Op bezoek in Antwerpen op uitnodiging van de lokale SP.A-afdeling, liet Mikael Colville-Andersen zich onlangs een opmerkelijk cijfer ontvallen. 'Auto's staan 95 procent van de tijd geparkeerd', zei de Deense ceo van Copenhagenize Design Company in De Standaard. Colville-Andersen is de man achter de Copenhagenize Index, een beargumenteerde ranking van kennelijk veelal Europese steden naar fietsvriendelijkheid.

Niet de Scheldestad ligt hier ter onderzoek voor, wel het cijfer van Colville-Andersen. Staat de doorsneeauto 95 procent van de tijd stof te verzamelen? En zo ja, tot welke conclusies noopt dat?

Een academisch referentiepunt is Brits onderzoek van John Bates en David Leibling uit 2012, zegt professor Cathy Macharis (VUB-MOBI). 'Volgens die studie staat een gemiddelde auto 96,5 procent van de tijd geparkeerd - thuis of op een bestemming, veelal de werkplaats of een winkel.'

Het persartikel in Fortune dat Morten Kabell van Copenhagen Design Company aan Knack bezorgt ter verantwoording van de claim, grijpt terug naar diezelfde studie.

Wist je dat één deelauto gemiddeld twaalf privéauto's vervangt? Zo maak je ruimte vrij

Verkeersdeskundige Dirk Lauwers (UGent/UAntwerpen)

Ook andere bronnen bevestigen het cijfer. Aan de hand van Nederlandse overheidsstatistieken - over het aantal auto's, het aantal gereden kilometers en uren, en de gemiddelde snelheid - berekent de Nederlandse blog Factory dat een auto bij onze noorderburen '95,92 procent van de tijd geparkeerd staat'.

Statbel heeft niet de data om voor België zo'n schatting maken. Maar 95 procent is ook bij ons aannemelijk, leert een rapport van het Brusselse Hoofdstedelijke Gewest over verplaatsingsgewoonten in Brussel. Voor alle Belgen geldt naar schatting 'een immobiliteitspercentage van 97,6 procent', lezen we daar. Voor de eerste auto van het gezin is dat. Per dag gebruiken alle Belgen samen die auto gemiddeld ruim een halfuur (34,5 minuten).

De overige 23,5 uur staat hij stil. Thuis of op een parkeerplaats, bijvoorbeeld naast de rijweg in de binnenstad. 'Of je nu voor of tegen de auto bent, dat is inefficiënt ruimtegebruik', zegt professor stedenbouwkunde Maarten Van Acker (UAntwerpen). 'De groeiende consensus bij beleidsmakers en academici is dat we auto's van bezoekers moeten opvangen net buiten de stad - bij voorkeur "gestapeld" in slimme gebouwen - en van daaruit vlot openbaar vervoer moeten voorzien, fietsen, segways, whatever om naar de binnenstad te gaan.'

Ter inspiratie verwijst Van Acker naar Barcelona. 'Wat bij ons op stadsniveau gebeurt, doen ze daar ook op wijkniveau. Per wijk - een superblok van een aantal straten - is er een buurtparking waarop bewoners hun auto parkeren op minder dan vijf minuten wandelen. De straten binnen zo'n superblok zijn nog - traag! - berijdbaar voor wie de kinderen of boodschappen wil droppen. Maar waar er vroeger parkeerstroken waren, is er nu ruimte voor voetgangers en fietsers.'

Ook de alternatieven voor de auto moeten prijs- en gebruiksvriendelijker worden uitgebouwd, beklemtonen experts. Mobiliteitspakketten bijvoorbeeld, zegt Macharis. 'Abonnementen op maat, die verschillende transportmiddelen combineren.' En deelautosystemen, vult verkeersdeskundige Dirk Lauwers (UGent/UAntwerpen) aan. 'Wist je dat één deelauto gemiddeld twaalf privéauto's vervangt? Zo maak je ruimte vrij.'

Volgens Statbel hebben acht op de tien gezinnen een eigen auto. Ruim één op de vijf (22 procent) heeft er twee. Vier op de honderd hebben er drie of meer.

Conclusie

Knack beoordeelt de claim als waar. Wetenschappers noemen de 95 procent van Colville-Andersen 'zelfs een conservatieve schatting'.

