Elke week vraagt Knack aan ondernemende mensen hoe ze lijf en psyche in balans houden.
...

Enorm ambitieus, zo hadden zijn vrienden hem om- schreven. Klopt, zegt Erik Moniquet. 'Ik wil met zaken bezig zijn die me energie geven. En dat is: mijn lat hoog leggen en zo veel mogelijk impact proberen te hebben.' Moniquet & Company is een 'strategy consultant', het geeft strategisch advies aan andere bedrijven over hoe ze kunnen groeien en telt momenteel drie werknemers. Dat mogen er 300 worden als het aan de bedrijfsleider ligt. En het hoeft geen tien jaar meer te duren. Nadat u eerst een aantal jaren voor de overheid had gewerkt, richtte u in 2015 uw eigen bedrijf op. Wat was uw drive? Erik Moniquet: Toen ik mijn diploma sociologie had behaald, verstuurde ik 150 sollicitatiebrieven. En de overheid was de enige plek waar ik op gesprek mocht komen. Ik heb daar vrij snel carrière kunnen maken, vandaar dat ik er langere tijd gebleven ben. Maar het is nooit mijn ambitie geweest om als ambtenaar te werken. Als kind droomde ik al van een eigen bedrijf. Wat was het dat u daarin aantrok? De baas zijn? Moniquet: Eerder het idee dat je iets kunt creëren en opbouwen. Nu ja, de baas zijn ligt me wel, dat kan ik niet ontkennen. Omdat ik altijd afhankelijk was van anderen, wist ik al vrij snel hoe ik mensen moest motiveren om mij te helpen. Bij de overheid had ik ook een leidinggevende functie. Wat de doorslag heeft gegeven, was een film die ik op mijn negende zag. In The Secret of My Success trekt Michael J. Fox naar New York om het daar te gaan maken, en het idee van jezelf te willen overstijgen heeft me sindsdien niet meer losgelaten. Bent u een autoritaire leider? Moniquet: Ik ben dominant van nature, maar niet autoritair. Ik weet waar ik naartoe wil en ik ben veeleisend voor de mensen met wie ik samenwerk, maar ik ben geen bullebak. Een vriend van u zei me dat u wel scherp en direct uit de hoek kunt komen. Moniquet: Dat klopt. Ik hou van duidelijkheid. Goed samenwerken kan maar door goede afspraken te maken. Niet altijd gemakkelijk in dit land. Ik kan die typisch Belgische vaagheid wel hanteren als het moet, maar ik ben er geen voorstander van. Rond de pot draaien is niks voor mij. Is dat altijd zo geweest? Moniquet: Ik denk het wel. Het is ook nodig. Ik kan bijvoorbeeld mijn kleren niet zelf aan- of uitdoen, en opdat het zou gebeuren zodat het me geen pijn doet, moet ik heel nauwkeurige instructies geven aan de persoon die me helpt. Kunt u het hoofd koel houden in coronatijden? Moniquet: Het is een uitdaging om rationeel te blijven dezer dagen, maar ik ben niet iemand die snel in paniek slaat. Ik ben natuurlijk wel een risicopatiënt, dus ik zit samen met mijn ouders al een tijd thuis in quarantaine. Bedrijfsmatig valt het ook voor ons deels stil: nieuwe deals worden er amper gesloten. Anderzijds kunnen onze huidige klanten, zowel bedrijven als overheden, nu zeker strategisch advies gebruiken over hoe ze deze crisis zo goed mogelijk kunnen overleven. We zijn dus nog niet werkloos. U bent geboren met spinale musculaire atrofie (SMA). Wat houdt dat precies in? Moniquet: Het is een zenuwziekte die ertoe leidt dat mijn brein bepaalde signalen niet correct doorgeeft aan mijn spieren, waardoor ik verminderde spierkracht heb. Ik kan niet stappen en heb moeite om mijn armen op te richten. In principe is het een stabiele aandoening en wordt het niet erger als je