatgesprekken tot e-mails, kan uitpluizen. 'Veel meer dan een modernisering dus', zeggen de twee juristen.'Experten denken dat het niet mogelijk is in de praktijk om een verschil te maken tussen hacking en telefoontaps', antwoordt Lacoere. Ze pareert verder dat de wetgever voor de grootst mogelijke bescherming heeft gekozen. 'Er moet een concrete aanwijzing zijn dat persoon zich schuldig gemaakt heeft aan zware criminele feiten. Enkel voor feiten waarvoor men nu al telefoontaps mag gebruiken, mag men heimelijk zoeken in elektronische communicatie. Niet elke burger moet een heimelijke zoeking vrezen.'Lacoere gaat volledig akkoord met Conings en Verbruggen als zij vragen om een 'grondig parlementair debat' over de 'aanzienlijke uitbreiding van bevoegdheid'. 'Dat debat is aan de gang', besluit de woordvoerster. (BELGA/JVL)