Krasse uitspraak, straf cijfer of dito feit in de actualiteit gezien? Stuur uw vraag met exacte bronvermelding van het citaat naar factchecker@knack.be.

Reageren op dit artikel kan u door een e-mail te sturen naar lezersbrieven@knack.be. Uw reactie wordt dan mogelijk meegenomen in het volgende nummer.

Op bezoek in Antwerpen op uitnodiging van de lokale SP.A-afdeling, liet Mikael Colville-Andersen zich onlangs een opmerkelijk cijfer ontvallen. 'Auto's staan 95 procent van de tijd geparkeerd', zei de Deense ceo van Copenhagenize Design Company in De Standaard. Colville-Andersen is de man achter de Copenhagenize Index, een beargumenteerde ranking van kennelijk veelal Europese steden naar fietsvriendelijkheid. Niet de Scheldestad ligt hier ter onderzoek voor, wel het cijfer van Colville-Andersen. Staat de doorsneeauto 95 procent van de tijd stof te verzamelen? En zo ja, tot welke conclusies noopt dat? Een academisch referentiepunt is Brits onderzoek van John Bates en David Leibling uit 2012, zegt professor Cathy Macharis (VUB-MOBI). 'Volgens die studie staat een gemiddelde auto 96,5 procent van de tijd geparkeerd - thuis of op een bestemming, veelal de werkplaats of een winkel.' Het persartikel in Fortune dat Morten Kabell van Copenhagen Design Company aan Knack bezorgt ter verantwoording van de claim, grijpt terug naar diezelfde studie. Ook andere bronnen bevestigen het cijfer. Aan de hand van Nederlandse overheidsstatistieken - over het aantal auto's, het aantal gereden kilometers en uren, en de gemiddelde snelheid - berekent de Nederlandse blog Factory dat een auto bij onze noorderburen '95,92 procent van de tijd geparkeerd staat'. Statbel heeft niet de data om voor België zo'n schatting maken. Maar 95 procent is ook bij ons aannemelijk, leert een rapport van het Brusselse Hoofdstedelijke Gewest over verplaatsingsgewoonten in Brussel. Voor alle Belgen geldt naar schatting 'een immobiliteitspercentage van 97,6 procent', lezen we daar. Voor de eerste auto van het gezin is dat. Per dag gebruiken alle Belgen samen die auto gemiddeld ruim een halfuur (34,5 minuten). De overige 23,5 uur staat hij stil. Thuis of op een parkeerplaats, bijvoorbeeld naast de rijweg in de binnenstad. 'Of je nu voor of tegen de auto bent, dat is inefficiënt ruimtegebruik', zegt professor stedenbouwkunde Maarten Van Acker (UAntwerpen). 'De groeiende consensus bij beleidsmakers en academici is dat we auto's van bezoekers moeten opvangen net buiten de stad - bij voorkeur "gestapeld" in slimme gebouwen - en van daaruit vlot openbaar vervoer moeten voorzien, fietsen, segways, whatever om naar de binnenstad te gaan.' Ter inspiratie verwijst Van Acker naar Barcelona. 'Wat bij ons op stadsniveau gebeurt, doen ze daar ook op wijkniveau. Per wijk - een superblok van een aantal straten - is er een buurtparking waarop bewoners hun auto parkeren op minder dan vijf minuten wandelen. De straten binnen zo'n superblok zijn nog - traag! - berijdbaar voor wie de kinderen of boodschappen wil droppen. Maar waar er vroeger parkeerstroken waren, is er nu ruimte voor voetgangers en fietsers.' Ook de alternatieven voor de auto moeten prijs- en gebruiksvriendelijker worden uitgebouwd, beklemtonen experts. Mobiliteitspakketten bijvoorbeeld, zegt Macharis. 'Abonnementen op maat, die verschillende transportmiddelen combineren.' En deelautosystemen, vult verkeersdeskundige Dirk Lauwers (UGent/UAntwerpen) aan. 'Wist je dat één deelauto gemiddeld twaalf privéauto's vervangt? Zo maak je ruimte vrij.' Volgens Statbel hebben acht op de tien gezinnen een eigen auto. Ruim één op de vijf (22 procent) heeft er twee. Vier op de honderd hebben er drie of meer.