Emmanuel André nam vannamiddag ruimschoots de tijd om op de vragen van de commissieleden te antwoorden. Hij betreurde daarbij het gebrek aan leiderschap en de institutionele structuur van ons land. "We hebben geen echt leiderschap zien ontstaan" tijdens de eerste golf van de corona-epidemie, luidde het. "En dat is spijtig. We hadden gedacht dat de federale minister van Volksgezondheid die rol zou spelen. Maar we hebben vastgesteld dat de epidemie haar ding niet was. Ze voerde veeleer een communicatie om zich te rechtvaardigen dan om leiderschap aan de dag te leggen. Verschillende experten hebben toen het woord genomen terwijl het mogelijk was een leidersfiguur te hebben." André pleitte voor meer samenwerking tussen de verschillende instanties en disciplines. "Het systeem was niet klaar om een snelle toename van het aantal patiënten te beheren. Het was performant om passief toe te zien. Maar je kan dezelfde systemen niet inzetten om een epidemie het hoofd te bieden." Volgens hem is er nood aan een zo groot en heterogeen mogelijk systeem, want dat maakt het juist sterker. "Als we een systeem tot de gewesten beperken, dan gaan we opnieuw problemen meemaken. Als we ons naar Europa keren, dan zouden we beter in staat zijn de schokken op te vangen", luidde het. Hij stelde ook naar eigen vast dat de institutionele dijken op het terrein zijn doorgebroken. "Alle barrières die politiek werden ingesteld, zijn een voor een opgeheven", aldus André. "Tijdens de opflakkering in Antwerpen werden enorm veel stalen geanalyseerd in Luik. Bij de sterke toename van het aantal patiënten in Wallonië en Brussel, werden sommigen in Nederlandstalige ziekenhuizen verzorgd." Forse kritiek had André wel voor het systemisch onderscheid tussen het preventieve (bij de gewesten) en het curatieve (op federaal niveau). "De twee van elkaar scheiden en tegenover elkaar zetten, is een extreem grote fout", aldus André. (Belga)

Emmanuel André nam vannamiddag ruimschoots de tijd om op de vragen van de commissieleden te antwoorden. Hij betreurde daarbij het gebrek aan leiderschap en de institutionele structuur van ons land. "We hebben geen echt leiderschap zien ontstaan" tijdens de eerste golf van de corona-epidemie, luidde het. "En dat is spijtig. We hadden gedacht dat de federale minister van Volksgezondheid die rol zou spelen. Maar we hebben vastgesteld dat de epidemie haar ding niet was. Ze voerde veeleer een communicatie om zich te rechtvaardigen dan om leiderschap aan de dag te leggen. Verschillende experten hebben toen het woord genomen terwijl het mogelijk was een leidersfiguur te hebben." André pleitte voor meer samenwerking tussen de verschillende instanties en disciplines. "Het systeem was niet klaar om een snelle toename van het aantal patiënten te beheren. Het was performant om passief toe te zien. Maar je kan dezelfde systemen niet inzetten om een epidemie het hoofd te bieden." Volgens hem is er nood aan een zo groot en heterogeen mogelijk systeem, want dat maakt het juist sterker. "Als we een systeem tot de gewesten beperken, dan gaan we opnieuw problemen meemaken. Als we ons naar Europa keren, dan zouden we beter in staat zijn de schokken op te vangen", luidde het. Hij stelde ook naar eigen vast dat de institutionele dijken op het terrein zijn doorgebroken. "Alle barrières die politiek werden ingesteld, zijn een voor een opgeheven", aldus André. "Tijdens de opflakkering in Antwerpen werden enorm veel stalen geanalyseerd in Luik. Bij de sterke toename van het aantal patiënten in Wallonië en Brussel, werden sommigen in Nederlandstalige ziekenhuizen verzorgd." Forse kritiek had André wel voor het systemisch onderscheid tussen het preventieve (bij de gewesten) en het curatieve (op federaal niveau). "De twee van elkaar scheiden en tegenover elkaar zetten, is een extreem grote fout", aldus André. (Belga)