Ik zit graag in mijn eigen bubbel. In tijden van polarisering zelfs liever en liever. Tegelijk besef ik dat die houding een gevaar inhoudt: als ik me blijvend afsluit, begrijp ik straks niets meer van de samenleving.
...

Ik zit graag in mijn eigen bubbel. In tijden van polarisering zelfs liever en liever. Tegelijk besef ik dat die houding een gevaar inhoudt: als ik me blijvend afsluit, begrijp ik straks niets meer van de samenleving. Daarom lees ik de politieke denker Niccolò Machiavelli (1469-1527). Hij toont dat je politiek alleen begrijpt als je je blijft interesseren voor wat de ander zegt. Zelfs voor de ander die een standpunt inneemt dat onverzoenbaar is met het jouwe. Ik lees Machiavelli dus niet als de verdediger van een cynische, almachtige heerser, de vorst die met niemand rekening houdt. Voor mij is Machiavelli een voorstander van de vrije republiek. In zijn Discorsi. Gedachten over staat en politiek onderzoekt Machiavelli de essentie van het politieke. Die vindt hij in de Romeinse republiek, omdat die staatsvorm instellingen heeft opgebouwd die een funderend conflict toelaten: de strijd tussen botsende visies op het algemeen belang. Uit die onophoudelijke strijd vloeien wetten voort die de vrijheid bevorderen. Politieke filosofie impliceert dus geen harmonische visie op de verschillende groepen in de samenleving, zoals Plato en Aristoteles meenden. Dit conflict speelt tussen de elite en het volk. De elite wil haar macht bestendigen en vergroten, terwijl het volk naar vrijheid streeft en bevoogding afwijst. Nooit kan die spanning volledig worden opgelost: als de elite te veel macht verwerft, wordt ze tiranniek. Als het volk zich te veel bevrijdt, ontstaat anarchie. Uit dit funderend conflict volgt Machiavelli's analytische houding: wie iets van politiek wil begrijpen, moet de standpunten van beide posities kunnen innemen. Dat is precies wat Machiavelli doet. In de 'Opdracht' van Il Principe gebruikt hij het beeld van de kunstschilder, die vanaf de bergtop het dal schildert en vanuit het dal de berg afbeeldt. Pas door beide perspectieven in te nemen, krijg je een realistische kijk op de werkelijkheid. Als je de tegenstander wilt begrijpen, moet je zijn verlangens vatten. Wat drijft hem of haar? Welke noodzaak zet hem of haar in beweging? Dat zijn de cruciale vragen. Om die te beantwoorden heb je zowel je rede als je verbeelding nodig, zoals de schilder in een geslaagd portret de gelaatstrekken realistisch weergeeft, terwijl hij ook naar het karakter van de geportretteerde peilt. Machiavelli bekritiseert visies op politiek die deze pluraliteit miskennen, omdat ze het politieke conflict als een moreel, religieus of sektarisch conflict interpreteren. Dat was het geval bij de dominicaanse priester Savonarola, die enkele jaren de plak zwaaide in Firenze. In een brief vertelt Machiavelli dat die man in zijn preken 'zijn volgelingen als de grootste heiligen en zijn tegenstanders als de ergste misdadigers afschilderde'. Dan wordt de tegenstander een te vernietigen vijand, een duivelse figuur die niets goeds te bieden heeft. Zulke verdeeldheid in goede en slechte mensen is politiek nefast. Verdeel mensen niet in hokjes, want niemand is door en door goed, of door en door slecht, volgens de Florentijn. Het politieke spel in de vrije republiek kan ook bedreigd worden, wanneer leden van de elite onderling in een machtsstrijd zijn verwikkeld. In Firenze bekampten Witte en Zwarte Welfen elkaar, bijvoorbeeld. Zo'n gewelddadig conflict verstoort de dynamiek tussen volk en elite: als politieke conflicten eigenlijk twisten tussen clans of dynastieën zijn, laten ze geen vrijheid meer toe. Je moet dus eerst observeren, en je oordeel uitstellen. Machiavelli's diepe afkeer voor bepaalde figuren - bijvoorbeeld paus Julius II - weerhield hem er niet van politieke acties nauwkeurig te analyseren. Elk perspectief benaderde hij als een politieke realiteit, zonder het moreel te veroordelen. Dit betekent ook dat een politiek filosoof altijd verder moet denken. De gemaakte analyse is nooit af. Dat kan niet, want de wereld is in beweging: de verschillende uitdrukkingen van het politieke conflict zijn voortdurend in verandering.