je oefeningen doet, maar daar heb ik vaak de tijd niet voor. Ik hoorde dat u ooit gebokst hebt? Moniquet: Dat was een van de dingen die ik deed om in conditie te blijven. Thuis hangt er een boksbal. Maar ik gebruik hem niet meer. Staat die boksbal ook symbool voor het gevecht dat u levert? Moniquet: Goh, onbewust misschien wel. Ik moet in elk geval dagelijks vechten. Tegen vooroordelen, bijvoorbeeld. Om een of andere reden denkt men vaak dat iemand met een fysieke handicap ook wel een mentale handicap zal hebben. Daar heb ik het heel moeilijk mee. De toegankelijkheid voor mensen in een rolstoel is ook een heel grote uitdaging. Zelfs gebouwen van de Vlaamse overheid beantwoorden vaak niet aan de norm. Soms hangt de bel zo hoog dat niemand in een rolstoel die kan bereiken. Of is de nooduitgang een trap naar beneden. Ik heb dat al vaak aangeklaagd, maar de overheid beweegt daarin zeer traag. Al te vaak zijn bedrijven ook niet toegankelijk voor wie in een rolstoel zit. Ik beschouw dat als een verminderde kans op succes voor mensen zoals ik, en een grote onrechtvaardigheid. Wat niet betekent dat ik me als een slachtoffer beschouw, want zo voel ik me totaal niet. Ik zal mijn doel ook wel bereiken ondanks die beperkte toegankelijkheid, maar het maakt de weg ernaartoe onnodig langer. Er zijn heel veel talenten die door een beperking de weg naar de arbeidsmarkt niet vinden. En dat terwijl we in een kennismaatschappij leven en er tal van vacatures openstaan. Er moet echt een mentaliteitswijziging komen. Toch ben ik niet voor quota of positieve discriminatie van minderheden. Want dat versterkt alleen maar het stigma. U gruwt van slachtofferschap? Moniquet: Enorm. Ondanks het feit dat ik genoeg redenen zou hebben om in die rol te kruipen, weiger ik dat te doen. Zo ben ik niet opgevoed. Het idee dat anderen verantwoordelijk zijn voor de omstandigheden waarin ik leef, vind ik hallucinant. Ik haat het ook als mensen zeggen dat ze het mooi vinden wat ik doe. Waarom? Tegen een ondernemer die niet in een rolstoel zit zou je dat toch ook niet zeggen? Zoals iedereen maak ik gewoon keuzes om mijn leven zo goed mogelijk te leiden. Waarom is dat dan 'mooi'? U hebt het nooit onrechtvaardig gevonden dat u een handicap hebt? Moniquet: Nee. Natuurlijk heb ik het er soms moeilijk mee gehad. Zeker in mijn jeugd. Maar vandaag zie ik het eerder als een geschenk. Ik zit in de ideale positie om een voortrekkersrol aan te nemen. Ik hoop dat ik wegens de combinatie van mijn handicap en mijn verstand een verschil kan maken in de mentaliteitswijziging. Ik reken mezelf trouwens niet tot de groep van 'mensen met een handicap'. Ik zit wel in een rolstoel, maar ik voel me totaal niet gehandicapt. U hebt voor alles hulp nodig, zei u daarstraks. Daar hebt u geen moeite mee? Moniquet: Ik sta er niet meer bij stil. Ik besef wel heel goed dat een aantal mensen voor mij moeten zorgen, en ik ben ze daar heel dankbaar voor, maar ik voel me niet elke keer slecht als ik hulp moet vragen. Momenteel woon ik nog bij mijn ouders, maar ik heb een stuk grond gekocht en start in april met de bouw van een huis. Zodat ik mijn leven kan leiden zonder dat ik afhankelijk ben van mijn ouders. Zij zorgen al 38 jaar voor mij, ze verdienen hun rust. Er zijn ook enkele heel goeie vrienden die mij helpen. Ik volg een MBA aan de Vlerick Business School en zij voeren mij in de weekends naar Brussel als we les