Deckwitz (1982) kreeg de prijs voor de dichtbundel "De steen vreest mij". "Het is een bundel die ons het meest verbluft deed staan en ons het meest het gevoel gaf dat we niet alleen grote kwaliteit bekronen, maar ook een grote belofte erkennen en bevestigen", aldus de jury. "De steen vreest mij" volgt een familie die zich langzamerhand terugtrekt uit het bestaan. "We zien de zoektocht van een puber naar een eigen identiteit ontsporen met een taalbeheersing die zelfs tot in het laatste detail, tot in de licht kantelende typografie toe, ons als lezer op de rails houdt en ons aan het einde beloont met de nodige morele vragen", luidt het oordeel van de jury. De C. Buddingh'-prijs voor nieuwe Nederlandstalige poëzie werd voor de 25ste keer toegekend. Aan de prijs is een geldbedrag verbonden van 1.200 euro. De jury nomineerde uit 25 ingezonden debuten vier titels. (VKB)

Deckwitz (1982) kreeg de prijs voor de dichtbundel "De steen vreest mij". "Het is een bundel die ons het meest verbluft deed staan en ons het meest het gevoel gaf dat we niet alleen grote kwaliteit bekronen, maar ook een grote belofte erkennen en bevestigen", aldus de jury. "De steen vreest mij" volgt een familie die zich langzamerhand terugtrekt uit het bestaan. "We zien de zoektocht van een puber naar een eigen identiteit ontsporen met een taalbeheersing die zelfs tot in het laatste detail, tot in de licht kantelende typografie toe, ons als lezer op de rails houdt en ons aan het einde beloont met de nodige morele vragen", luidt het oordeel van de jury. De C. Buddingh'-prijs voor nieuwe Nederlandstalige poëzie werd voor de 25ste keer toegekend. Aan de prijs is een geldbedrag verbonden van 1.200 euro. De jury nomineerde uit 25 ingezonden debuten vier titels. (VKB)