'In onze familie is het een traditie om elkaar te plagen.' Jan Nolf, gewezen vrederechter en justitiewatcher, staat op sociale media te boek als een fervent Twitteraar. Plaagstoten horen bij zijn repertoire. 'Ik zet er meestal nog een smiley bij. Daarmee wil ik zeggen: het is maar voor te lachen, mensen.'
...

'In onze familie is het een traditie om elkaar te plagen.' Jan Nolf, gewezen vrederechter en justitiewatcher, staat op sociale media te boek als een fervent Twitteraar. Plaagstoten horen bij zijn repertoire. 'Ik zet er meestal nog een smiley bij. Daarmee wil ik zeggen: het is maar voor te lachen, mensen.'Maar alvast één iemand kon er niet mee lachen. Eind september noemde Vlaams minister van Justitie Zuhal Demir (N-VA) de Gentse burgemeester Mathias De Clercq (Open VLD) een 'stokende haatsmurf' op Twitter. Nolf laakte die bewoordingen. Het leverde hem een blokkering op door de minister.Nolf, die officieel journalist is, zegt dat ze daarmee een stap te ver gaat. Volgens de ex-rechter publiceren ministers belangrijke beleidsmededelingen op Twitter. Met het blokkeren worden journalisten - ook burgers - afgesloten van die informatie. 'Als ik geblokkeerd wordt door de uitvoerende macht, dan vind ik dat een geval van intimidatie en arrogantie van de macht', zegt hij. Twitter, zo zegt Nolf, is een cruciaal onderdeel van het beleid geworden. 'Veel journalisten vernemen iets voor het eerst via sociale media. Als je door een blokkering moet wachten op een verklaring in het parlement of op een communiqué via persagentschap Belga, dan zit je als journalist met een vertraging. Het is onsportief en het druist in op de vrijheid van de pers.'Niet alleen wat ministers publiceren is relevant, ook het weghalen van tweets is veelzeggend voor hun beleid, vindt Nolf. Bovendien kunnen geblokkeerde Twitteraars niet langer rechtstreeks antwoorden op een tweet. Dat druist volgens de justitiespecialist in tegen de vrijheid van meningsuiting. 'Ik heb geen recht om een antwoord te krijgen, maar ik moet wel een vraag kunnen stellen.'Parlementsleden en andere publieke figuren zoals Hendrik Vuye (UNamur) blokkeren Nolf ook. 'Maar daar laat ik mijn slaap niet voor. De uitvoerende macht bepaalt daarentegen wat ik mag en niet mag doen. Dit is een kernzaak.'De ex-rechter stapte daarom naar het Meldpunt Agressie tegen Journalisten van de Vlaamse Vereniging van Journalisten. Daarbij voegt hij een document toe waarin hij op een dertigtal pagina's zijn stelling onderbouwt. In eerste instantie vraagt hij een gesprek met Demir. Hij geeft zelfs concrete alternatieven. 'Ze kan me ontvolgen of zelfs dempen of muten. Ik ben het orakel van Delphi niet, ze moet mij niet lezen en ze mag in haar ivoren toren blijven', zegt Nolf. 'Maar ik moet haar tweets wel kunnen blijven lezen.'Als dat allemaal geen soelaas zou bieden, dan sluit Nolf juridische stappen niet uit. De strategie zit al in zijn hoofd, zegt hij. Hij hoopt dat het niet zover moet komen. In ieder geval zou de zaak een precedentswaarde hebben. In de Verenigde Staten moet het Hooggerechtshof zich nog uitspreken over een gelijkaardige zaak rond president Donald Trump en het blokkeren van burgers. Volgens Nolf hebben de klagers, een instituut verbonden aan Columbia University, een goede kans om te winnen. Eerder kregen ze in eerste aanleg en tweemaal in beroep al gelijk. Volgens dat Knight Institute is het account van de Amerikaanse president een 'publiek forum' en dus onderhevig aan het First Amendment van de grondwet, dat onder meer de persvrijheid regelt. De justitiewatcher haalt voor de Belgische case een resem rechtsbronnen aan. Zo is er het Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens, maar ook de Belgische wet op de openbaarheid van bestuur.Nolf zegt dat het 'trumpiaanse government by Twitter' is overgewaaid naar ons land. Het was volgens de ex-rechter een kwestie van tijd vooraleer de vraag ook bij ons ging leven. Dat het uitgerekend de Vlaamse justitieminister is die hem blokkeerde, noemt hij een 'juridisch cadeau'.