hebben. Hoe zijn de resultaten van die MBA? Moniquet: Ik mag niet klagen. In juni moet ik afstuderen, en tot nu ben ik voor alles geslaagd. Maar het is best intensief. Studeren, papers schrijven, een thesis schrijven: in combinatie met een voltijdse job is dat niet evident. Voor mijn thesis ben ik aan het onderzoeken hoe ik naast mijn huidige bedrijf een tweede kan opstarten. Daarvoor wil ik mijn pijlen richten op private equity: investeerders die slecht draaiende bedrijven opkopen, verbeteren en opnieuw verkopen. Het zou goed bij mijn karakter passen. Ik vind groei en vooruitgang heel belangrijk. Ik ben ook ongeduldig, en word gek van routine. De dingen die voortkabbelen zoals ze zijn: vreselijk. Nu we het over uw brein hebben: u leest ongeveer 60 boeken per jaar, is mij verteld. Moniquet: Klopt. Meestal non-fictie: geschiedenis, economie, politiek, business. Momenteel ben ik Antifragiel van de Libanese auteur Nassim Nicholas Taleb aan het lezen, over hoe de mens baat heeft bij bepaalde vormen van chaos en wanorde, en we de onzekerheid moeten omarmen. Sommige onverwachte gebeurtenissen zijn goed voor ons, zegt Taleb, we worden daar weerbaarder en sterker van. Dat is herkenbaar. Ik denk ook dat hoe meer uitdagingen je tegenkomt, hoe beter je met tegenslag kunt omgaan en hoe sterker je dus wordt. Ik geniet er enorm van zulke boeken te lezen. Als ondernemer heb je een brede basis nodig, vind ik. Ik hecht ook nog veel belang aan algemene kennis, ook al word je daar tegenwoordig 'old school' of conservatief voor genoemd. Vreemd. Ik zie niet in wat er ouderwets is aan het kennen van je klassiekers, het respecteren van formaliteiten bij bepaalde gelegenheden, of het zoeken naar inhoud. Te vaak lees ik artikels of hoor ik nieuwsitems die te kort door de bocht zijn, zonder de nodige nuance of objectiviteit. Onze maatschappij is de diepgang een beetje kwijt. Geen goede zaak. Is er plaats voor relationele liefde in uw leven? Moniquet: Op dit moment niet. Dat mis ik soms wel, ja. Hebt u een kinderwens? Moniquet: Vroeger meer dan nu. Mijn zus heeft drie kinderen, en dat doet me weleens beseffen dat een leven zonder kinderen ook zijn voordelen heeft. (lacht)Is uw aandoening erfelijk? Moniquet: Ja, en mocht mijn vrouw hetzelfde gen dragen, is er een substantieel verhoogde kans dat onze kinderen ook met SMA geboren worden. Je kunt je daar wel op laten testen. Mijn ouders waren allebei drager van het gen zonder dat ze het wisten. Het is zo'n zeldzame ziekte dat er niet standaard op getest wordt bij een zwangerschap. Koestert u de hoop dat u ooit opnieuw zult kunnen stappen? Moniquet: Ik heb een sterk geloof in de wetenschap, en misschien maak ik ooit de dag nog mee dat er een geneesmiddel zal zijn dat mensen met mijn aandoening kan helpen, maar voor mezelf hoop ik er niet op. Ook al omdat mijn spieren zodanig verzwakt zijn dat het tal van complicaties met zich mee zou brengen mocht ik opnieuw kunnen stappen. Kunt u nog fysieke pijn ervaren? Moniquet: Ik voel pijn zoals alle andere mensen. Mijn ruggengraat is met twee ijzeren staven gefixeerd, en bepaalde bewegingen voel ik heel hard. Maar ik denk wel dat mijn pijngrens vrij hoog ligt. Hoofdpijn van het denken, hebt u dat soms? Moniquet:(lacht) Nooit. Hoofdpijn van het drinken daarentegen gebeurt weleens. Doet u dat graag, eten en drinken? Moniquet: Ik geniet daar enorm van. Het mag gastronomisch zijn, maar