Iedereen kent wel iemand die altijd en overal te laat komt, lazen we onlangs in Metro. 'Die persoon kan er weinig aan doen, blijkt uit een Amerikaans onderzoek, want het is een gevolg van zijn persoonlijkheid. Laatkomers kunnen van nature niet goed om met tijd.' Dat laatkomers straffen op school niet lijkt te werken, is 'volgens een onderzoeksteam van de School of Business van de universiteit van New York niet meer dan logisch', lazen we. 'Zij stellen dat de ontspannen persoonlijkheid van die personen de oorzaak is van de vertragingen, schrijft The Wall Street Journal (WSJ).' Chronische laatkomers kunnen niet goed inschatten hoelang een taak zal duren, waardoor ze vaak hopeloos achter op schema lopen, berichtte Metro. Uit een exper...

Iedereen kent wel iemand die altijd en overal te laat komt, lazen we onlangs in Metro. 'Die persoon kan er weinig aan doen, blijkt uit een Amerikaans onderzoek, want het is een gevolg van zijn persoonlijkheid. Laatkomers kunnen van nature niet goed om met tijd.' Dat laatkomers straffen op school niet lijkt te werken, is 'volgens een onderzoeksteam van de School of Business van de universiteit van New York niet meer dan logisch', lazen we. 'Zij stellen dat de ontspannen persoonlijkheid van die personen de oorzaak is van de vertragingen, schrijft The Wall Street Journal (WSJ).' Chronische laatkomers kunnen niet goed inschatten hoelang een taak zal duren, waardoor ze vaak hopeloos achter op schema lopen, berichtte Metro. Uit een experiment waarbij proefpersonen moesten gokken wanneer er een minuut voorbij was, bleek ook dat laatkomers minder goed kunnen inschatten hoe snel de tijd vooruitgaat. 'Te laat komen is een gevolg van je persoonlijkheid', kopte Metro boven het stuk. Klopt dat? Psychologen meten persoonlijkheid met vragen over wat ze 'de grote vijf' noemen. Die persoonlijkheidsdimensies gaan over hoe 1) inschikkelijk je bent; 2) extravert; 3) zorgvuldig; 4) open, met zin voor avontuur en nieuwigheden; en 5) emotioneel stabiel. Vooral de derde dimensie is hier in het geding, zegt professor persoonlijkheidspsychologie Filip De Fruyt (UGent). 'Mensen die systematisch te laat komen, scoren doorgaans wat minder op de persoonlijkheidsfactor zorgvuldigheid. Wie hoog scoort op zorgvuldig- of consciëntieusheid, is gemiddeld genomen goed voorbereid, planmatig, doelgericht en wél goed op tijd.' Het oorspronkelijke stuk in WSJ - getiteld 'We weten waarom u altijd te laat bent' - bespreekt verschillende studies, waaronder die van professor psychologie Jeff Conte (San Diego State University). Zijn onderzoek 'heeft uitgewezen dat er persoonlijkheidsverschillen zijn die kunnen bijdragen aan chronisch te laat komen', lezen we. Dat klopt. Maar je aard ontslaat je niet van je verantwoordelijkheid, beklemtoont doctor in de psychologie Bart Wille (UAntwerpen). 'Te laat komen is geen gevolg van je persoonlijkheid maar van het feit dat je dat deeltje ervan niet weet te managen.' Het heeft ook te maken met zelfregulatie, beaamt professor orthopedagogiek Dieter Baeyens (KU Leuven). 'Op tijd komen kun je leren. Grote taken in deeltaken opdelen helpt je de totaalduur beter inschatten, bijvoorbeeld. De mensen die vaak te laat komen, zijn vaak ook zij die op honderd-en-een plaatsen dingen noteren in plaats van geïntegreerd hun plannen bij te houden. Ze hebben dikwijls ook geen polshorloge, terwijl dat wel degelijk een verschil kan maken. Op je smartphone kun je zien hoe laat het is, maar sneller en achtelozer check je je pols en weet je of je nog op schema zit.' Op tijd komen moet je natuurlijk wíllen leren, zegt Baeyens. 'Daarbij telt de context ook. In een organisatie die niet stipt start met vergaderen, weegt het voordeel van op tijd komen misschien niet op tegen nog even wat e-mails kunnen beantwoorden. Als je daarentegen essentiële informatie of carrièrekansen dreigt te missen, zul je wellicht wel gemotiveerd zijn.' Met professor De Fruyt: 'Komt wie drie keer zijn vliegtuig mist de vierde keer niet op tijd?'