tegen een goed pak friet zeg ik ook geen nee. Het belangrijkste is om het met de juiste mensen te kunnen delen. Een lekkere maaltijd, fijne wijn en goeie gesprekken voeren met vrienden: heerlijk. Waarover we dan praten? Over de dingen des levens, zoals dat heet. En over voetbal, natuurlijk. Ik ben een grote Standard-supporter. Dat is overgegaan van vader op zoon. Vroeger gingen we samen naar de matchen kijken, nu volgen we ze meestal op tv. Zijn er ondernemers naar wie u opkijkt? Moniquet:(zonder aarzelen) Fernand Huts, Vic Swerts, Roland Duchâtelet, Bart Verhaeghe, Gert Verhulst en Hans Bourlon. Met Huts zou ik heel graag eens van gedachten wisselen. Huts koopt kunst. Wat zou u doen mocht u die financiële mogelijkheden hebben? Moniquet: Ik zou de filantropische kant opgaan. Ik geloof in de filosofie die de Harvard Business School uitdraagt: de eerste helft van je leven moet je accumuleren, daarna moet je teruggeven aan de maatschappij. Ik zit nog niet in de tweede helft, maar teruggeven doe ik nu al, denk ik, door mijn ambitie om de dingen te veranderen. Het leven wordt veel interessanter als we dingen doen die groter zijn dan onszelf. Dat geldt bij uitstek voor ondernemen. Heeft het ondernemen u veranderd? Moniquet: Wel, ik noemde me daarstraks eerder conservatief, maar ik ben toch veel meer openminded dan enkele jaren geleden. Je komt interessante mensen tegen, je leert nieuwe invalshoeken kennen, je leest veel: dat verandert een mens. Vroeger twijfelde ik veel minder aan mijn eigen mening dan nu. Vroeger kon ik bijvoorbeeld moeilijk begrijpen dat mensen met kinderen scheiden. Maar vandaag heb ik vrienden die in heel moeilijke relaties hebben gezeten, en heb ik ingezien dat het soms beter is voor alle partijen als mensen uit elkaar gaan. Misschien ben ik dus een beetje progressiever geworden. (lacht) In alle ernst: ik denk dat België op een aantal vlakken veel te bekrompen is. Of het nu gaat om andere culturen of andere meningen, we hebben daarin veel meer openheid nodig. Een tijd geleden las ik het boek Thinking Fast and Slow van Daniel Kahneman. Hij is een invloedrijke psycholoog en kreeg de Nobelprijs voor Economie voor zijn onderzoek naar hoe mensen denken en beslissingen nemen. Kahneman zegt dat wij mensen veel minder rationeel zijn dan we denken. Het zou niet slecht zijn mochten we ons dat wat meer realiseren. Meer zelfs, dat boek zou verplichte literatuur mogen zijn. Bent u soms emotioneel? Moniquet: Soms wel. Als Standard wint? Moniquet: Exact. Als ze verliezen nog meer. (lacht) Professioneel ben ik zelden emotioneel. Ik heb wel een persoonlijke band met mijn medewerkers. Het zou jammer zijn als je acht à negen uur per dag samenwerkt en geen oog hebt voor wat er bij je mensen thuis gebeurt. Maar als bedrijfsleider zal ik nooit emotioneel reageren. Mij kwaad maken doe ik ook zelden. Wanneer was de laatste keer dat u zwaar ontroerd was? Moniquet:(denkt na) Ik heb onlangs de zes volumes van The Second World War van Winston Churchill uitgelezen. Als ik denk aan wat die man betekend heeft voor de westerse maatschappij, en aan de gepolariseerde wereld waarin we nu leven, dan raakt me dat. Waar zijn we mee bezig, vraag ik me weleens af. Maar bon, ik wil niet te zwaar op de hand worden. Een mens moet altijd alles kunnen relativeren. Ik wil overal de humor van blijven inzien. Zelfs van Belgisch, Vlaams of geopolitiek gefrunnik. (lacht)